Supportersgeweld in Griekenland, een voorzitter die een scheidsrechter in zijn gezicht mept in Turkije en wedstrijden tussen Standard en Anderlecht waar het komende jaar geen bezoekende fans meer welkom zijn. De voetbalwereld in binnen- én buitenland is de afgelopen dagen verschillende keren opgeschrikt door (supporters)geweld. Heeft het voetbal een geweldsprobleem? De podcast “Het kwartier” zocht het uit.
"Hooliganisme 2.0": waarom voetbal gevoelig blijft voor (supporters)geweld
Geweld in het voetbal is niet nieuw, horen we bij professor Jis Jeroen Scheerder, hoogleraar sportsociologie aan de KU Leuven. Wel moeten we volgens de hoogleraar een onderscheid maken tussen “hooliganisme 1.0”, het geweld op het veld dat we al kennen van de jaren 60, 70 en 80 van de vorige eeuw, en “hooliganisme 2.0”, wat we nu meemaken in de Belgische of Griekse competitie.
“Daar moeten we de aanleiding al lang niet meer op het veld zelf zoeken, maar buiten het stadion”, aldus professor Scheerder. “Meer nog, vaak is er zelfs geen enkele aanleiding meer nodig om zich extreem te gedragen in het voetbalstadion.”
Waarom is voetbal gevoelig voor geweld? Vuurwerkregels. En detectives in bedrijven
Voetbal als uitlaatklep
Dat geweld soms opduikt in het voetbal, heeft volgens Scheerder te maken met de maatschappelijke functies van het voetbal. Als eerste zien we de sport vaak als een uitlaatklep.
“Daar is op zich niets mis mee. Het is goed dat mensen in het weekend naar voetbal kunnen gaan kijken en zich daar eventjes laten gaan, zolang dat binnen bepaalde grenzen verloopt.” Hij pleit er dan ook voor om het voetbal als uitlaatklep te koesteren, maar wel met duidelijke afspraken.
“Daarnaast wordt voetbal ook vaak gezien als een weerspiegeling of uitvergroting van wat er in de maatschappij gebeurt, zowel positief als negatief”, gaat Scheerder verder. “Wat hier nu gebeurt kunnen we niet volledig los zien van de dingen die fout lopen in de samenleving zelf.” In die zin zou voetbal een barometer zijn van de samenleving.
Andere sporten hebben dat veel minder, aldus Scheerder. Voetbal is een typische contactsport, elke speler kan met elke andere speler in contact komen. En dat zie je niet noodzakelijk bij andere (team)sporten, zegt de hoogleraar. “Denk bijvoorbeeld volleybal waar een duidelijk net gespannen is tussen de twee teams.”
Dat argument voldoet volgens de hoogleraar niet, want ook bij andere sporten is er direct contact tussen de spelers. Denk maar basketbal of handbal.
“We moeten dus ook kijken naar hoe het zit met de samenstelling van het publiek en de spelers”, aldus Scheerder. “Voetbal is een heel gedemocratiseerde sport: het is heel toegankelijk voor diversie sociale lagen in de samenleving, zowel op als rond het veld.”
Dat diverse publiek, waarin alle lagen van de samenleving vertegenwoordigd zijn, betekent volgens de hoogleraar ook dat we heel wat extremen kunnen binnenhalen in een stadion, die voor amok zorgen. En dat is een groot verschil met andere sporten.
“De belangrijkste bijzaak ter wereld”
Niet te vergeten: voetbal draait vaak om veel meer dan enkel het spel. “De belangrijkste bijzaak ter wereld”, wordt de sport wel eens genoemd. Scheerder beaamt dat: “Er spelen vaak veel sterkere belangen mee in het voetbal. Op financieel vlak, maar ook sociaal, cultureel en economisch.”
“Neem nu het voorbeeld in Turkije. Het gaat daar om twee middenmoters, zeker geen topclubs. Daar gaat men op de vuist met elkaar, dus dat geeft al ergens aan wat het belang is dat daar speelt. Je zou kunnen zeggen dat het voetbal een soort stammentwist is, waar twee stammen elkaar bekampen. En dat gaat zeer ver.”
Eigen aan de sport? Of speelt ook de tijdsgeest een rol?
Scheerder denkt dat het niet toevallig is dat we zulke incidenten vooral bij het voetbal zien, en minder bij andere sporten. “Bij hockey, volleybal en basketbal hebben we ook al wel gezien dat supporters met elkaar op de vuist gaan, maar het blijven eerder uitzonderingen. Je zou kunnen zeggen dat ze net de regel bevestigen dat het probleem zich eigenlijk bijna uitsluitend binnen het voetbal situeert."
“Maar misschien geeft het toch wel aan dat het ruimer bekeken moet worden dan alleen het voetbalveld. Er gebeuren toch wel een aantal dingen in de samenleving die tot spanningen leiden. En die zorgen voor verdere polarisatie tussen groepen van mensen”, legt de hoogleraar uit.
Supporters nemen die spanningen volgens Scheerder mee naar het stadion en de wedstrijden, net omdat het een van de weinige uitlaatkleppen zijn waar mensen denken onaanvaardbaar gedrag te kunnen stellen. “Omdat de rest van de samenleving zeer gecontroleerd en gepolariseerd is.”
