Naar hoofdinhoud

Studie naar veroordeelde vrouwelijke terroristen: "Justitie was aanvankelijk milder voor vrouwen"

Vrouwelijke IS-terroristen lijken milder behandeld te worden dan mannelijke terroristen. Dat blijkt uit de analyse van 283 uitspraken van het gerecht in België, Frankrijk, Duitsland en Nederland, in een pas verschenen studie. 

Dirk Leestmans
Gepubliceerd:

In de Belgische databank voor terroristen stonden (in de zomer van 2023) zo’n 100 vrouwen geregistreerd. Ze worden allemaal in verband gebracht met het jihadistisch terrorisme.

20 procent van de 430 Belgen die vanaf 2012 naar Syrië of Irak reisden om zich aan te sluiten bij IS, waren vrouwen. Sommige vrouwen keerden al snel terug, anderen bleven tot de val van het kalifaat.  

Internationaal gezien was naar schatting 1 op de 5 buitenlanders die naar het kalifaat reisden vrouw. IS creëerde een paradijselijk beeld van het kalifaat dat blijkbaar ook een hoge aantrekkingskracht had op vrouwen. 

De rol van vrouwen binnen IS was erg uiteenlopend. In een aantal gevallen was de rol beperkt tot het moederschap en het baren van kinderen om zo het kalifaat te doen groeien. Anderen hadden een actieve rol als verpleegkundige, cipier of lid van de religieuze politie. Maar vrouwen werden ook ingeschakeld in IS-propaganda en werving. 

120 gerechtelijke uitspraken

De onderzoekers analyseerden honderden vonnissen en arresten. Thomas Renard, de Belgische onderzoeker én coördinator van het hele onderzoek, nam 120 gerechtelijke uitspraken onder de loep. Het gaat over alle Belgische terrorismedossiers tussen 2012 en 2022, behandeld door het federaal parket, waarin vrouwen terechtstonden. 

De studie maakt ook komaf met het idee dat vrouwen die naar het kalifaat gingen, veeleer willoze onschuldige slachtoffers zouden zijn

Daaruit blijkt de erg jonge leeftijd van de vrouwen: 25 jaar. De meesten hebben de Belgische nationaliteit, een beperkt aantal de dubbele, Belgische en Marokkaanse. Opvallend is wel dat slechts drie onder hen eerder al eens veroordeeld werden. Dat verschilt sterk bij de mannen. Ongeveer de helft van de mannelijke veroordeelde terroristen had al een strafblad vooraleer ze zich ook schuldig maakten aan terrorisme. 

De studie maakt ook komaf met het idee dat vrouwen die naar het kalifaat gingen, veeleer willoze onschuldige slachtoffers zouden zijn. De meeste vrouwen wisten perfect waarvoor IS stond en ondersteunden deze gewelddadige ideologie ook. Meer, ze propageerden ze actief en rekruteerden vaak via hun familie nieuwe leden. 

De meeste Belgische IS vrouwen in Syrië en Irak boden logistieke ondersteuning in de terreurorganisatie. Er zijn slechts twee gevallen gekend van Belgische vrouwen die een terroristische training kregen. 

Nieuwe uitdagingen

De betrokkenheid van vrouwen in terreurgroeperingen is op zich niet nieuw. Maar de aantrekkingskracht van de jihadistische terreurgroep IS op hen was wel bijzonder groot. Dat stelde ook de Belgische overheden voor nieuwe uitdagingen. In de periode vóór 2012 werden slechts twee vrouwen veroordeeld voor terrorisme. In de periode tussen 2012 en 2022 werden liefst 118 veroordelingen uitgesproken. 

Het is eigenlijk pas na de terreuraanslag in Parijs in 2015 dat de Belgische justitie de mensen die naar Irak en Syrië reisden, systematisch ging vervolgen. 

In een eerste fase hadden politie en justitie in stereotype denkbeelden over deze vrouwen. Men omschreef hen als verliefde meisjes die blindelings hun man gevolgd waren. Dit stereotype werd trouwens ook geregeld gebruikt door advocaten om hen te verdedigen. 

