Zijn de straffen die politierechters kunnen uitspreken voldoende? De vraag stelt zich na het vonnis tegen een veertiger die in de zomer van vorig jaar een studente van 21 doodreed in Koksijde. Hij overtrad zowat alle regels: hij was onder invloed, reed te snel, reed ergens waar hij niet mocht, negeerde de voorrangsregels... Én: hij was al 14 keer eerder veroordeeld.
Na 14 eerdere veroordelingen een dodelijk ongeval veroorzaken: zijn straffen voor verkeerscriminelen wel zwaar genoeg?
Drie jaar cel, vijf jaar rijverbod, een boete van 5.000 euro en een levenslang verval van het recht tot sturen. De veertiger die vorig jaar een studente van 21 doodreed, kent zijn straf. Op het moment van het ongeval was hij onder invloed van heroïne, hij negeerde de voorrangsregels, reed te snel en reed op een baan waar hij niet mocht rijden. En, misschien nog schrijnender: hij werd al 14 keer eerder veroordeeld.
Een verval van het recht tot sturen? Dat moeten we misschien even uitleggen. De man in kwestie heeft sowieso een rijverbod van vijf jaar, dat betekent dat hij vijf jaar niet met de auto mag rijden. Maar daarbovenop heeft hij dus ook een verval van het recht tot sturen gekregen. Dat is een beveiligingsmaatregel die politierechters moeten uitspreken als er alcohol of drugs in het spel zijn. De bestuurder moet dan medisch bewijzen dat hij van zijn problematiek af is voor hij opnieuw achter het stuur mag kruipen, en in dit geval kan dat dus levenslang verlengd worden.
Een verval van het recht tot sturen kan bijvoorbeeld ook uitgesproken worden bij medische aandoeningen. Dan moet je als patiënt onder meer kunnen aantonen dat je gedurende verschillende maanden geen epileptische aanvallen hebt gehad.
Op het vonnis volgden veel reacties en vragen: is die straf wel streng genoeg? Kan je nog spreken over onopzettelijke doding als er zo veel en zo vaak drugs in het spel zijn?
Een rechter moet nagaan: had die persoon, op dat moment, op die plaats de bedoeling om dat slachtoffer te doden?
Justitiejournalisten Philip Heymans en Fatma Taspinar
"Een celstraf van drie jaar klinkt weinig, maar is anderzijds voor politierechters al een zware straf. De maximumstraf is vijf jaar. Bij die drie jaar zal de man effectief naar de gevangenis moeten", analyseren onze justitiejournalisten Philip Heymans en Fatma Taspinar in de nieuwste aflevering van de podcast "Onder ons: Crimi".
Waarom die maximumstraf van vijf jaar? "Het gaat hier om een onopzettelijk misdrijf. Ze gaan ervan uit dat die man niet achter het stuur gekropen is met de bedoeling om iemand dood te rijden. Dus zijn die straffen niet even streng als voor een moordenaar. Al kan je je wel afvragen: is dit niet bijna opzettelijk? Een wagen als moordwapen? Het is uiteraard geen klassieke moordzaak, maar het gevolg is wel hetzelfde."
"Een rechter moet nagaan: had die persoon, op dat moment, op die plaats de bedoeling om dat slachtoffer te doden? Juridisch moet je zeggen: nee."
Moeten we verkeerscriminelen harder kunnen straffen?
We leggen dezelfde vragen voor aan Dina Van Laethem, al jaar en dag politierechter in Halle-Vilvoorde, en aan Peter D'Hondt, politierechter in Dendermonde. Vinden zij dat ze streng genoeg kunnen optreden tegen overtreders? Met andere woorden: is het arsenaal aan straffen groot genoeg?
"Op zich wel. Ik begrijp het natuurlijk, voor de slachtoffers en nabestaanden is het nooit genoeg. Zij zijn iemand kwijt. Je moet ook weten dat elke rechter het ietwat anders doet. In eer en geweten hé, maar is dat altijd correct?", klinkt het bij Van Laethem.
Iemand die gepakt wordt onder invloed van heroïne, dan mag er geen next time zijn
Peter D'Hondt - politierechter
D'Hondt sluit zich daarbij aan: "Ik vind van wel. Het is alleen te zien wat je ermee doet. Soms wordt er te mild of met te veel begrip opgetreden. Ik heb vorige week nog iemand vier jaar cel gegeven. Hij had al 35 veroordelingen, ook drugsgerelateerd, op zijn naam staan. Je mag niet zomaar mensen laten grossieren in misdrijven, zéker niet in het verkeer", klinkt het fors. D'Hondt ziet vooral heil in dat verval van het recht van sturen: "Iemand die gepakt wordt onder invloed van heroïne, dan mag er geen next time zijn. Tenzij met een bewijs dat hij of zij clean is."
