Het AZ Sint-Jan in Brugge gaat mensen met slaapapneu met een tongzenuwstimulator behandelen, als tweede ziekenhuis in Vlaanderen. Dat is een apparaatje dat herkent wanneer je ademt en dan je tongzenuw stimuleert, waardoor de luchtweg vrij blijft. Omdat de nieuwe methode duur is, krijgen in ons land ieder jaar maximaal 70 patiënten zo'n apparaatje.
Ook AZ Sint-Jan in Brugge gaat slaapapneu met tongzenuwstimulator behandelen
Het AZ Sint-Jan in Brugge is het tweede ziekenhuis in Vlaanderen - en het derde in België - dat patiënten met slaapapneu zal behandelen met een tongzenuwstimulator. Slaapapneu is een levensbedreigende slaapstoornis die artsen steeds vaker zien.
"De keel valt achteraan dicht terwijl mensen slapen. Vaak zien we dat bij mensen die al langer snurken, waardoor de ruimte in de keel steeds kleiner wordt. Daardoor stoppen ze tot wel 15 keer per uur met ademen. Zo'n adempauzes kunnen tot 10 à 15 seconden duren", zegt dokter Tom Vauterin, van het AZ.
Bij een aantal patiënten met slaapapneu zal nu een tongzenuwstimulator ingeplant worden. "Dat is een apparaatje dat we in de borstkas inplanten. Dat detecteert wanneer de longen werken - wanneer je ademt - en zal een signaal naar de tongzenuw sturen. Daardoor wordt de tong naar voor geduwd en komt er meer ruimte in de keel. Zo stopt de patiënt niet met ademen."
Patiënt zet apparaat zelf aan
De patiënt kan de tongzenuwstimulator zelf met een afstandsbediening activeren voor het slapengaan. "Pas een half uur daarna - als je bent ingeslapen - begint hij te werken. Zo merkt je er niks van, maar krijg je wel voldoende zuurstof tijdens het slapen en kan je goed slapen", legt dokter Vauterin uit. Ook de intensiteit van de stimulatie kan door de patiënt zelf worden aangepast.
Er zijn al verschillende methodes om slaapapneu te behandelen, zoals een masker, een beugel of operatieve ingrepen. "Deze stimulator is minder ingrijpend, kan ook bij ouderen toegepast worden en is heel efficiënt als we kijken naar het effect bij mensen die al een implantaat kregen."
Maximaal 70 patiënten per jaar
De nieuwe methode is effectief, maar niet voor iedereen weggelegd. "Het is een soort gepersonaliseerde geneeskunde. We gaan selectief te werk om de juiste patiënten te kiezen, waarvan we op voorhand weten dat ze geholpen zullen zijn met deze methode."
In vergelijking met andere methodes is het een dure methode. "Niet meteen voor de patiënt zelf - want het wordt sinds vorig jaar terugbetaald - maar we willen wel slim omgaan met het geld dat het RIZIV (Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering) ter beschikking stelt voor de behandeling."
Daarom ligt de limiet voor de methode op 70 patiënten per jaar in heel België, verdeeld over de 3 erkende ziekenhuizen. De dienst Neus-, keel- en oorziekten van het AZ Sint-Jan plant de eerste 3 ingrepen begin april. Tegen het einde van het jaar moeten dat er in totaal ongeveer 20 zijn.
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen


