Voor de eerste keer hebben chirurgen succesvol een genetisch aangepaste varkensnier geïmplanteerd bij een levende menselijke nierpatiënt. De man in kwestie stelt het goed en wordt binnenkort ontslagen uit het ziekenhuis. De transplantatie is een medische doorbraak, maar het zal nog wel enkele jaren duren voor de techniek op grote schaal toegepast kan worden.
Eerste transplantatie van genetisch gemodificeerde varkensnier naar levende patiënt
Alleen al in België staan er meer dan 1.000 nierpatiënten op de wachtlijst voor een donornier. Maar er zijn minder donornieren voorhanden dan er patiënten zijn. Dat probleem doet zich wereldwijd voor. In de Verenigde Staten staan er bijvoorbeeld zo'n 100.000 patiënten op de wachtlijst. Door het tekort sterven er elke dag weer 17 van hen.
Daarom wordt er al enkele jaren geëxperimenteerd met varkensnieren. Als het zou lukken om die te transplanteren naar mensen, zou het aantal donororganen sterk opgeschaald kunnen worden.
In dat onderzoek is er een grote stap vooruit gezet. Het Massachusetts General Hospital in de stad Boston maakte gisteren bekend dat het zondag een varkensnier heeft geïmplanteerd bij een 62-jarige patiënt. Eerder was dat ook al gelukt bij een hersendode patiënt. Deze keer lukte het voor het eerst bij een patiënt met overlevingskansen.
De patiënt, Richard Slayman, stelt het volgens het ziekenhuis goed. De dokters hadden hem voorgesteld om deel te nemen aan het experiment nadat zijn eerste getransplanteerde nier (van een menselijke donor, red.) begon te falen.
Slayman is de echte held van het verhaal, vindt dokter Tatsuo Kawai. Hij had mee de leiding over de operatie. "Deze pioniersoperatie zou niet mogelijk geweest zijn zonder zijn moed en bereidheid."
Slayman zelf zegt dat hij "hoop wil geven aan de duizenden mensen die een transplantatie nodig hebben om te overleven".
69 genetische aanpassingen
Voor de varkensnier geïmplanteerd kon worden bij Slayman, moest de nier genetisch gemodificeerd worden. Met de CRISPR-Cas9-techniek werd er op 69 plekken geknipt in het varkens-DNA om de compatibiliteit met het mensenlichaam te verhogen.
Ondanks die genetische aanpassingen zal Slayman levenslang medicatie moeten blijven nemen die zijn afweersysteem onderdrukt, om te vermijden dat de varkensnier afgestoten wordt. Dat moet trouwens ook wanneer een patiënt een menselijke donornier ontvangt.
"Dit is een grote stap vooruit voor de geneeskunde", beaamt Dirk Kuypers, nierspecialist aan het UZ Leuven (en niet betrokken bij de operatie, red.). Hij benadrukt evenwel dat het om een experiment gaat. "We kunnen nog niet zeggen dat dit binnen afzienbare tijd voor iedereen beschikbaar zal zijn."
Eerst moeten er nog een aantal drempels overwonnen worden. "Zal het orgaan goed blijven werken? Veroorzaakt het geen al te veel of al te ernstige bijwerkingen? En zal het voldoen aan de noden van het menselijk lichaam? Dan spreken we vooral over de communicatie tussen het orgaan en het lichaam, bijvoorbeeld door hormonen."
Dat moet allemaal aangetoond worden in wetenschappelijke opvolgstudies. De behandeling moet verder op punt gesteld worden, en ook de medische regelgeving moet nog aangepast worden aan de nieuwe techniek. Het zal nog wel een aantal jaren duren voor de techniek op grote schaal kan worden toegepast, schat Kuypers.
Als het zover is, hopen de dokters van het Massachusetts General Hospital dat de technologie ook sociale ongelijkheid kan wegwerken in de behandeling van nierziekten. Nu is het immers zo dat niet alle Amerikaanse patiënten dezelfde toegang hebben tot (de beperkt beschikbare) donornieren.

