Het aantal leerlingen per leerkracht is in Vlaanderen de afgelopen tien jaar gedaald in zowel het kleuter-, lager als secundair onderwijs. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Agentschap voor Onderwijsdiensten. Het aantal leerkrachten is met 14 procent toegenomen, terwijl het leerlingenaantal maar steeg met 7 procent. Toch blijft er een tekort aan leerkrachten.
Tussen de schooljaren 2013-2014 en 2022-2023 liep het aantal leerkrachten gestaag op van 145.631 tot 165.962, een stijging met 14 procent. Het aantal voltijdse opdrachten nam toe met 15 procent, van 129.680 tot 148.833. Het gaat voor alle duidelijkheid alleen om onderwijspersoneel met een lesopdracht, waarbij het volwassenen- en hoger onderwijs buiten beschouwing zijn gelaten.
Tegelijk is het aantal leerlingen veel minder sterk gestegen, met 7 procent. Vorig schooljaar ging het om 1.213.638 leerlingen, in het schooljaar 2013-2014 om 1.137.239. Het aantal leerlingen per leerkracht is dan ook gedaald: in het kleuteronderwijs ging die ratio in tien jaar tijd van 14,7 naar 12,9, in het basisonderwijs van 12,7 naar 11,9, in het lager secundair van 9,6 naar 9 en in het hoger secundair van 9,4 naar 8,4.
Lerarentekort niet plots verdwenen
"De cijfers zijn duidelijk: er zijn de laatste jaren steeds méér leerkrachten. Dat staat haaks op het aanvoelen rond het lerarentekort, maar we kunnen het lerarentekort alleen maar wegwerken als we de juiste oorzaken aanduiden", zegt Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA).
Hij wijst naar "een wildgroei aan kleine studierichtingen in het secundair", maar ook naar de stijging van de zorgnoden en de toename van het aantal anderstalige leerlingen, waardoor scholen sommige leerkrachten inzetten om individuele leerlingen te begeleiden.
"Daarom moeten we minder snel labels met zorgnoden uitdelen, minder studierichtingen versnipperen, meer hameren op Nederlands en meer verantwoordelijkheid leggen bij de ouders", vindt de minister.

