Een werkweek van vier dagen, dus minder uren presteren, en toch evenveel verdienen: is dat realistisch zonder dat je organisatie er schade van ondervindt? Dat onderzoekt de universiteit van Gent in opdracht van het Federaal Planbureau en Belspo, het federaal agentschap voor wetenschapsbeleid. "In het buitenland zijn de resultaten vaak positief."
Een dag minder werken voor hetzelfde loon: federale overheid wil uitzoeken of (en voor wie) dat een meerwaarde kan zijn
De arbeidsdeal van vorig jaar maakte een vierdagenwerkweek al mogelijk, maar daarbij werd een vijfdagenweek in vier dagen gepropt: evenveel uren presteren dus, voor hetzelfde loon. Nu wil de federale overheid - in dit geval het Federaal Planbureau en Belspo, het federaal agentschap voor wetenschapsbeleid - uitzoeken of een echte arbeidsduurverkorting interessant kan zijn. Ook hier gaat het dus om een vierdagenweek, maar dan effectief met minder werkuren voor hetzelfde loon.
De universiteit van Gent is ingeschakeld om het experiment te trekken bij organisaties die zich vrijwillig kunnen aanbieden. "We zoeken vooral bedrijven die zelf denken dat ze op die manier vooruitgang kunnen boeken", legt professor Economie Brent Bleys van de UGent uit in het economisch magazine "De markt" op Eén. De UGent zal die bedrijven dan een halfjaar lang begeleiden in dat proces. Daarvoor aanmelden kan trouwens nog altijd .
"Het is aan bedrijven zelf om te bekijken in welke mate de voordelen opwegen tegen de kosten", zegt Bleys. "Je hebt bijvoorbeeld meer productieve en vaak minder afwezige werknemers en een hogere aantrekkelijkheid op de arbeidsmarkt: je zult makkelijker mensen aantrekken en minder snel mensen verliezen. Er bestaat ook een ondersteunende maatregel van de regering waarbij je - voor een beperkte tijd - een reductie hebt van de werkgeversbijdrage."
Verregaande reorganisatie
Bedrijven in het buitenland die hetzelfde experiment al hebben gedaan, gaan ook aan de slag met hun bedrijfsprocessen, voegt hij toe. "Ze denken na over hun vergadercultuur, afspraken rond stiptheid, communicatie, werken in vaste blokken, ongestoord werken. Het is dus vaak een onderdeel van een grotere oefening die productiviteitsverhogend kan zijn."
Het gaat in veel gevallen om een verregaande reorganisatie van een bedrijf. "Maar misschien wel een die zowel voor werkgever als werknemer interessant kan zijn. Dat zien we ook vaak in experimenten in het buitenland: dat bedrijven ook verdergaan met die vierdagenweek, omdat de resultaten positief zijn."
Misschien is dit een manier om meer in te zetten op meer levenskwaliteit en minder op consumptie en geld verdienen
Brent Bleys, docent economie aan de UGent
Bleys vindt alleen al de gedachteoefening van een collectieve arbeidsduurvermindering op zich al interessant. "Doorheen de eeuwen en decennia is er een tendens van een daling van arbeidstijd, maar die is de laatste 50 jaar sterk afgezwakt. Misschien is dit een manier om meer in te zetten op meer levenskwaliteit en minder op consumptie en geld verdienen."
En ja, vier vijfde werken, kan vandaag individueel al. "Maar dat heeft onder meer het nadeel dat het genderbevestigend werkt: vooral vrouwen doen het en vooral in bepaalde sectoren als de non-profit. Bovendien blijft de norm op 5 dagen liggen, waardoor jij dan afwijkt van de norm. Voor sommige werkgevers signaleert dat een gebrek aan ambitie."
Niet voor iedereen
De motivatie waarom bedrijven deelnemen, zal heel verschillend zijn, weet Bleys. "Ze hebben uitdagingen waarmee ze vandaag geconfronteerd worden: rekrutering, behoud van werkkrachten, afwezigheden opvangen, de jobtevredenheid, of zoeken gewoon een manier om veranderingen in de maatschappij te vertalen in een andere aanpak van arbeid in hun bedrijf."
Bij productie zal het moeilijker zijn om de productiviteit op deze manier te verhogen, zeker als je vertrekt vanuit het idee dat de werkdruk niet mag verhogen
Brent Bleys, docent economie aan de UGent
Maar hij maakt zich geen illusies: sowieso zal het concept niet voor elke sector even interessant zijn. "Het onderscheid zal wellicht liggen tussen productie en dienstverlening. Bij productie zal het moeilijker zijn om de productiviteit op deze manier te verhogen, zeker als je vertrekt vanuit het idee dat de werkdruk niet mag verhogen."
Bovendien waarschuwt Bleys nu al voor te veralgemenende conclusies na het onderzoek. "Je kunt dat wellicht heel moeilijk opschalen naar een hele economie. Het gaat om bedrijven die zichzelf aanmelden, dus er is wat we noemen een heel sterke 'zelfselectiebias'. Dat nadien opschalen, is op dit moment niet aan de orde. Je kunt enkel bekijken hoe dit impact heeft op de werking van de deelnemende bedrijven. Nadien is het aan hen om te zien wat ze ermee doen."




