De inflatie, het cijfer dat aangeeft hoe snel de prijzen in ons land stijgen, bedraagt deze maand 3,64 procent. Dat betekent dat het leven nu 3,64 procent duurder is dan een jaar geleden. Die prijsstijgingen zijn hardnekkiger dan verwacht, maar liggen wel lager dan in juni. In vergelijking met vorig jaar werden vooral olijfolie en bieren duurder. TV's en smartphones werden goedkoper.
Inflatie voor het eerst in maanden gedaald (maar blijft heel hoog): vooral olijfolie en bier duurder
Een inflatie van 3,64 procent, dat is een beetje lager dan in juni, toen er sprake was van 3,74 procent inflatie. In maart ging het nog over 3,18 procent en in april en mei zat dat cijfer rond de 3,3 procent.
Terwijl de inflatie op vlak van energie vorige maand nog is gestegen, is er in juli sprake van een positieve inflatie, van 15,01 procent naar 14,01 procent. Dat cijfer blijft hoog omdat de prijzen van gas en elektriciteit een beetje zijn gestegen, maar vooral omdat de steunmaatregelen van de regering om de energiefactuur te verlichten niet meer van kracht zijn zoals een jaar geleden.
De inflatie voor voeding (inclusief alcoholische dranken) steeg daarentegen licht, van 0,31 procent naar 0,54 procent. In vergelijking met vorig jaar werden vooral olijfolie en bieren duurder.
Vliegtuigtickets, hotelkamers en campings
Ook de inflatie voor diensten blijft hoog en dat heeft vooral te maken met de hoge loonkosten.
Enkele prijsstijgingen in juli hadden namelijk betrekking op vliegtuigtickets, hotelkamers, vakantiedorpen en campings. Voor vliegtuigtickets ging het om een stijging van bijna 40 procent. Restaurants en cafés zijn een beetje duurder geworden, net zoals aardgas, tabak, motorbrandstoffen en pakketreizen in België.
Buitenlandse reizen (na seizoenscorrectie) en citytrips hadden daarentegen een verlagend effect op het indexcijfer.
De kerninflatie, die geen rekening houdt met de prijsevolutie van de energieproducten en de onbewerkte voedingsmiddelen, is licht gestegen. Die bedraagt nu 3,04 procent, tegenover 2,97 procent in juni.

