Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA) is op Luke Air Force Base in Arizona geland, waar weldra de eerste Belgische piloten voor het nieuwe gevechtsvliegtuig F-35 worden opgeleid. De Vlaamse regeringsleider kreeg van het federale niveau wel geen toestemming om de instructeurs te ontmoeten. "Kleintjes", vond hij dat bij aankomst.
Minister-president Jambon landt op trainingsbasis F-35-piloten in Arizona, maar mag instructeurs niet ontmoeten
De basis in Arizona is de belangrijkste trainingslocatie in de VS voor de F-16 en de F-35 gevechtsvliegtuigen. Rond de faciliteit liggen vier oefengebieden die stuk voor stuk groter zijn dan België, meteen ook de reden waarom de opleiding in de VS gebeurt en niet dichter bij huis. Piloten kunnen er onder meer oefenen op het uitschakelen van luchtafweer.
Nederland, dat als partnerland van de VS sneller toegang had tot de F-35's, is al volop bezig met de opleiding. De eerste Belgen kwamen pas afgelopen zomer toe. Het gaat om twee ervaren F-16-piloten en een tiental technici. Eind deze week loopt de eerste Belgische F-35 van de band bij producent Lockheed Martin. Als die de nodige tests heeft doorlopen, kunnen de piloten met het toestel beginnen te experimenteren.
Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA) vloog naar de luchtmachtbasis met de Nederlandse minister-president Mark Rutte, in het Nederlandse regeringsvliegtuig. Ze werden ontvangen door Joost Luijsterburg, die aan het hoofd staat van het Nederlandse trainingsprogramma.
Verbod van federale regering om contact te hebben met militairen
"Blijkbaar is er vanuit de federale regering een verbod gekomen voor de Belgische militairen om contact met mij te hebben", zei Jambon. "Ik vind dat eigenaardig. Ik verbied de federale regering ook niet om contact te hebben met mensen uit de zorg of het onderwijs. Ik stel vast dat ik zelfs geen goedendag mag zeggen. Ik vind dat een beetje klein, maar het zal onze missie niet onderuithalen."
Die missie is vooral op technologie gericht. Verschillende Vlaamse en Belgische bedrijven werkten mee aan de F-35. Zo was Solvay een van de ontwikkelaars van de coating die het toestel quasi onzichtbaar maakt op de radar. "Zolang de klep waaronder de wapens zitten niet open gaat, kan de F-35 niet worden gedetecteerd door een vijandig vliegtuig", zei Luijsterburg.
Ook bezoek aan Silicon Valley en Silicon Desert
Waarin Vlaanderen, nog meer dan in coatings, echt het verschil maakt, zijn halfgeleiders, of chips. De komende dagen doen Jambon en zijn Nederlandse collega dan ook een rondje langs de grote spelers in Silicon Valley en Silicon Desert. Met een delegatie van zestien Vlaamse bedrijven bezoeken ze onder meer Microsoft, Google en Nvidia.
"Het Leuvense Imec is wereldwijd dé kennisinstelling als het over chips gaat", zei Jambon. "Hier in Arizona zit veel productiecapaciteit, dus de Amerikanen kijken naar wat bij Imec gebeurt om daar partnerschappen mee aan te gaan. Later deze week gaan we nog langs bij verschillende Amerikaanse universiteiten die ook willen samenwerken met Imec."

