De rechtbank in Antwerpen heeft de aanvraag afgewezen van de advocaten van radiomaker Sven Pichal om zijn proces achter gesloten deuren te laten plaatsvinden. Waarom is dat zo'n belangrijk principe in ons rechtssysteem dat burgers zittingen kunnen volgen? En is het wel echt nodig dat wij alle (intieme) details van een zaak kennen?
Geen proces achter gesloten deuren voor Sven Pichal: waarom zijn strafzaken (bijna) altijd openbaar?
Het uitgangspunt van ons Belgische rechtssysteem is duidelijk: in principe zijn alle strafzaken waarin er geoordeeld wordt over de schuld of onschuld van iemand, toegankelijk voor het publiek. Dat betekent dat iedereen die dat wil, die zittingen van de rechtbank mag bijwonen.
"Dat is al zo sinds na de Franse Revolutie", zegt advocaat en expert strafrecht Michele Walgraeve in De Wereld Vandaag op Radio 1. "Voordien was de rechtspraak geheim, maar daar had men democratisch gezien steeds meer problemen mee. Rechters worden namelijk niet verkozen door het volk. Als alles dan ook nog eens in de achterkamers gebeurt, dan ondermijnt dat het vertrouwen in de rechtspraak. Men had het gevoel dat mensen geen eerlijk proces kregen."
Uiteindelijk is dat bijna overal in Europa aangepast en gebeurt de berechting van misdrijven voor een rechtbank ook in ons land (zo goed als) altijd openbaar.
Proces wel of niet achter gesloten deuren? "Rechter gaat vaker in op vraag slachtoffer dan dader"
Uitzonderingen
Een rechter kan wel uitzonderingen toestaan en beslissen om een strafzaak toch achter gesloten deuren te laten plaatsvinden. Wettelijk gezien kan dat als dat nodig is om de openbare orde of openbare zeden te beschermen. "Meestal wordt dat zeer strikt geïnterpreteerd", zegt Walgraeve.
Maar daarnaast is er ook nog een specifieke uitzondering mogelijk voor seksuele misdrijven. "Als de privacy van een van de betrokkenen in het gedrang komt, heeft de rechter in zedenzaken altijd de mogelijkheid om het proces toch achter gesloten deuren te houden."
Dat gebeurde bijvoorbeeld bij het proces over de moord op Julie Van Espen. De familie had toen gevraagd om geen publiek en pers toe te laten om de "integriteit en waardigheid van Julie te beschermen". De rechtbank is toen op die wens ingegaan.
Waarom dan niet in de zaak-Pichal?
Hoe zit het dan precies in de zaak rond radiomaker Sven Pichal? Hij staat terecht voor het bezitten en verspreiden van beelden van kindermisbruik, ook een zedenzaak dus. Ook zijn advocaten hadden gevraagd om geen publiek toe te laten in de rechtszaal, omdat Pichal een publiek persoon is. Zij vrezen dat door de énorme media-aandacht die het proces zal genereren, Pichal niet op een serene manier over zijn privéleven zal kunnen getuigen.
De burgerlijke partijen waren het daar niet mee eens. Advocaat Kris Luyckx, die Child Focus vertegenwoordigt, argumenteerde dat er al veel informatie over de zaak in de media is verschenen. En dat de processen over de drie andere verdachten in de zaak ook al afgehandeld zijn.
De rechtbank besliste uiteindelijk om niet in te gaan op de vraag van Pichal. "Het argument van zijn bekendheid is een tweesnijdend zwaard", vindt Walgraeve. "Enerzijds kan je zeggen dat de bevolking net het recht heeft goed geïnformeerd te worden over de zaak omdat hij een bekend persoon is."
"Anderzijds zal de impact op het privéleven van die publieke zittingen bij Sven Pichal groter zijn dan bij de gemiddelde burger, omdat iedereen weet wie hij is."
Walgraeve merkt ook nog op dat rechters in de praktijk vaak sneller geneigd zijn om in te gaan op een vraag van een slachtoffer daarrond dan van een dader.
Is die openbaarheid vandaag nog een goed idee?
Tot slot kan je volgens Michele Walgraeve ook discussiëren of dat principe van die openbaarheid vandaag nog actueel is. "In 200 jaar tijd is er veel veranderd", zegt hij. "Grote processen zijn tegenwoordig sterk gemediatiseerd. Er worden liveblogs, podcasts en documentaires over gemaakt."
"Die openbare zittingen zijn er ooit gekomen om te garanderen dat je een eerlijk proces krijgt. Maar tegenwoordig kan die publieke aandacht de sereniteit net in het gedrang brengen. Zeker bij zedenzaken loop je dat risico, omdat daar vaak zeer intieme details worden gedeeld."
Er heeft al ooit een wetsvoorstel op tafel gelegen om het principe bij zedenzaken om te draaien en die in de regel altijd achter gesloten deuren te houden. Maar dat heeft het toen niet gehaald.
"Ik zou vooral een oproep willen doen aan de media om in de deontologische spiegel te kijken en na te denken of ze altijd op een waardige manier verslag uitbrengen", besluit Walgraeve. "Men moet altijd uitgaan van het principe van onschuld, anders kan dat een eerlijk proces in gevaar brengen."


