Na een nieuwe vlaag van drugsgeweld heeft de Ecuadoraanse president Daniel Noboa de "staat van oorlog" afgekondigd tegen de drugskartels in zijn land. Hij zet in op keiharde repressie en massaal politieoptreden om de criminaliteit in zijn land een halt toe te roepen. Johanna Renckens stelde zich in "De ochtend" op Radio 1 de vraag of dat wel de beste manier is om de problemen aan te pakken. Wij gingen op zoek naar een antwoord.
Is keiharde repressie de manier om drugsgeweld een halt toe te roepen?
3 oktober 2023. In de Ecuadoraanse hoofdstad Quito gaat de 31ste bijeenkomst van de Hoofden van Nationale Drugsbestrijdingsinstanties in Latijns-Amerika van start. Daar bespreken Latijns-Amerikaanse landen hoe ze de handen ineen kunnen slaan om de drugsproblematiek op het continent aan te pakken.
Tijdens de gesprekken gaf de Ecuadoraanse minister van Binnenlandse Zaken nog trots aan dat zijn land in een jaar tijd 521 ton drugs had onderschept. "Een historische mijlpaal", sprak de minister.
Amper drie maanden na de bijeenkomst krijgt datzelfde Ecuador te maken met een nationale drugs- en veiligheidscrisis. Enkele dagen geleden kon de beruchte drugsbaron Adolfo "Fito" Macías Villamar ontsnappen uit de gevangenis. Even later bestormden gewapende drugscriminelen een televisiestudio in de havenstad Guayaquil. Het is de start van een nieuwe golf aan drugsgeweld.
Volgens de president Daniel Noboa bevindt zijn land zich in een "staat van oorlog". Noboa ondertekende al een decreet dat 22 organisaties en bendes identificeert als "terroristische organisaties en strijdende lokale bendes". De ordetroepen, die massaal zijn opgeroepen en raids uitvoeren, krijgen de toestemming om bendeleden "te neutraliseren".
De Ecuadoraanse president zet dus in op grootschalige politiecampagnes en repressie om het drugsgeweld in zijn land een halt toe te roepen. Een beslissing die volgens de Vlaamse Johanna Renckens, die in het zuiden van Ecuador woont, op heel wat steun kan rekenen van de plaatselijke bevolking. Toch vraagt zij zich in "De ochtend" op Radio 1 af of het keiharde politie-optreden de beste manier is om de problemen op te lossen.
"Militairen kunnen heel snel ingrijpen, maar er kunnen ook verkeerde ingrepen gebeuren. Voorlopig is er nog niet geschoten op mensen zonder reden", getuigde Renckens.
Verdelgen van cocaplanten en "supergevangenissen"
Verschillende landen hebben last van de criminaliteit die internationale drugsbendes veroorzaken. Wat vaststaat, is dat een harde aanpak van de drugscriminelen geen uitzondering is in Latijns-Amerikaanse naties.
El Salvador is een van die landen. President Nayib Bukele heeft de strijd tegen de bendes in het land zijn stokpaardje gemaakt. Sinds zijn aantreden zijn al bijna 80.000 drugscriminelen opgepakt en massaal in "supergevangenissen" opgesloten. Een voorbeeld van zo'n gevangenis is het "Centro de Confinamiento del Terrorismo", waar plaats is voor zo'n 40.000 gedetineerden.
De maatregelen blijken ook te werken: sinds de start van de repressiecampagne zou het aantal moorden in 2022 met bijna 57 procent zijn gedaald. Het leverde Bukele heel wat lof op van andere Latijns-Amerikaanse landen, zoals Honduras en Guatemala. Toch toont de internationale gemeenschap zich ook kritisch. Zo is er sprake van verregaande schendingen van mensenrechten en mensonterende omstandigheden in de gevangenissen.
De nieuwe Argentijnse president Xavier Milei toont zich alvast voorstander van het Bukele-model. Daarbij vindt hij de kritiek over mensenrechtenschendingen niet belangrijk. "We moeten een harde hand gebruiken tegen criminaliteit", schreef Milei onlangs op socialemediaplatform X. "Mensenrechten voor goede burgers, dat is oké, maar niet voor criminelen."
Daarvoor richt hij zich onder meer op Rosario, de tweede grootste stad van het land en een belangrijke havenstad. Rosario wordt vaak beschreven als een "strategische enclave voor criminele organisaties", waar regelmatig drugsgerelateerde schietpartijen en moorden plaatsvinden. Bij een van die schietpartijen stierf vorig jaar de 11-jarige Máximo Gerez, wat voor veel ontzetting en woede zorgde. Daar wil Milei een einde aan maken. "Er is geen plaats voor drugshandelaren in Argentinië."
Toch wordt niet (langer) in elk land de keiharde aanpak gehanteerd. Kijk naar Colombia, waar zo'n 60 procent van alle cocaïne wordt geproduceerd. Meer dan 200.000 hectare van het land zijn dan ook beplant met cocabladen, wat het hoofdingrediënt is voor de drugs.
