Naar hoofdinhoud

7 manieren om je jaarbudget op te maken in een huishoudboekje

Heb jij geen duidelijk overzicht van welk geld er binnenkomt en wat je uitgeeft? In dat geval kan het handig zijn om een jaarbudget op te maken en te onderhouden, en dat kan op verschillende manieren. Al gehoord van de 80/20-methode of de wakosta-app, bijvoorbeeld? 

Kiara Vervliet
Gepubliceerd:

Xavier Taveirne is jouw consumentenman. Hij presenteert elke werkdag tussen 9 uur en 10 uur "WinWin" op Radio2. Kristel Verbeke is deel van Team van WinWin en houdt het budget in het oog. Heb je een vraag, tip of probleem? Mail naar winwin@radio2.be. 

"Budgetteren is meer dan enkel getallen oplijsten", vertelt Kristel Verbeke van Team WinWin. "Gaandeweg dient het om te bepalen hoeveel je aan iets wil uitgeven. Als je telkens een bepaald budget hebt voor boodschappen of kledij, dan kan je ook checken of je je daaraan houdt."

Xavier Taveirne is de consumentenman en heeft een team dat hem bijstaat wanneer hij zoekt naar de WinWin voor de consument. Kristel Verbeke is 1 van de teamleden en met haar ervaring bij de programma's Zorgen voor mama en Geld Gezocht helpt ze Xavier en de consument met budgetteren.  

1. Traditioneel budgetteren

De traditionele manier om een jaarbudget op te maken is gebaseerd op inkomens en uitgaven die je verwacht, zodat je niet voor verrassingen komt te staan. Kristel vertelt bij WinWin hoe zij het doet: "Neem een blad papier en leg je rekeninguittreksels ernaast."

Op dat blad schrijf je links je inkomen, dat is alles wat in het groen staat op je uittreksel. Denk aan je loon, uitkeringen, kinder- en onderhoudsgeld, terugbetalingen van het ziekenfonds. Vergeet er niet bij te zetten wat je die maand spaart. Rechts schrijf je dan je uitgaven.

"Een raad is om het rechtse stuk in 2 delen op te splitsen: je vaste rekeningen en je uitgaven", vertelt Kristel. Vaste rekeningen zijn betalingen die je verwacht zoals huur, leningen, de rekening van water en elektriciteit, verzekeringen, gezondheidszorg, maar ook abonnementen zoals Netflix of Spotify.

De tweede categorie, "uitgaven", omvat wat je uitgeeft aan boodschappen, kledij en uitstappen. Het zijn kosten waarvan je zelf kiest hoeveel je eraan uitgeeft. 

  • Het voordeel: je hebt een duidelijk overzicht van inkomsten en uitgaven en je kan die uitgaven onder controle houden.

  • Het nadeel: het kan tijdrovend zijn, omdat je consequent alles moet bijhouden of registreren. 

2. 50/30/20-methode

Je deelt je uitgaven in 3 categorieën op: de vaste kosten, flexibele uitgaven en het spaargeld. Ook hier zijn de vaste kosten, kosten die je verwacht, zoals huur of lening. De flexibele uitgaven zijn de bedragen die je spendeert aan vrijetijdsactiviteiten. 

De methode stelt dat van ons totale budget er maximum de helft naar vaste kosten gaat. Is dat niet het geval en spendeer je meer aan vaste kosten, dan kan je eens nagaan of je nergens een goedkoper energiecontract vindt, of dat je niet te veel betaalt aan verzekeringen. 

30 procent van het budget is voor de flexibele uitgaven. Hier kan je het makkelijkst op besparen door bijvoorbeeld minder uit eten te gaan, je kleren in de solden te kopen of overbodige abonnementen te annuleren. De overige 20 procent gaat naar je spaargeld. Op die manier kan je een buffer opbouwen. "Een buffer bestaat uit 3 tot 6 maanden loon", adviseert Kristel. 

  • Het voordeel: je zet elke maand een vast deel naar je spaarrekening.

  • Het nadeel: je hebt een minder goed overzicht over je uitgaven. 