Maar die visie wijzigde dus rond 2015. Toen bleek dat vrouwen een wezenlijke rol hadden gespeeld binnen IS. De bewijslast in deze dossiers was anderzijds niet altijd evident te leveren. De feiten speelden zich vaak af in Syrië of Irak en het is evident dat de Belgische justitie geen toegang had tot dat gebied. 

Dilemma

Na de val van het kalifaat zagen diverse nationale overheden zich geplaatst voor een dilemma: wat te doen met de vrouwen en kinderen die vastgehouden werden door de Koerden? Zowel vanuit een humanitair standpunt als vanuit veiligheidsoverwegingen, werd gekozen voor een georganiseerde terugkeer. 

Met de twee repatriëringsoperaties opgezet door de Belgische overheid, in 2021 en 2022, nam het aantal terugkeerders nog toe. In totaal keerden ongeveer de helft van de Belgische vrouwen terug. Bij de mannen is dat globaal genomen slechts 30 procent. 

Van de 120 Belgische dossiers (van vrouwen) volgde in de overgrote meerderheid een veroordeling. Slechts in 11 gevallen was er een vrijspraak. De meeste vrouwen werden veroordeeld voor lidmaatschap van een terroristische organisatie. Daarop staat een maximumstraat van 5 jaar. Er is één uitzondering: het dossier van Fatima A. Zij werd ervan beschuldigd leider te zijn van een terroristische organisatie en kreeg daarvoor een gevangenisstraf van 15 jaar. 

Nieuwe uitdagingen

Deze veroordelingen stelden ook het gevangeniswezen voor nieuwe uitdagingen. Het aantal vrouwelijke gedetineerden (veroordeeld voor terrorisme) nam in een jaar tijd enorm toe. Een plan om dit probleem aan te pakken, was er in eerste instantie niet. In de praktijk verdeelde men deze vrouwen over de 9 verschillende vrouwengevangenissen in ons land. Op die manier worden ze gescheiden van elkaar en verblijven ze gemengd met andere gedetineerden. 

Tussen haakjes, de twee afzonderlijke gevangenisafdelingen voor mannen, de zogenaamde deradex in de gevangenis van Ittre en Hasselt, worden vandaag de dag nauwelijks benut. In Ittre verblijft er welgeteld 1 gedetineerde op die afdeling, in Hasselt geen enkele.    

Voor het gevangeniswezen, zo blijkt uit de studie, stellen deze vrouwen eigenlijk niet echt een probleem. In tegenstelling tot bij de mannen zijn er, op een uitzondering na, blijkbaar geen pogingen om andere gedetineerden te radicaliseren. Een echte verklaring geven de onderzoekers niet, al veronderstellen ze wel dat een groot aantal vrouwen al deradicaliseerde in de Koerdische kampen, nog vooraleer ze hier in de gevangenis terechtkwamen. 

Recidive

Na hun vrijlating worden deze vrouwelijke ex-gedetineerden opgevolgd, net zoals de mannen. Die opvolging gebeurt evident om recidive te voorkomen. Dat specifiek recidivecijfer valt in vergelijking met het algemeen recidivecijfer (dat geschat wordt op zo’n 70 procent) erg goed mee. De onderzoekers tellen welgeteld twee gevallen van recidive, twee vrouwen die na een eerste veroordeling voor terrorisme hiervoor opnieuw veroordeeld werden.

De onderzoekers berekenden dat ongeveer 1 op de 3 terugkeerders uit Syrië en Irak, vrouw is. Om die reden alleen al verdient deze groep bijzondere aandacht. Ze vormen een niet te onderschatten collectief dat de gedachte van het kalifaat hier verder kan uitdragen. Ook al wijzen de eerste resultaten in de goeie richting, onderzoek op lange termijn blijft nodig, zo besluiten de onderzoekers.  

De studie werd uitgevoerd door het International Centre for Counter Terrorism (ICCT), een onafhankelijke internationale denktank gevestigd in Nederland. Het ICCT is verbonden aan de universiteit van Leiden en het Clingendael Instituut. Het boek is uitgegeven bij ICCT Press.  

Meer weten over

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Wat schuilt er achter Go Church? En hoe komt het dat vooral kwetsbare minderjarigen hier slachtoffer van worden? VRT NWS Pano trok op onderzoek.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"