In het verleden koos de Colombiaanse regering eveneens voor een keiharde tactiek: arresteren en detineren stonden centraal. Daarnaast voerde de overheid een beleid waarbij cocaplantages met pesticiden werden besproeid, om de planten te verdelgen. Dat had echter vooral negatieve gevolgen voor kleinere boeren, maar had amper invloed op de praktijken van de grote drugskartels.
De Colombiaanse president Gustavo Petro heeft al aangegeven dat het beleid van zijn voorgangers "gefaald" heeft. "De "War on Drugs" werkt niet. Als we verder gaan, lopen we misschien de dood van de democratie op ons continent tegemoet."
Petro, die er een meer linkse signatuur op nahoudt, wil daarom de Latijns-Amerikaanse drugsproblematiek niet langer als een militair probleem, maar als een gezondheidscrisis benaderen. Pak de wortels aan, is zijn boodschap.
De Mexicaanse president Andrés Manuel López Obrador is alvast voorstander van het plan-Petro. Ook zijn land krijgt regelmatig met drugscriminaliteit te maken, onder meer omdat Mexico de laatste barrière vormt tussen Zuid-Amerika en de Verenigde Staten, een belangrijke afzetmarkt van de drugscriminelen.
Lopéz Obrador: "We moeten vechten tegen armoede, meer banen en goede salarissen bieden, voor jongeren zorgen en hen de kans bieden om te studeren en te gaan werken".
Wat is de beste oplossing?
Maar wat is nu de meest effectieve tactiek in de Zuid-Amerikaanse "War on Drugs"? En is de keiharde aanpak die de Ecuadoraanse president nu hanteert de juiste manier om het probleem op te lossen?
Teun Voeten gelooft alvast dat Ecuador op dit moment geen andere optie heeft. Hij verdiept zich als oorlogsfotograaf, journalist en antropoloog al jaren in de wereldwijde drugsproblematiek. Zo trok hij voor zijn werk al naar Colombia, Mexico en Ecuador.
"In elke strategie tegen drugs en misdaad is de repressieve dimensie heel belangrijk", stelt Voeten. "Dit is een situatie waarbij de georganiseerde misdaad de overheid uitdaagt. Dan moet de regering duidelijk laten merken: "Wij laten ons niet intimideren"."
Je begrijpt niet hoe het is om onder de permanente terreur van criminele groeperingen te leven
Teun Voeten, antropoloog
"De criminelen ontvoeren politieagenten, doden mensen, blazen auto's op en terroriseren burgers. Als regering mag je niet tolereren dat de gewapende misdaad een monopolie op geweld opeist, want dat monopolie behoort alleen aan de staat toe. Vanuit sociaal-democratisch oogpunt in Europa klinkt dit allemaal heel erg naar en eng, dat weet ik. Je begrijpt echter niet hoe het is om onder de permanente terreur van criminele groeperingen te leven."
Ook Cyrille Fijnaut gelooft dat de Ecuadoraanse president op dit moment weinig keuze heeft. Hij werkte onder meer als hoogleraar strafrecht en criminologie aan de Erasmus-universiteit van Rotterdam en de KU Leuven. "Wanneer criminele groepen de democratische staat zo in het nauw duwen, zijn er op korte termijn weinig andere opties dan een gewelddadige aanpak", stelt Fijnaut.
Toch is dat volgens Fijnaut geen langdurige oplossing voor het probleem. "Het gebruik van militair geweld kan de meest recente golf aan geweld wel stoppen, maar het gaat niet permanent verdwijnen. De ordediensten mogen nadien dus niet de wapens neerleggen. Ze moeten klaarstaan om snel opnieuw in te grijpen bij nieuwe opstootjes."
Kijk ook naar de andere kant van de transportlijn: wie hier drugs rookt of snuift, is deel van het probleem ginder
Cyrille Fijnaut
Daarnaast ziet hij op lange termijn ook meer heil in de voorstellen van de Colombiaanse en Mexicaanse presidenten: meer economisch en politiek perspectief voor de burgers. "Er is nood aan hervormingen in de economie. Zo biedt de overheid meer mogelijkheden voor de mensen die nu geen andere optie zien dan de drugscriminaliteit."
"Er zijn echter geen silver bullets in zulke conflicten", vertelt Fijnaut. "Sommige drugsoorlogen in Zuid-Amerika veroorzaken al bijna 30 jaar heel wat leed voor de bevolking."
Tot slot vraagt Fijnaut ook meer introspectie van het Westen. "Kijk naar de andere kant van de transportlijn. De pers heeft het telkens over de problemen in Zuid-Amerika, maar vergeet niet dat die drugs ook bestemd zijn voor Antwerpen en Rotterdam", waarschuwt Fijnaut. "Wie hier drugs rookt of snuift, is deel van het probleem ginder."