"Het arsenaal is zwaar genoeg. Je moet ook weten dat de brave mensen allemaal in datzelfde arsenaal zitten. Als we de strafmaten verstrengen, dan is dat ook voor u en mij", legt Van Laethem uit.
"Iedereen kan zich eens vergissen of een bord eens niet zien. In plaats van meteen streng te straffen, kies ik er soms voor om bijvoorbeeld gewoontedrinkers aan het lijntje te houden en ze om de paar maanden met bloeduitslagen naar de rechtbank te laten komen. Als die uitslagen dan goed zijn, krijgen ze minder strenge straffen. De meesten kiezen dan toch eieren voor hun geld. We moeten niet telkens strenger en strenger straffen, onze taak is ook voor een deel opvoeden."
Ik probeer altijd te zeggen: "Ik wacht niet tot je iemand doodrijdt"
Dina Van Laethem - politierechter
"Want, het begint altijd bij de mensen zelf", benadrukt ze. "Zij moeten zich ervan bewust zijn. Als het inzicht niet komt, dan schieten wij tekort. In al die jaren dat ik hier op mijn stoel zit, heb ik nog nooit iemand gehad die een tweede dodelijk ongeval veroorzaakt heeft. Wel zovelen die al zoveel keer betrapt zijn. Ik probeer altijd te zeggen: "Ik wacht niet tot je iemand doodrijdt". Ik ben soms bijna priester of psycholoog. Eigenlijk nodig ik iedereen uit om op een maandagmiddag - als de dodelijke ongevallen behandeld worden - te komen kijken in de rechtbank. Als je daar het leed van de mensen ziet..."
Ik klop altijd op dezelfde nagel: de straffen moeten ook uitgevoerd worden
Dina Van Laethem - politierechter
De verschillende straffen vindt ze dus wel voldoende, maar er is wel een grote maar in haar verhaal: "Ik klop altijd op dezelfde nagel: de straffen moeten ook uitgevoerd worden. Dat blijft volgens mij het grote pijnpunt en dat is frustrerend. Er zijn niet alleen criminelen, maar ook verkeerscriminelen." Ze heeft het dan niet alleen over de gevangenisstraffen, maar ook bijvoorbeeld over de controles op de rijverboden of de boetes.
"Jij en ik zouden ons rijbewijs binnenbrengen, maar wat als je dat niet doet? Er zijn ook bijvoorbeeld mensen die de boetes opstapelen tot, bijvoorbeeld, 20.800 euro. Als ze dan voor mij staan hebben ze welgeteld 0 frank betaald. En wat is de pakkans ook? Ik ben in mijn leven al twee keer gecontroleerd op alcohol achter het stuur."
Ook D'Hondt moet er eens van zuchten: "Men moet geen grotere hervormingen doorvoeren, alleen wat praktische. In Italië moeten bestuurders een sticker op hun voorruit plakken om te tonen dat ze verzekerd zijn. Bij ons mag dat niet. Waarom kunnen we niet even gemakkelijk een drugtest afnemen als een alcoholtest bij een controle? Zulke dingen. Het maakt mij een beetje moedeloos."
Kan je bij een ongeval altijd spreken van "onopzettelijkheid"?
En wat met het "onopzettelijk doden"? "Een dunne grens", twijfelt Van Laethem. "Je kan dan zeggen: als je zoveel drinkt, had je geweten moeten hebben dat het gevaarlijk is en dat je auto een moordwapen is. Maar ze hebben uiteraard nooit de bedoeling gehad om het te doen."
Mensen sterven niet in het verkeer, ze worden gedood
Peter D'Hondt - politierechter
"Als men zoveel omstandigheden bijeen sprokkelt en dan in een voertuig kruipt, dat heeft bijna niet meer met onopzettelijkheid te maken", vindt ook D'Hondt. "De attitude in dit land tegenover verkeer is altijd dubieus geweest. Men vergeet soms dat er tussen november 1972 en 2022 80.000 mensen gestorven zijn in het verkeer. Dat is bijna evenveel als het aantal Belgen dat stierf tijdens de Tweede Wereldoorlog. Mensen sterven niet in het verkeer, ze worden gedood."

