In de Brusselse gemeente Sint-Joost-ten-Node loopt 34,6 procent van de bevolking een armoederisico. Dat blijkt uit cijfers van Belgisch statistiekbureau Statbel, dat voor de eerste keer cijfers over het armoederisico publiceert per gemeente. De Oost-Vlaamse gemeente Horebeke heeft met 3,2 procent dan weer het laagste armoederisico. Bekijk hoe het in jouw gemeente is gesteld.
IN KAART - In Horebeke het laagst en in Sint-Joost het hoogst, zo is het in jouw gemeente met het armoederisico gesteld
Statbel geeft voor de eerste keer cijfers vrij over het armoederisico van elke gemeente in ons land. Dat armoederisico geeft aan welk deel van de bevolking een inkomen heeft dat onder de nationale armoedegrens ligt.
Wat is de armoedegrens?
Voor 2023 staat de armoededrempel op:
1.450 euro netto per maand voor een alleenstaande
3.045 euro voor een gezin met twee volwassenen en 2 kinderen
Let wel, de cijfers voor het armoederisico zijn nog van 2021.
De gemeenten met het laagste armoederisico liggen allemaal in Vlaanderen: Horebeke, Zwalm, Holsbeek, Oosterzele en Hoegaarden voeren de top 5 aan.
De gemeenten met het hoogste risico liggen dan weer in Brussel. Daar staat Sint-Joost-ten-Node, waar 34,6 procent van de bevolking een armoederisico loopt, op kop, gevolgd door Sint-Jans-Molenbeek (32,5 procent), Anderlecht (28,6 procent) en Schaarbeek (27,1 procent). De Luikse gemeente Dison (26,9 procent) vervolledigt de top 5.
Rijkste en armste gemeenten
Statbel keek ook naar de mediane inkomens van de gemeente. Want, zo zegt het statistiekbureau, op basis van het armoederisico kunnen we niet altijd weten hoe rijk of hoe arm een gemeente is. Daarvoor moeten we kijken naar het mediaan inkomen per gemeente. Het mediaan inkomen is gelijk aan het middelste van alle inkomens van die gemeente. De helft van de gemeente heeft een hoger inkomen dan die mediaan, de andere helft heeft minder.
Dat mediaan inkomen is veruit het hoogst in Attert, in de provincie Luxemburg, en bedraagt daar 40.126 euro. De helft van de inwoners van Attert verdient dus meer dan 40.126 euro, de andere helft verdient minder. Daarna volgen Kraainem (35.642 euro), Messancy (35.246 euro), Tervuren (33.546 euro) en Sint-Pieters-Woluwe (33.473 euro).
Opvallend: in de top 10 van rijkste gemeenten staan 5 gemeenten uit de provincie Luxemburg. Van de 50 gemeenten met een mediaaninkomen van meer dan 30.000 euro, liggen er dan weer 23 in Vlaams-Brabant. Niet vertegenwoordigd in die top 50 zijn West-Vlaanderen en Limburg. In geen enkele West-Vlaamse en Limburgse gemeente ligt het mediaan inkomen hoger dan 30.000 euro.
Bij de armste gemeenten zien we veel gemeenten terug die ook hoog scoren met het armoederisico. Het laagst mediane inkomen vinden we terug in Sint-Joost-ten-Node (18.341 euro), Sint-Jans-Molenbeek (18.533 euro) en Anderlecht (19.517).
Het verschil tussen de Attert, de gemeente met het hoogste mediane inkomen, en Sint-Joost-ten-Node is maar liefst 21.785 euro.
Ongelijkheid laagst in armste gemeenten
Attert is niet alleen de gemeente met het hoogste mediaaninkomen, maar ook de gemeente met de grootste inkomensongelijkheid. De kloof tussen de inwoners met het hoogste en laagste inkomen, is er het grootst, zo'n 26.803 euro.
In een van de armste gemeenten, Sint-Jans-Molenbeek, is die kloof dan weer het kleinst: het verschil tussen het kwart van de bevolking met het hoogste inkomen net kwart met het laagste inkomen bedraagt daar zo'n 10.048 euro.
Regionaal nieuws uit Oost-Vlaanderen


