Wijn drinken én maken, dat konden de Romeinen als geen ander. Volgens archeoloog Dimitri Van Limbergen kunnen we daar veel uit leren: de manier waarop in de oudheid aan wijnbouw werd gedaan, zou wel eens een oplossing kunnen bieden voor klimaatproblemen die wijnbouwers vandaag teisteren.
Kan techniek van oude Romeinen onze wijn beschermen tegen klimaatopwarming?
De klimaatverandering laat zijn impact voelen op heel wat sectoren. Ook wijnbouwers blijven niet gespaard.
“Ze worden steeds meer geconfronteerd met slechte weersomstandigheden voor wijnbouw, zoals hogere temperaturen. Daardoor moet de wijnbouw zich aanpassen aan die nieuwe omstandigheden”, zegt archeoloog Dimitri Van Limbergen in “Nieuwe feiten” op Radio 1. Hij voerde onderzoek over de materie uit als postdoctoraal onderzoeker van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek Vlaanderen aan de Universiteit Gent.
Het versnelde rijpingsproces van de druif vormt volgens hem het grootste probleem. “Door de hogere temperaturen worden de druiven sneller rijp, waardoor er vroeger geoogst moet worden. Daardoor bevatten de druiven te veel suikers, en dus komen wijnen met een te hoog alcoholgehalte op de markt.”
De toekomst van de wijnbouw? Die moeten we misschien wel bij de Romeinen zoeken
Maar ook andere problemen steken de kop op. Zo verschijnen andere soorten insecten ten tonele en duiken nieuwe schimmelziektes op. “Zeker in regio’s als Spanje, het zuiden van Frankrijk en van Italië, begint het een groot probleem te worden.”
Hoge bomen
Wijnboeren zijn dus op zoek naar oplossingen om hun druiven te beschermen tegen die klimaatveranderingen. En daarvoor moeten ze volgens Van Limbergen naar het verleden kijken. Meer specifiek naar de oude Romeinen.
Nette, parallelle rijen aan kort gesnoeide wijnstokken, dat zijn de typische wijngaarden die we vandaag kennen. Maar dat was in het Romeinse Rijk anders. “De Romeinen deden op verschillende manieren aan wijnbouw. Een van de manieren was het ‘arbustumsysteem’.” Letterlijk vertaald: “een plaats van bomen”.
Dat is een vorm van agrobosbouw waarbij landbouwgewassen worden gecombineerd met de aanplanting van bomen. “Het is eigenlijk een boomgaard waarbij wijnranken worden bevestigd aan bomen en zo omhoog groeien.” Daarvoor gebruikten Romeinen zowel fruitbomen als populieren, wilgen of essen.
Het Romeinse wijnbouwsysteem was aangepast aan kleine landbouwers
Dimitri Van Limbergen, archeoloog gespecialiseerd in antieke wijnsystemen
De wijnstokken groeiden soms wel tot op een hoogte van 15 of 20 meter. “Oogsten gebeurde met ladders. In de antieke iconografie is dat oogstproces mooi terug te zien: ze gebruiken er smalle, hoge ladders en kleine mandjes om de druiven te oogsten.”
Waarom de Romeinen het niet met rechte, lage ranken deden, zoals vandaag de dag het geval is? “Het Romeinse wijnbouwsysteem was aangepast aan kleine landbouwers. Ze moesten op één klein veld al hun gewassen telen. Ze gebruikten deze methode om zowel aan wijn-, graan- en fruitteelt te doen,” zegt Van Limbergen. Maar het heeft ook met het DNA van de druivelaar te maken. “Dat is van oorsprong een klimplant, en kan zich makkelijk standhouden in dergelijke omstandigheden.”
De potentiële vruchten plukken
De Romeinse manier van wijnteelt is zo goed als uitgestorven. “Er is een klein gebied in Napels waar het nog op enkele honderden hectare wordt toegepast, maar het blijft een unicum.” Al begint daar stilaan verandering in te komen. Zo wordt in Portugal en het zuiden van Frankrijk volop geëxperimenteerd met dit systeem van agrobosbouw.
Zo willen wijnbouwers zich wapenen tegen de hoge temperaturen en veranderende klimaatomstandigheden, en dat kan wel eens zijn vruchten afwerpen. “Door het bladerdek van de bomen worden druiven afgeschermd van de zon.” Dat zorgt voor een verkoelend effect, wat het rijpingsproces van de druif vertraagt.
Het vinden van balans is hierbij cruciaal. “Dat is een van de ingenieuze aspecten van dit wijnbouwsysteem. De Romeinse auteurs beschrijven dat al: als je balans kunt vinden tussen het bladerdak van de bomen en de behoefte aan zon van de wijnstok, dan krijg je druiven die op een hele egale manier rijpen.”
Bomen planten tussen wijnranken helpt ook om water uit de bodem weg te draineren
Dimitri Van Limbergen, archeoloog gespecialiseerd in antieke wijnsystemen
En dat is niet het enige voordeel. Bomen als populieren en essen hebben veel water nodig en trekken heel wat vocht uit de bodem. “Het is een soort van natuurlijk waterpompsysteem. Als je die bomen in groten getale plant, dan helpen die zeker om de bodem te draineren.” Dat is goed nieuws voor de druif, die niet goed tegen water kan en gevoelig is voor schimmelziektes.
Tijd voor een comeback?
Of we in de toekomst ons huidig systeem van uitgestrekte wijngaarden helemaal zullen inruilen? “Agrobosbouw is een van de pistes waar we naar kunnen kijken om wijnbouw aan te passen. Het zal niet in elke regio of in alle omstandigheden werken, maar het kan voor kleine wijnbouwers die in regio’s met grote temperatuurstijgingen werken, heel interessant zijn.”
Hoe die wijn precies zal smaken, dat is volgens Van Limbergen een nieuwe zoektocht om naar uit te kijken. Maar als we de Romeinen moeten geloven, kan het niet slecht zijn. Die dronken dagelijks liters van de verdunde drank.

