De betaalbaarheid van wonen in Vlaanderen staat onder druk, vooral in en rond stedelijke centra. Dat blijkt uit een nieuw instrument, de "Woonbalans", van sectororganisatie Embuild. Vooral de alleenstaande huurder zit in de gevarenzone, klinkt het. Daarnaast neemt ook bij tweeverdieners die een woning kopen in en rond de grootsteden het risico op betaalbaarheidsproblemen toe.
Alleenstaande huurders en kopers in steden ervaren meeste problemen met betaalbaar wonen
Embuild houdt bij zijn Woonbalans rekening met hoeveel nieuwe kopers en huurders besteden aan woonlasten. De balans geeft de verhouding weer tussen enerzijds het inkomen en anderzijds de huur of de maandelijkse aflossingslast van een hypothecair krediet plus de energiekosten.
Zodra de wijzer van de balans de 30 procent overschrijdt, kunnen er betaalbaarheidsproblemen opduiken, stelt Embuild. Voor alleenstaande huurders staat de balans in 2023 op 52 procent. In 2021 stond die op 48 procent. Voor tweeverdieners die in 2023 kochten, staat de balans op 37 procent, in 2021 was dat nog 30 procent.
Grote regionale verschillen
Embuild ziet grote regionale verschillen: voor alleenstaande huurders bijvoorbeeld is het betaalbaarheidsrisico in Vlaams-Brabant en de Brusselse rand (60 procent) het grootst. Voor kopers blijkt dat in en rond Gent, Leuven, Antwerpen en de Brusselse randgemeenten vaak meer dan 40 procent van het inkomen naar wonen gaat. Anderzijds zijn er heel wat landelijke gemeenten én Kortrijk die onder de 30 procent duiken.
De Woonbalans brengt ook de toekomstige evolutie van het betaalbaarheidsrisico in kaart. Dit op basis van zes parameters: vergunningen, bouwgronden, huishoudensevolutie, woningen zonder domicilie, het overstromingsrisico en woonlasten. Daaruit blijkt dat de grootsteden en de kustgemeenten momenteel te kampen hebben met de grootste hindernissen, zegt Embuild. Landelijke en woongemeenten doen het vaak een stuk beter.
De sector wijst erop dat er tegen 2035 eigenlijk een half miljoen nieuwe of heropgebouwde woningen nodig zijn, door de toename van het aantal huishoudens en door de afbraak van oude panden. Vooral in en rond de steden staan alle knipperlichten op rood, klinkt het, door de vergunningenproblematiek, weinig beschikbare ruimte en duurdere bouwmaterialen waarbij verdichtingsprojecten relatief duurder zijn.
Enkele voorstellen
Embuild lanceert daarom een aantal voorstellen, zoals het oprichten van "een multidisciplinair panel" dat de woningvoorraad, de woonbehoeften én de betaalbaarheid bijhoudt en inschat voor de toekomst. "Breed advies is nodig, opdat de verschillende beleidsniveaus elkaar versterken en niet doorkruisen", klinkt het.
Daarnaast stuurt de bouwfederatie aan op een breed woonbeleid met maatregelen voor alle doelgroepen, en dus niet alleen rond sociale huur of nieuwe eigenaars. Tegelijk vraagt de organisatie aan de volgende regering om de Vlaamse Woonwaarborg snel goed te keuren. Het eventueel afschaffen van de registratierechten moet dan weer gekoppeld worden aan een energieprestatievoorwaarde, pleit Embuild.
Om meer te kunnen bouwen via verdichting en in de hoogte, en zo het aanbod uit te breiden en de betaalbaarheid te garanderen, pleit de sectororganisatie voor een aanpassing van de ruimtelijke plannen in Vlaanderen en van de "soms zeer strenge" milieu- en natuurregelgeving. "De doelstelling van die regelgeving dienen we te vrijwaren, maar er moeten wel opnieuw vergunningen kunnen worden afgeleverd", klinkt het. Ook voor overstromings- of watergevoelige gebieden pleit Embuild om rekening te houden met "de vele innovatieve oplossingen die er al bestaan".



