Er is brand uitgebroken aan boord van de stuurloze olietanker Sounion, die 150.000 ton olie aan boord heeft. Woensdag werd het schip beschoten, vermoedelijk door de Houthi-rebellen, waarop de bemanning werd geëvacueerd. De Europese Unie en het Pentagon waarschuwen voor een mogelijke milieuramp.
Brand uitgebroken op stuurloze tanker met 150.000 ton olie op Rode Zee, EU waarschuwt voor milieuramp
De toestand van de MV Sounion is erg onduidelijk. Het schip zou donderdag voor anker gegaan zijn, nadat de 29-koppige bemanning (bestaande uit Filipijnen, Russen en 4 leden van een beveiligingsfirma) geëvacueerd was naar Djibouti.
Maar het schip lijkt nu toch op drift. Daarvoor waarschuwde het Britse centrum voor Maritieme Handelsoperaties (UKMTO), een tak van de Britse zeemacht, gisterenavond in een briefing aan schippers in de regio. Het meldde ook dat er in de loop van vrijdag brand uitgebroken was aan boord, verspreid over 3 verschillende haarden.
Vanuit Europa en de Verenigde Staten klinkt er bezorgdheid over de situatie. De Europese militaire missie op de Rode Zee, waar ook België aan deelneemt, waarschuwde donderdag al dat de olietanker "nu een gevaar betekent voor de scheepvaart en het milieu". Aspides, zoals de missie heet, roept iedereen in de nabijheid van het schip op tot voorzichtigheid. "Het is essentieel dat niemand acties onderneemt die zouden kunnen leiden tot een verslechtering van de situatie", klinkt het.
Nog donderdag waarschuwde het Pentagon, het Amerikaanse ministerie van Defensie, dat er ruwe olie in zee zou kunnen belanden. Een woordvoerster zei dat dat "een milieuramp zou veroorzaken". Volgens een bron bij de Amerikaanse inlichtingendiensten volgen de Amerikanen de situatie op de voet, zegt het nieuwsnetwerk Euronews.
150.000 ton ruwe olie, de vracht van de Sounion, is 4 keer meer dan de hoeveelheid olie die in zee belandde bij de ramp met de Exxon Valdez-tanker die in 1989 aan de grond liep in Alaska. Het is ongeveer de helft van de grootste olieramp met een tanker aller tijden, die met de Atlantic Empress in de Caraïben in 1979.
Al 80 schepen getroffen op Rode Zee
Volgens het UKMTO werd de Sounion woensdag beschoten vanuit 2 bootjes, ongeveer 143 kilometer ten westen van de Jemenitische havenstad Hodeida. Vervolgens werd het nog eens getroffen door 3 ongeïdentificeerde explosieven. Daarbij werd de motor vernield en brak er brand uit.
Nadien bleef de olietanker onder vuur liggen. De Europese militaire missie Aspides zegt dat het bij de reddingsoperatie donderdag een onbemand vaartuig heeft vernietigd dat ook "een onmiddellijke bedreiging" vormde voor de tanker en de bemanning.
Vermoedelijk zitten de Houthi-rebellen achter de aanval. Ze verspreidden gisterenavond beelden waarop een drievoudige explosie op de Sounion te zien zou zijn. Het persagentschap AP, dat de video analyseerde, concludeert uit de beelden dat de explosie het gevolg was van explosieven die zich al aan boord bevonden, en niet van bijvoorbeeld een beschieting met raketten.
Nog in de video zingen Houthi-strijders "God is de grootste, dood aan Amerika, dood aan Israël, vervloekt zijn de Joden, moge de islam overwinnen". De Houthi's hebben de aanval weliswaar nog niet officieel opgeëist.
De Houthi's viseerden sinds november al zo'n 80 schepen op de Rode Zee. Ze doen dat naar eigen zeggen als steunbetuiging aan de Palestijnen in de Gaza-oorlog. Ze zouden Israëlische, Britse of Amerikaanse vaartuigen viseren om zo Israël te treffen, maar lang niet alle getroffen schepen hebben banden met die landen.
In juni brachten de Houthi's nog het vrachtschip Tutor tot zinken, dat geladen was met steenkool. En in februari kelderden ze de Rubymar met 21.000 ton kunstmest aan boord. De Jemenitische regering noemde dat toen "een milieucatastrofe die Jemen en omgeving nog nooit hebben meegemaakt".

