De grote schade die in Mechelen is aangericht door het onweer van dinsdag, is waarschijnlijk het gevolg van een valwind. Dat zegt David Dehenauw, al moet verdere analyse van het KMI nog uitsluitsel brengen. Bij dat weerfenomeen dondert lucht met een rotvaart recht naar beneden waar die zich razendsnel in alle richtingen verspreidt. Omdat ze lokaal en kortstondig zijn, zijn ze moeilijk te voorspellen.
Lucht die met rotvaart recht naar beneden dondert: hoe schade in Mechelen wellicht door valwind is veroorzaakt
In Mechelen wordt nog volop de schade van de storm van afgelopen dinsdag opgemeten. David Dehenauw, Hoofd van de Wetenschappelijke Dienst Weersvoorspellingen bij het KMI, vermoedt dat het om een valwind ging.
"Een valwind is een wind die naar beneden dondert. Hij maakt een rechte beweging naar beneden. Die lucht kan niet in de grond, dus verspreidt die zich dan snel in alle richtingen", legt hij uit in '#weetikveel' op Radio 1. Dat is niet hetzelfde als een tornado of windhoos. "Bij een windhoos is er een rotatiebeweging en zie je een slurf."
Al is een valwind niet per se milder van aard. "De schade kan even erg of erger zijn. Dat hangt allemaal van de kracht af."
Niet te voorspellen?
Een zware storm met valwind of windhoos voorspellen is een uiterst complex gegeven, benadrukt Dehenauw. "We zijn vandaag nog steeds niet in staat om te zeggen dat er op die dag, op dat uur, een valwind zal zijn van bijvoorbeeld 150 kilometer per uur", zegt hij. "Wat we wel kunnen zien, zijn de omstandigheden waarin dat zou kunnen gebeuren, binnen een ruim gebied."
Maar hoe komt dat precies? Staan we niet al veel verder dan pakweg 1967, toen de zwaarste tornado ooit in België lelijk huishield in Oostmalle? "De weercomputers waarmee we werken zijn eigenlijk kubusjes. Op elk hoekpunt berekenen we het weer. We kunnen tot op 1 kilometer rekenen, maar zo’n tornado of valwind is vaak heel beperkt in omvang. Het duurt ook niet lang, slechts een paar seconden. Daarom glipt het door de rekenmazen van onze weercomputers."
Toekomstmuziek
Of dat ooit in de toekomst wél voorspeld zal kunnen worden, is natuurlijk de vraag. "Specialisten in weercomputers laten uitschijnen dat we eigenlijk naar een berekening om de 50 meter zouden moeten gaan. Ook naar een tijdsresolutie van om de paar seconden, in plaats van om de paar minuten zoals nu. Je moet dus veel meer waarnemingen van lokale aard hebben."
Via satellieten en radars beschikken we nu al over zeer gedetailleerde informatie, maar dat is nog niet voldoende
David Dehenauw, Hoofd van de Wetenschappelijke Dienst Weersvoorspellingen bij het KMI
Niet enkel weerstations, maar ook bijvoorbeeld sensoren in auto’s zouden daarvoor nodig zijn, zegt Dehenauw. "Je hebt enorm veel continue lokale data nodig. Dat weermodel zou eigenlijk om de paar minuten moeten draaien voor een zeer beperkt gebied. Dan zou je 10 à 15 minuten op voorhand kunnen zeggen dat er ergens iets te gebeuren staat."
Daar zijn we nog lang niet, zegt Dehenauw. "Via satellieten en radars beschikken we nu al over zeer gedetailleerde informatie. Maar dat is nog niet voldoende. Het moet bijna à la minute geüpdatet worden. De computers zijn krachtig, maar nog niet krachtig genoeg om dat voortdurend op zo’n schaal te berekenen en te herberekenen."
Of we daar in de toekomst nog in zullen verbeteren? "Ongetwijfeld wel."
Regionaal nieuws uit Antwerpen