3. Werken met enveloppen

Zoals de naam het zegt, ga je werken met echte enveloppen en cash geld. Je labelt de enveloppen met een uitgavencategorie, zoals boodschappen of uitstapjes. Je steekt dan het bedrag dat je eraan wil uitgeven in de enveloppe in cash geld. 

Is de enveloppe leeg, dan zou je de discipline moeten hebben om geen geld uit een andere te halen. Voor Kristel is dit een heel leuk systeem om toe te passen: "Het is meteen visueel en tastbaar."

  • Het voordeel: je kan impulsieve aankopen onder controle houden.

  • Het nadeel: de online uitgaven of de aankopen die je met de bankkaart doet, kan je hier moeilijk op toepassen.   

4. Zero-based budgetteren

Zero-based betekent letterlijk vertaald: "op nul gebaseerd". Daar draait deze methode ook om. Je totale inkomen min hetgeen wat je uitgeeft of spaart, moet gelijk zijn aan 0. En dat doe je door je inkomen elke maand opnieuw te verdelen en toe te wijzen aan je uitgaven of spaargeld. 

Een fictief voorbeeld: je totale inkomen is 2.000 euro en je uitgaven zijn:

  • 1.000 euro aan vaste rekeningen

  • 500 euro aan boodschappen

  • 200 euro aan uitstapjes

  • De overige 300 euro gaat op je spaarrekening.

Als je al die uitgaven optelt, kom je aan 2.000 euro. Als je dan je totale inkomen min je uitgaven doet - in dit geval 2.000 min 2.000 - dan kom je uit op 0. 

  • Het voordeel: elke euro spendeer je verantwoord waardoor je heel goed op je uitgaven kan letten.

  • Het nadeel: er is weinig flexibiliteit doordat er geen ruimte is voor spontane uitgaven.  

5. Jezelf eerst uitbetalen

"Een hele maand hard werken en jezelf eerst belonen, in plaats van jezelf te belonen met hetgeen wat overschiet. Dat doet iets met je hoofd", voelt Kristel. Je betaalt je als het ware eerst zelf uit, voor je andere uitgaven doet. Hiermee leg je de focus op een consistente spaargewoonte en kan je makkelijk een buffer opbouwen. 

  • Het voordeel: je bouwt discipline op en je dwingt jezelf om met het resterende inkomen rond te komen, doordat je het sparen als een vaste uitgave ziet.

  • Het nadeel: het is een moeilijk toepasbare methode als je een wisselend inkomen hebt.    

6. 80/20-methode

Deze methode is te vergelijken met de 50/30/20 methode. Je deelt je geld niet op in 3 stukken, maar in 2. Daarvan gaat 80 procent naar uitgaven en 20 procent naar de spaarrekening of beleggingen. Hierdoor leg je de nadruk op je huidige behoeften met financiële doelen op lange termijn. 

  • Het voordeel: je hebt flexibiliteit en dat geeft je financiële rust.

  • Het nadeel: het houdt geen rekening met unieke financiële omstandigheden of prioriteiten. 

7. Apps die alles voor jou doen

"Een handige app is WAKOSTA?! Je kan daar dagelijks en maandelijks je uitgaven ingeven. Die maakt dan automatisch een overzicht met cirkeldiagrammen", vertelt Kristel. 

Sommige tools kan je linken met je bank en kredietkaarten, waardoor je niet zelf alles moet ingeven. Alles gebeurt dan automatisch en toch heb je een duidelijk overzicht van je inkomsten en uitgaven, zonder dat je er zelf extra tijd moet insteken. 

  • Het voordeel: je krijgt realtime updates over je uitgavengewoonten.

  • Het nadeel: apps moet je regelmatig updaten of ze werken niet goed meer. Je kan je ook vragen stellen bij de privacy, omdat je je financiële gegevens moet delen.  

Meer weten over

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Mis geen enkele WinWin.

Xavier en Chaima sturen je elke week hun favoriete Wins. Stel je vraag, deel tips en word zo samen met hen een slimmere consument.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"