Hoe groot is de kans op een besmetting met een de nieuwe variant van het apenpokkenvirus (mpox)? En is die nieuwe variant gevaarlijker dan die van 2 jaar geleden? Een antwoord op de meest gestelde vragen rond het mpox-virus. "We zitten helemaal niet in een situatie zoals met covid. Zo besmettelijk is het virus niet."
Kunnen we nog veilig op reis? Hoeveel zorgen moeten we ons maken? Je vragen over mpox (apenpokken) beantwoord
Twee jaar geleden maakten we al kennis met het apenpokkenvirus, maar dit keer gaat het om een nieuwe variant. De zogenoemde 1b-variant is makkelijker overdraagbaar: niet enkel via seksueel contact, maar ook bijvoorbeeld door nauw contact via de huid.
Het virus kan wellicht ook overgedragen worden via speeksel, besmette kledij of andere besmette voorwerpen, bijvoorbeeld door in hetzelfde bed te slapen, al is daar nog verder onderzoek voor nodig (het is nog niet aangetoond in studies, red.) .
Het virus zal dus nog verder oprukken. Er zijn nu eenmaal contacten tussen mensen uit Afrika en de rest van de wereld en dus zijn infecties op andere plekken in de wereld niet uitgesloten, zeggen experts. Anderzijds is het, in vergelijking met bijvoorbeeld corona, een pak minder makkelijk overdraagbaar.
Het coronavirus kon via de lucht worden overgedragen, voor mpox is nauw contact via de huid nodig met een besmette patiënt. "Maar het grootste risico is seksueel contact", zegt Laurens Liesenborghs van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG). Maar al bij al is het risico op een wereldwijde epidemie, zoals bij covid, veel kleiner, onderstreept hij.
Bij de nieuwe variant kunnen patiënten huiduitslag over het hele lichaam krijgen. Bij de vorige besmetting was dat veeleer een uitzondering, en ging het vaak over het gezicht of plekken rond de geslachtsdelen. In Congo zijn gevallen bekend van kinderen die zowat helemaal vol staan met bolletjes.
Patiënten krijgen in de eerste plaats griepachtige symptomen, zoals hoofdpijn, koorts, spierpijn, vermoeidheid of gezwollen lymfeklieren. Dat kan pas 1 tot 2 weken na de eigenlijke besmetting zijn. Na de eerste symptomen, volgen na enkele dagen vlekken op de huid die rode bolletjes worden. Sommige patiënten hebben er maar enkele, anderen veel meer. Meestal duurt het hele ziekteverloop 2 à 3 weken.
De bolletjes zijn niet te onderschatten, zegt viroloog Johan Neyts (KU Leuven): "Het gaat om echte pokkenletsels, diep in de huid. Dat blijft achteraf vaak een letseltje voor de rest van het leven. Mpox kan best pijnlijk zijn, zeker bij bolletjes aan de handen, op de voetzolen of aan de slijmvliezen."
Het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) in Antwerpen zegt dat de mailbox daar roodgloeiend staat wegens de vele vragen die ze binnenkrijgen van bezorgde burgers. "We begrijpen dat ook, want de Wereldgezondheidsorganisatie heeft de noodtoestand uitgeroepen", zegt Laurens Liesenborghs van het ITG.
"Dat klinkt heel griezelig en geeft ons flash-backs naar covid-tijden. Zo vragen sommigen mensen ons of we nu in lockdown moeten gaan, en of de scholen wel opnieuw zullen opengaan. We begrijpen die vragen, maar we zitten helemaal niet in dit scenario, de situatie is helemaal anders dan met covid."
Ondanks de oplopende cijfers en de noodtoestand moeten we ons niet onmiddellijk zorgen maken. Er is voorlopig nog geen besmetting vastgesteld in België en zelfs als dat gebeurt, is er geen reden tot paniek. "De nieuwe variant mag dan besmettelijker zijn, het is geen covid-scenario. Zo besmettelijk is het virus niet", benadrukt Liesenborghs. "We kennen dit mpox-virus heel goed. De besmettelijkheid is niet in die mate dat het zich snel gaat verspreiden onder de algemene bevolking."
Het ITG wil de mensen dus vooral geruststellen, ook de reizigers. "De gebieden waar momenteel een grote epidemie woedt, zijn heel beperkt. Vooral het oosten van Congo en Burundi zijn getroffen. Maar zelfs als mensen daar naartoe zouden gaan, is het risico om het virus daar op te lopen heel laag. Je moet er echt al heel intens, nauw contact voor hebben met een besmette patiënt."
Andere factoren die meespelen zijn het niveau van de gezondheidszorg, en de weerstand van de patiënt. Ook die kunnen mee de hoge cijfers in oost-Congo bepalen.
