Er zitten 2 koppels Europese bevers aan de oevers van de Schelde in Avelgem en Spiere-Helkijn. De bever is het grootste knaagdier van Europa en werd lang niet gespot in West-Vlaanderen, maar nu komen ze terug.
2 koppels bevers maken nestjes aan de oevers van de Schelde: "Dat ze hun weg terug vinden, is positief"
"Ik wandel dikwijls langs de Schelde en zie bomen die op de typische manier zijn afgeknaagd", zegt Stéphane Vandenbulcke (50) uit Spiere-Helkijn. Ook Natuurpunt bevestigt dat er sinds een paar jaar twee families een nestje hebben gemaakt in Avelgem en in Spiere-Helkijn.
"Bevers zijn niet eenvoudig om te spotten. Ze leven vooral 's nachts en zijn eerder schuw. Maar ze laten wel heel wat sporen na", zegt Vandenbulcke. "Zoals afdrukken van hun tanden in het hout. Ook de potloodvorm die ze van de toppen afknagen, valt op. Het is een duidelijk bewijs dat ze hier aanwezig zijn."
Geen dammen
Bevers staan erom bekend zelf dammen te maken. "Het waterpeil van de Schelde is hoog genoeg, dus ze hoeven dat hier niet te doen. Het gebeurt vooral in ondiep water om het waterniveau tot zo’n 80 cm tot 1 meter hoog te krijgen. Hier wonen ze in holtes in de oever, de ingang ligt onder het water zodat het moeilijker is voor indringers om het nest binnen te raken."
De precieze locatie van de nesten wordt geheim gehouden. "Dat doet Agentschap Natuur en Bos om de dieren te beschermen en verstoring tegen te gaan. Bevers zijn een beschermde diersoort, maar niet iedereen ziet ze graag komen. Al zijn ze in de Schelde vooral nuttig. Ze knagen takken en stammen door, en laten de wortels onbeschadigd. Dat maakt de oevers alleen maar steviger."
Goed voor de natuur
De terugkeer van de bever in West-Vlaanderen is een goede zaak. "Voor een overbevolking moet er niet direct gevreesd worden. Jongen blijven zo’n twee jaar in het nest, dan worden ze verstoten en moeten ze een eigen territorium zoeken. Op die manier verspreiden de dieren zich."
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen

