Opgroeien zonder zorgen is voor veel jongeren niet vanzelfsprekend. Daarom wil De Warmste Week dit jaar zorgen voor meer veilige plekken voor kinderen en jongeren. Een eerste stap om daar te geraken is erover praten, want nu blijven veel jongeren onder de radar. Yana Vandeput werd op haar 13e geplaatst door Bijzondere Jeugdzorg, Charlie Dewulf voelde zich onveilig in diens gezin en vertelt daarover nu als regisseur-scenarist in diens films, en Emiel De Smet is welzijnswerker bij jeugdwerking LEJO.
"Ik denk niet dat ik het waard ben om graag gezien te worden, ik draag de gevolgen van mijn jeugd nog elke dag"
"Snapt ge mij nu?" is een podcast voor en door jongeren, gehost door Aurélie Boffé. Aurélie praat met twintigers en jonge dertigers die vanuit hun ervaring of hun expertise iets te vertellen hebben over een actueel onderwerp. Zo laat ze verschillende invalshoeken en meningen in een debat horen. De podcast is ook beschikbaar op VRT MAX.
Hoe is het om op te groeien zonder warme thuis?
Yana Vandeput: "Mijn mama heeft een psychiatrische stoornis en mijn papa was weinig thuis, daardoor liep het bij mij niet zoals in andere gezinnen. Ik was vrij vroeg zelfstandig en deed alle huishoudelijke taken. Op mijn dertiende ben ik beginnen rebelleren op school. Mijn broer heeft een mentale beperking en werd opgevolgd door een kinderpsychiater en daar werd dan gezegd: "Yana is onhandelbaar, we gaan Bijzondere Jeugdzorg inschakelen". Na twee gesprekken werd ik geplaatst in de kinderpsychiatrie. Daardoor was ik ervan overtuigd dat er iets mis wat met mij, dat ik 'gek' of 'raar' was, want alle jongeren van mijn leeftijd gingen braaf naar school en deden dingen die ik niet kon doen, omdat ik de zorg had voor mama en het gezin."
"Na zes maanden in de psychiatrie werd duidelijk dat ik daar niet op m'n plaats zat en dat ik beter in een leefgroep zou wonen. Maar er waren wachtlijsten dus ik werd gewoon naar huis gestuurd, waar alles van voor af aan begon. Ik ging veel heen en weer tussen psychiatrie, leefgroepen en internaat maar nergens konden ze iets met me aanvangen en dan stuurden ze me maar terug naar huis."
"Op m'n zeventiende probeerde ik alleen te gaan wonen, maar dat lukte niet. Praktisch gezien, huishouden en rekeningen betalen, was dat geen probleem. Maar als ik thuiskwam was er niemand, ik was heel eenzaam en ik sloot mezelf op. Dan heb ik een eetstoornis ontwikkeld en ben uiteindelijk zelf gaan aankloppen bij een voorziening. Daar ben ik toen wel goed opgevangen. Maar op school was dat moeilijk: ik moest zeggen dat ik in een voorziening zat en dan dacht iedereen dat ik iets fout had gedaan."
Ik hoop dat jongeren die nu in de jeugdzorg zitten, beseffen dat ze écht iets van hun leven kunnen maken. Dat hoop ik echt oprecht.
Yana Vandeput - ervaringsdeskundige
"Ik ben zelf voor opvoedster gaan studeren omdat ik iets wilde veranderen in de jeugdzorg. Ik ging meisjes keigoed steunen en helpen in hun traject dus ik werd leefgroepbegeleidster voor pubermeisjes. Daar zag ik mezelf terug, dat was heel confronterend. Het is moeilijk om mijn verleden een plaats te geven. Ik geloof niet dat ik het waard ben om graag gezien te worden. Ik geloof niet dat ik ooit een goede moeder kan zijn. Wat als ik dezelfde fouten ga maken als mijn ouders? Ik weet dat ik om te herstellen naar de kern van mijn problemen moet kijken, ook al is dat onzettend moeilijk."
"Ik hoop dat jongeren die nu in de jeugdzorg zitten, beseffen dat ze écht iets van hun leven kunnen maken. Dat hoop ik echt oprecht. Dat jongeren kunnen dromen."
Charlie Dewulf: "Als jongere heb je een plaats nodig waar je je veilig voelt. Volwassenen in je omgeving moeten je zeggen dat het oké is om fouten te maken en dat hun wereld niet instort als je dat doet. Dat heb ik heel erg gemist. Ik heb het gevoel dat mijn broer en ik heel veel schuld hebben gedragen van het gedrag van mijn ouders. Mijn vader kon echt woedend worden en als we daar dan van schrokken als klein kind waren wij degenen die verkeerd waren. Hij kon geen verantwoordelijkheid nemen voor zijn gedrag: wat hij fout deed, lag ook bij ons. We konden bijna niets goed doen."
"De laatste jaren heb ik ontdekt dat het eigenlijk even erg was dat mijn moeder daar geen verantwoordelijkheid voor nam. Ze had kunnen scheiden, ze had ertussen kunnen komen, maar ze zei dan: "doe nu maar gewoon even wat hij wil". Daardoor heeft ze ons aangeleerd dat als iemand over je grens gaat, je dat gewoon moet laten passeren. Dat is heel toxisch. Daardoor dacht ik later als er iemand over mijn grens ging, dat dat mijn schuld was en dat ik iets fout begrepen had."
Het moeilijke voor mij was dat ik altijd dacht: waarom sukkel ik met donkere gedachten? Ik heb toch alles gekregen wat ik nodig had? En dan denk je dat het je eigen schuld is.
Charlie Dewulf - ervaringsdeskundige
"Ik kom uit een middenklassegezin: wij gingen op vakantie, we hadden een huis, in de zomer stond er een zwembad, als we ziek waren gingen we naar de dokter, ik had eigenlijk niets te klagen als het over fysieke dingen ging. Wat er emotioneel gebeurde was voor de buitenwereld onzichtbaar. Mijn beide ouders zijn het voorbije jaar uit het leven gestapt, dus je ziet dat zij ook de prijs hebben betaald voor hun poging om alles te compenseren met geld en de schone schijn."
"Het moeilijke voor mij was dat ik altijd dacht: waarom sukkel ik met donkere gedachten? Waarom heb ik paniekaanvallen? Waarom krijg ik geen adem? Ik heb toch alles gekregen wat ik nodig had? En dan denk je dat het je eigen schuld is. En hoe subtieler hetgeen wat er misgaat is, hoe meer je de schuld bij jezelf legt. Als je dan niet durft te kijken naar de schuld van je ouders en daar boos en verdrietig om kunt zijn, dan word je ziek."
"Mijn levensverhaal is uiteindelijk ook wel het 'goud' dat ik gebruik voor mijn scenario's en films. Het bepaalt hoe ik met mijn crew en acteurs omga. Grenzen bijvoorbeeld vind ik heel belangrijk, ik wil een omgeving creëren waar mensen over hun gevoelens kunnen praten. Maar ik heb wel eerst voor mezelf moeten leren zorgen voor ik dit kon. De therapie die ik volgde was als de laagjes van een ajuin. De eerste laag was meteen een groot obstakel, durven zeggen dat het thuis niet oké was. Maar daaronder zat ook bijvoorbeeld dat ik mensen niet kan vertrouwen. Ouders zeggen soms: "het kan niet allemaal aan mij liggen hè wat er mis is met jou!". Maar ik vind wel dat ze een stuk van de verantwoordelijkheid daarvoor mogen opnemen, door toe te geven bijvoorbeeld dat ze fouten hebben gemaakt."
Emiel De Smet is jeugdwelzijnswerker bij LEJO, een organisatie die jongeren versterkt. "Opgroeien zonder zorgen is zowel fysiek als mentaal de ruimte krijgen om je te ontwikkelen en om te ontdekken wie je zelf bent. Om te kunnen experimenteren, te vallen en te botsen in een veilige omgeving."
"Wat ik hoor bij Yana en Charlie zie ik vaak terugkomen, zowel de situatie als hun reactie erop. Vaak ga je ofwel rebelleren, ofwel 'pleasen' en zorgend zijn, en geen van de twee reacties wordt voldoende gehoord. Als je rebelleert, komen er nog meer sancties thuis en op school. Als je voor anderen gaat zorgen, worden je eigen noden niet vervuld. Het raakt me elke keer en ook de verhalen van Yana en Charlie bezorgen me kippenvel. Het is hard om te horen dat het nog steeds gebeurt."
"Wat ik bij LEJO doe is jongeren in hun vrije tijd een warme plek bezorgen waar ze gewoon kunnen 'zijn' en waar wordt gestart vanuit het positieve. We focussen niet op de problemen maar op wie ze zijn. Als het vertrouwen groeit, krijg je de verhalen toch nog te horen maar de jongeren beslissen daar zelf over. In de jeugdzorg wordt vaak gestart met: "wie ben jij en wat zijn je problemen?". Wij starten met: "wie ben je en wat zijn je talenten?"."
"Hoe jongeren uit zo'n moeilijke jeugd komen, hangt erg af van de mensen rondom hen die een betekenisvolle relatie met hen aangaan. Hoe meer betekenisvolle vertrouwensrelaties ze hebben, hoe meer kans dat jongeren hun pad vinden. Dat pad kan een lange weg zijn, het neemt tijd om in te zien dat je een trauma hebt."
Eigenlijk schiet de samenleving hier te kort. Het is een verantwoordelijkheid van ons allemaal dat jongeren kunnen opgroeien zonder zorgen.
Emiel Desmet - jeugdwelzijnswerker bij LEJO
"Eigenlijk schiet de samenleving hier te kort, het is een verantwoordelijkheid van ons allemaal dat jongeren kunnen opgroeien zonder zorgen. We moeten ervoor zorgen dat de plekken waar jongeren komen - scholen, hobby's, jeugdbewegingen - veilig zijn en dat jongeren zich er welkom voelen. In scholen bijvoorbeeld lopen ze soms nog harder tegen de muur, omdat ze er moeten presteren en tussen de lijntjes moeten kleuren. Veel leerkrachten hebben goede intenties, maar er is weinig ruimte om buiten het lesgeven met de jongeren aan de slag te gaan. Er zijn leerlingenbegeleiders maar dat zijn er veel te weinig, daarvan moeten er veel meer komen. Het is geen rocket science, het is gewoon luisteren naar jongeren."
"We staan met LEJO ook op de lijst van De Warmste Week met het project "Dromen zonder zorgen". Heel veel van ons geld gaat naar personeel en we hebben te weinig middelen om jongeren hun dromen te laten uitvoeren. Dat kan iets heel simpels zijn, iemand die wil gaan boksen bijvoorbeeld. Daarvoor zijn die centen héél welkom."
Misschien herken je jezelf wel in de verhalen van Yana en Charlie. Als je daar graag over wil praten, kan je gratis en anoniem terecht bij Awel op awel.be of telefoonnummer 102. Ook bij Tele-Onthaal kan je gratis en anoniem terecht op tele-onthaal.be of telefoonnummer 106.

