In Riemst hebben 150 mensen op deze Erfgoeddag een unieke rondleiding gekregen in de mergelgroeve Grote Berg in deelgemeente Zussen. Op dit moment loopt het openbaar onderzoek voor de bescherming van de groeve. "Het is goed dat mensen eens met eigen ogen het erfgoed en het belang van de bescherming ervan kunnen zien", vindt burgemeester Mark Vos (CD&V).
Erfgoeddag in Riemst: 150 mensen krijgen unieke rondleiding in mergelgroeve Grote Berg
In Riemst hebben 150 geïnteresseerden een rondleiding gekregen in groeve Grote Berg, een van de oudste groeven in de grensregio. Sinds de 14e eeuw werd de kalksteen in de ondergrond gewonnen voor de bouw van huizen, boerderijen, kerken en kathedralen. Zo ontstonden uitgebreide gangenstelsels.
De beschikbare plaatsen waren snel volzet. "We hebben het aantal moeten beperken omwille van veiligheidsredenen", zegt burgemeester Mark Vos (CD&V). "Dit is uniek, heel veel inwoners hebben nog nooit de kans gekregen om eens beneden te gaan kijken."
Erfgoed
Er is al een procedure op gang gebracht voor de bescherming van de groeve Grote Berg. Op dit moment loopt het openbaar onderzoek. "In het kader van de Erfgoeddag vonden we het een goed idee om de mensen eens kennis te laten maken met de groeve. Mensen moeten weten wat hier gebeurt en waarom de beschermingsprocedure zo belangrijk is", vindt Vos.
Mergelgroeven als schuilplaats tegen het Franse leger
De gidsen vertellen dat de groeve vroeger ook gebruikt werd als schuilplaats. "Tijdens de Slag van Lafelt in 1747 zijn heel wat mensen gevlucht in deze grotten, maar ook in de grotten van Kanne", weet Tom Breuls van de Hulpdienst Groeven. "Mensen maakten privémergelgrotten van ongeveer 20 meter diep. Daar werden blokken ontgonnen."
In de mergelgroeven zijn voederbakken uitgehouwen omdat de mensen met hun vee ondergronds gevlucht waren voor het Franse leger
Tom Breuls van Hulpdienst Groeven
"Ze maakten dan een trap of beter een graad, van het Latijnse gradus", gaat Breuls verder. "De mensen gingen met hun hebben en houden, soms ook met hun vee, naar beneden via die zelfgemaakte trap. Ze hebben daarna ook voerbakken uitgehouwen, waar het vee gestald werd", vertelt Breuls. "De mensen sliepen boven het vee, want dat was lekker warm in een groeve die altijd rond de 12 graden was."
"Hun ellende schreven zo ook op de muren. Zo lees je er wanhoopskreten die uitleggen dat ze gevlucht zijn voor de Fransen. De vijand vroeg zich af waar de mensen gebleven waren. Maar die zaten oncomfortabel, maar veilig in de ondergrond."
Regionaal nieuws uit Limburg

