Esprit België is failliet gegaan door verkeerde prioriteiten, een gebrek aan ambitie en een opvallende keuze bij de boekhouding. Dat zegt Dirk De Corte, docent in de master fashion management aan de universiteit van Antwerpen.
Verkeerde prioriteiten, gebrek aan ambitie en opvallende boekhouding: waarom het stopt voor Esprit België
Op deze buiige aprildag hingen diep donkere wolken boven de Belgische winkels van Esprit. Het personeel kreeg er vandaag te horen dat hun werkgever in België de boeken neerlegt. Doordat de 15 eigen winkels de deuren sluiten, verliezen 148 werknemers hun job. De winkels die door zelfstandigen worden uitgebaat, kunnen hun activiteiten wel nog verderzetten.
Het faillissement van Esprit kwam niet als een donderslag bij heldere hemel: de kledingketen zit al langer in slechte papieren. Dat bleek onlangs nog, toen het van oorsprong Amerikaanse Esprit bekendmaakte dat het vorig jaar wereldwijd bijna 300 miljoen euro verlies heeft gedraaid.
Verschillende oorzaken
“Dan weet je dat er nieuws komt dat misschien niet zo positief is”, blikt Dirk De Corte terug in het Radio 1-programma De Wereld Vandaag. Een veeg teken voor het Belgische personeel kwam er eind vorige maand al, toen Esprit in Zwitserland het faillissement aanvroeg.
Net als vandaag in België verwees de bedrijfsleiding toen naar de wereldwijde economische context met het succes van onlinewinkels als Zalando, Shein en Temu, stijgende energiekosten en hoge huurkosten voor winkelpanden.
Maar dat laatste, die hoge huurprijzen, betekent voor álle winkelketens een probleem, merkt De Corte op, dus ook voor directe concurrenten als Zara en H&M. Nochtans slagen die twee bedrijven er wél in om uit de rode cijfers te blijven. Sterker nog: ze boeken dikke winsten.
Belgische tak Esprit failliet: "Prioriteiten lagen verkeerd"
Schraperig
Er moet dus meer aan de hand zijn dan wat de directie in Hongkong zelf aanhaalt. Volgens Dirk De Corte hebben de Chinese investeerders die het bedrijf in de jaren 90 overnamen van de Amerikanen altijd wat “schraperig” naar Esprit gekeken en hebben ze het nagelaten zwaar te investeren in de Belgische winkels.
De Corte illustreert dit met een pijnlijk voorbeeld. In 2020, in volle coronacrisis, kreeg Esprit een nieuwe CEO: de puissant rijke Karen Lo. Terwijl Esprit in dat bewuste jaar wereldwijd 50 miljoen dollar investeerde in het bedrijf, gaf Lo datzelfde bedrag uit door voor zichzelf een penthouse te kopen in New York, aan Central Park. Een stulpje dat ze overkocht van popster Sting. "Dat toont toch waar de prioriteiten lagen", aldus De Corte.
Uitgekleed
Als we naar de Belgische boekhouding kijken van Esprit, dan valt het De Corte op dat er in 2019 iets heel raars is gebeurd: “De Chinese aandeelhouder verlaagde het kapitaal toen plotseling van 19 miljoen euro naar 3 miljoen.”
En toen moest een jaar later de coronacrisis nog losbarsten. Doordat er 16 miljoen euro was weggevloeid, was Esprit geenszins gewapend tegen de slechte marktomstandigheden, “nadat ze eigenlijk door een eigen aandeelhouder, laat ons maar zeggen, uitgekleed waren”.
Verdwenen uit winkelstraten
In tegenstelling tot de concurrentie, die grotere financiële buffers aanhielden, is Esprit de klappen die het gekregen heeft door de coronacrisis niet te boven gekomen. Terwijl ketens als H&M, en Zara all over the place zijn, in winkelstraten, is Esprit ook stilletjes uit het straatbeeld verdwenen.
Bovendien heeft Esprit niet de aansluiting gezocht bij het jongere publiek dat veelal slechts naar de winkel gaat om te kijken en te passen, om daarna online te kopen. “Esprit is niet op die trein gesprongen en daar zien we nu het resultaat van”, concludeert De Corte.