Uiteraard wordt alles intussen heel goed opgevolgd, klinkt het bij het ITG en het Vlaams Departement Zorg. Het uitroepen van de noodsituatie diende ook om landen wereldwijd alert te maken voor het probleem, om vlot gegevens uit te wisselen en zo het virus beter te kunnen indijken.
Bovendien zijn we in België nog relatief goed beschermd tegen het virus, door de vaccinatiecampagne in 2022. Toen waren vooral homomannen met wisselende partners het slachtoffer. "Er is toen een gerichte vaccinatiecampagne gevoerd en we schatten dat de helft van alle risicopersonen zich toen heeft laten vaccineren", zegt Liesenborghs. Het vaccin van toen werkt nog altijd behoorlijk goed tegen de nieuwe variant.
Ook hier is er geen reden tot bezorgdheid, zegt Laurens Liesenborghs van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG). Ten eerste is het virus slechts in een beperkt gebied echt verspreid, met name het oosten van Congo en Burundi. Maar zelfs wie naar ginder zou reizen, of naar landen in Centraal-Afrika, moet zich geen zorgen maken, zolang je de juiste voorzorgsmaatregelen volgt.
Het komt erop aan van contact te vermijden met besmette personen. "Voor de algemene reiziger, de reiziger die op safari gaat of mensen die gaan werken in Afrika als ze geen zorgverlener zijn is er relatief weinig risico. Maar men moet waakzaam zijn. Gelukkig is de ziekte ook relatief herkenbaar. Patiënten met mpox zijn vaak ziek en hebben de typische letsels (zichtbare bolletjes, red.) dus het is ook makkelijk om afstand van hen te houden."
Sekstoeristen behoren wel tot een risicogroep, zegt Liesenborghs, omdat seksueel contact nu eenmaal veel makkelijker het virus overdraagt en het hoogste risico op besmetting biedt.
Het is belangrijk om fysiek contact te vermijden met iemand die mpox heeft. Nauw contact zoals seksueel contact of contact via de huid, moet vermeden worden. Gewoon wat afstand houden van een besmette patiënt is eigenlijk al voldoende. Alertheid bij mensen die mpox zouden kunnen hebben, is ook van belang. Wie denkt besmet te zijn, moet in isolatie gaan.
Wat vaccinatie betreft: momenteel zet de Belgische overheid (nog) geen vaccinatiecampagne op poten. Maar wie een risicocontact heeft gehad en/of denkt besmet te zijn, kan wel terecht bij de huisarts. Die kan dan een diagnose stellen, en beslissen om alsnog een vaccin toe te dienen. "Maar daar moet je dan heel snel bij zijn", zegt Laurens Liesenborghs van het ITG. "Als je naar de huisarts gaat wanneer je al symptomen hebt, is het eigenlijk al te laat."
Overheden proberen met contact tracing een beter beeld te krijgen op de verspreiding van de ziekte. De uitbraak in België met de vorige variant, 2 jaar geleden, kon in ieder geval relatief snel worden ingeperkt, wat aantoont dat preventieve maatregelen en alertheid werken.
Het goede nieuws is dat wie een vaccin nam in 2022, ook beschermd is tegen de nieuwe variant. De beschermingsgraad neemt af met de tijd, maar zou toch nog altijd rond 80 procent liggen.
"Het vaccin is eigenlijk het derdegeneratievaccin tegen het pokkenvirus", vertelt viroloog Johan Neyts. "Lang geleden werd iedereen automatisch ingeënt met het vaccin van de eerste generatie, maar na 1979 gebeurde dat niet meer systematisch."
Dat oorspronkelijke vaccin tegen de pokken werkt in principe ook nog altijd tegen mpox. Al zou de bescherming een pak lager liggen dan de 80 procent van mensen die 2 jaar geleden een vaccin kregen. In 2022 kregen mensen die destijds een eerste vaccin hadden gekregen, daarom een boosterprik. Ook naar die bescherming door eerdere vaccins is nog onderzoek bezig.
De Belgische overheid heeft beslist om voorlopig geen nieuwe vaccinatiecampagne op te starten, omdat het risico veeleer laag ligt. De Hoge Gezondheidsraad volgt de zaak nauw op. Bovendien wordt de vaccinatiegraad bij hoogrisicogroepen op ongeveer 50 procent geschat.
Mpox werd vroeger 'monkeypox' of apenpokken genoemd omdat de ziekte bij toeval voor het eerst bij apen werd ontdekt. De WHO koos al in 2022 voor de nieuwe naam omdat ze ziektes niet vernoemt naar dieren of landen waar ze ontdekt zijn, om discriminatie te voorkomen.

