Acht jaar geleden verdwenen 12 gouden munten uit het Begijnhof van Kortrijk. Van de ene op de andere dag waren ze weg. Hoe waardevol zijn die munten? Heeft het onderzoek iets uitgehaald? En zullen ze ooit nog ergens opduiken?
Radio2 verheldert voor de vierde zomer op rij Vlaamse mysteries. Beluister elke aflevering van de podcast op VRT MAX.
Er zijn 13 begijnhoven in Vlaanderen, maar dat van Kortrijk is wellicht een van de mooiste. Net zoals de andere begijnhoven is het door Unesco als werelderfgoed erkend. Het is een oase van rust in het midden van het centrum.
Tussen de 41 huisjes uit de 17e eeuw ligt ook een kapel en de Sint-Annazaal. “Sinds 2014 hebben we in die zaal een belevingscentrum ondergebracht waar we het verhaal van de begijnen vertellen”, zegt Liesbeth Soete, erfgoedbeheerder voor het OCMW van Kortrijk, dat eigenaar is van het Begijnhof. “In een nis in de grond ligt het kruikje waar de munten in lagen, alsof ze net ontdekt zijn.”
Spoorloos verdwenen
Het was op dinsdag 9 augustus 2016 dat Liesbeth ontdekte dat de munten weg waren. “Ik dacht eerst dat er gewoon iets praktisch gaande was. Ik ben collega’s beginnen te bellen om te vragen of zij de munten meegenomen hadden voor onderhoud of iets anders, maar iedereen antwoordde negatief en toen is mijn frank gevallen dat er iets mis was. De gouden munten konden niet anders dan gestolen zijn. Dan heb ik de politie gebeld om de diefstal aan te geven.”
Liesbeth was niet de eerste die ontdekte dat de munten weg waren. Hubert Vromant was in die tijd conciërge van het Kortrijkse Begijnhof en had het de dag ervoor al opgemerkt. “Op maandag was de Sint-Annazaal gesloten voor het publiek, maar ik was er die maandag geweest om nog iets te regelen voor de Beiaardconcerten van die avond en ik zag direct dat de munten weg waren. Maar ik dacht: “Het zal weer iemand van het OCMW zijn die ze is komen halen en die de moeite niet gedaan heeft om mij op de hoogte te stellen.”
In de Sint-Annazaal hangen een aantal camera’s die alle bewegingen registreren. Nadat de politie gewaarschuwd was, hebben Liesbeth en haar collega’s van het OCMW alle camerabeelden van een hele week bekeken. “Op die beelden is inderdaad te zien dat één iemand in de deuropening op de uitkijk staat en dat de andere drie wat rondlummelen. Op een gegeven moment bukt iemand zich, schuift de glazen plaat naar achter en grabbelt de munten mee. In amper een minuutje was het gebeurd”, zegt Liesbeth. Dankzij de beelden wisten ze dat de diefstal plaatsvond op zondag 7 augustus 2016.
"Ik heb 102 opgravingen op mijn naam staan, maar dat was een van de topvondsten"
archeoloog Philippe Despriet
De munten werden op paasmaandag van 1999 tijdens opgravingen in het Begijnhof gevonden door het team van archeoloog Philippe Despriet. “Ik weet nog goed dat een van mijn medewerkers naar mij toe kwam gelopen met de mededeling dat er een beker was gevonden die afgedekt was met een dekseltje. We hebben die beker met water onder hoge druk uitgespoten en er een zeef onder gehouden. En toen gebeurde het: er vielen 12 gouden munten op onze zeef!”
De archeologen waren door het dolle heen. “Naar het schijnt hebben we toen zo overenthousiast geroepen dat onze kreten het geluid van de kermismolens overstemden”, zegt Philippe. “Dat is een van de topmomenten uit mijn vijftigjarige loopbaan als archeoloog. Ik heb 102 opgravingen op mijn naam staan, maar dat was toch wel een van de topvondsten om nooit te vergeten.”
Wol uit de Cotswolds
De munten zijn volgens de archeoloog in Kortrijk terechtgekomen door de handel tussen Engeland en de Lage Landen. “In die tijd werd wol uit de Cotswolds, een schilderachtige streek in Centraal-Engeland, ingevoerd. De Britse exporteurs wilden betaald worden met een normale valuta, maar bij ons was die door de graaf van Vlaanderen gefraudeerd."
"Die leidde een liederlijk leven en om al zijn vriendinnetjes tevreden te stellen, verkwistte hij staatsfortuinen. Om dat te kunnen blijven financieren, heeft hij de waarde van zijn eigen munt doen dalen. De Engelsen hadden het spelletje door en hebben zelf een harde valuta op de markt gebracht waarmee de wol betaald kon worden.” Het zijn die historische munten die Philippe in het Begijnhof van Kortrijk vond.
Heel waardevolle munten
De munten werden ooit geschat door een numismaat, een kenner van oude munten. De cataloguswaarde van alle munten samen ligt op een kleine 30.000 euro. “Maar als die munten op een veiling verkocht worden en daar zitten een paar gepassioneerde, financieel krachtige magnaten die ze koste wat het kost moeten hebben. Dan gebeurt het regelmatig dat er blindelings tegen elkaar opgeboden wordt en dan krijg je zotte prijzen. Dan kan zo’n munt 5.000 à 7.000 euro per stuk gaan”, zegt Philippe Despriet.
Politieonderzoek
Na de aangifte van diefstal bij de Kortrijkse politie is een onderzoek gestart. “Onze speurders hebben in 2016 inderdaad een pv opgesteld”, zegt politiewoordvoerder Thomas De Tavernier. “Er werden ook verhoren gedaan en camerabeelden bekeken, maar al gauw bleek dat we te weinig concrete aanwijzingen hadden om de daders te identificeren en op te sporen. Het onderzoek zat dus vast en dat is nog steeds zo.”
Alles wat op een veiling verkocht wordt, komt sowieso op de website en dan kan de hele wereld het zien.
veilingmeester Pol Desmet
De kans is dus klein dat de dieven nog opgespoord worden, tenzij ze die gouden munten nog altijd in hun bezit hebben en er op een dag mee naar buiten komen.
“Als iemand met oude munten langskomt, dan gaan wij toch eerst vragen naar de provenance, de herkomst van de munten, vóór we die in veiling nemen”, zegt veilingmeester Pol Desmet van Flanders Auctions in Wingene.
“Alles wat op veiling verkocht wordt, komt sowieso een drietal weken voor de veiling online en dan kan de hele wereld het bekijken. Dus ik denk niet dat de persoon die het ontvreemd heeft daarmee naar ons komt.”
Zijn zoon Lieven heeft er zijn eigen idee over: “Ik denk dat ze gesmolten zijn en in de goudhandel terechtgekomen zijn. Dat is natuurlijk zonde, want die munten zijn veel meer waard dan alleen de goudprijs.”
Paul de antiquair
Als ze niet op een veiling kunnen terechtkomen, misschien dan wel bij een antiquair. Paul De Grande uit Brugge, bekend van het tv-programma ‘Stukken van mensen’, heeft al meer dan 40 jaar ervaring en weet dus snel wat voor hem interessant is en wat niet.
“Zulke munten zouden mij enorm interesseren, maar dan moet ik ook het verhaal horen. Hoe komt die persoon aan die munten? Je voelt heel snel als iets niet pluis is. Gelukkig is de antiekwereld enorm veranderd, want tegenwoordig is alles gefotografeerd en dat geeft ons een zekere garantie.”
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen

