In de romantische komedie 'To the moon' die vandaag uitkomt, wordt de maanlanding in scène gezet. Fictie dus, voor alle duidelijkheid, maar wel brandend actueel. 55 jaar na de 'Apollo 11'-missie zijn er nog steeds mensen die eraan twijfelen of Neil Armstrong op 20 juli 1969 een 'grote stap voor de mensheid' zette op de maan.
Op 20 juli is het 55 jaar geleden dat de maanlanding plaatsvond. Sindsdien zijn er altijd mensen geweest die twijfelden aan de echtheid van de beelden. Met die twijfel gaat het comedydrama 'To the moon', met topacteurs Scarlett Johansson en Channing Tatum in de hoofdrollen, aan de slag.
Ik werk hier om de maan te verkopen
Marketeer Kelly Jones, gespeeld door Scarlett Johansson
In de film is marketingsspecialiste Kelly Jones, gespeeld door Johansson, aangesteld om de publieke relaties van NASA te verzorgen. "I work here now, to sell the moon", klinkt het. Haar ideeën botsen met die van lanceerdirecteur Cole Davis, vertolkt door Channing Tatum. De kern van de film? 'Project Artemis': de opnames van een valse maanlanding als back-up indien de échte Apollomissie mislukte.
Doorheen de film groeien de marketingspecialiste en de lanceerdirecteur naar elkaar toe. Ze staan volgens regisseur Berlanti symbool voor de 2 soorten mensen die nodig waren om de maanlanding te verwezenlijken. "Dat is de geest van Amerika: er zijn zowel verkopers nodig als de individuen die het voor elkaar krijgen. Dat is wie deze karakters vertegenwoordigden – die yin en yang die ingebakken zitten in wie we zijn als volk."
Een missie die moest lukken
Pure fictie dus, want er is geen bewijs dat NASA ooit valse opnames maakte. Toch is het uitgangspunt van de film niet uit de lucht (of ruimte) gegrepen: NASA, dat in 1958 werd opgericht, moest de maanlanding 'verkocht krijgen' aan de Amerikanen en kreeg daarvoor hulp van PR-specialisten.
Erg warm liepen de meeste Amerikanen namelijk niet voor het Apollo-project dat Kennedy al in 1961 had aangekondigd. Met een aanslepende Vietnamoorlog, de burgerrechtenbeweging en een sluimerende Koude Oorlog leek een man op de maan voor veel Amerikanen geen prioriteit.
De Russen hadden in 1961 al een man in de ruimte gekregen en in 1965 een ruimtewandeling uitgevoerd: de Verenigde Staten leken de ruimtewedloop te verliezen. Het was dus van cruciaal belang dat de maanlanding, waar al miljarden aan werd uitgegeven, zou lukken. En net die hoge inzet vormt de achtergrond van het scenario van 'To the moon'.
Knipoog naar complottheorieën
Met een in scène gezette maanlanding knipoogt de film naar de vele complottheorieën die nog steeds circuleren over de Apollomissie. Op YouTube, in boeken en in blogs: overal zijn er mensen die geloven dat Neil Armstrong nooit een Amerikaanse vlag in het maanoppervlak plantte.
Hoewel al die theorieën al meermaals weerlegd werden, blijven mensen geloven dat de maanlanding werd opgenomen in een filmstudio. 'Bewijs' vinden ze in de manier waarop de vlag wappert, de sterren die wel of niet aan de hemel staan of de studiolampen die ze beweren te zien.
In de verwijzing naar de complottheorie schuilt de ironie van de film."Het gaat over waarom de waarheid belangrijk is, en toch doen we dat door naar een zeer beroemde complottheorie te kijken", laat regisseur Berlanti weten. "Uiteindelijk gaat de film wel hier over: waarom het belangrijk is dat we naar de maan gingen."
Bekijk: Scarlett Johansson en Channing Tatum over 'To the moon'
Het comedydrama 'To the moon' is vanaf 10 juli te zien in de bioscopen.



