Naar hoofdinhoud

De boeken van de week: winnaar Boekenbon Literatuurprijs 2023, het Oostende van Ensor en het boek van de premier 

"Mauk" van Vlaming Jan Vantoortelboom werd zopas bekroond met de Boekenbon Literatuurprijs. De jury prees het boek als een ode aan de kracht van literatuur. Oostende was een tijdlang the place to be voor de Europese elite. Kurt Van Eeghem neemt in "Oostende in de belle époque" een duik in het glorierijke verleden van Koningin der Badsteden. In "Waarom het beste nog moet komen" deelt premier Alexander De Croo zijn toekomstvisie voor het land. Nadia Nsayi brengt in "Congolina. De erfenis van Nele Marian" het verhaal van de eerste Afro-Belgische schrijfster. En de beklemmende roman "Prophet Song" van de Ierse schrijver Paul Lynch wint de prestigieuze Booker Prize. Dit zijn de vijf boeken die VRT NWS deze week tipt.  

Myriam Blieck Luna Corthals
Gepubliceerd:

Twee weken geleden won Jan Vantoortelboom de Boekenbon Literatuurprijs 2023 met zijn in mei verschenen roman "Mauk' (uitgeverij Atlas-Contact) . Vantoortelboom, afkomstig uit de Westhoek, woont sinds lang in Zeeuws-Vlaanderen maar voelt zich nog steeds "een West-Vlaamse kassei", vertelt hij op Radio 1.

Vervormde verbeelding

"Mauk" vertelt het verhaal van een zeventiger die op zijn sterfbed ligt en zijn leven overschouwt. Een leven dat hij liever over had geslagen als hij daartoe de kans gekregen had. Zijn kindertijd werd getekend door een tirannieke vader die zijn moeder mishandelde. Zijn redding is een denkbeeldige oudere broer Henri, die hem tegen zijn vader beschermt.

“Wat ik wou tonen is waartoe een kind in staat is om met een zwaar trauma om te gaan. De kracht van verbeelding is mooi, maar bij hem is het doorgeslagen. Hij is een gevangene geworden van het proces en er nooit meer uit geraakt. Hij kan geen onderscheid meer maken tussen werkelijkheid en fantasie”, licht Vantoortelboom toe. Bij Mauk vertaalt zich dat in woede, wat later in het verhaal leidt tot de mishandeling van zijn vrouw.

Verbeelding als vluchtmechanisme

“Ik heb twee jaar aan Mauk gevoeld en geroken voordat ik begon te schrijven. Op twee maanden was het boek af en schrijf-technisch was het een hoogtepunt". Vantoortelboom noemt dat hele proces een mechanisme dat intreedt om zijn eigen gemis en verdriet te verwerken. Zijn moeder stierf toen hij 16 was en maakte van hem een opstandige puber maar ook de schrijver die hij nu is. "Het begon met lezen, daarna werd het schrijven. Het opbouwen van een eigen wereld vraagt passie en tijd, waardoor je minder denkt aan andere shit in het leven. Het werkt als een soort vlucht", aldus de schrijver. 

Over het glorierijke verleden van Oostende zijn amper boeken te vinden. Opera - en Oostendeliefhebber Kurt Van Eeghem komt nu, na tien jaar research en bij de start van het Ensorjaar, met "Oostende in de belle époque" (uitgeverij Pelckmans) dat een licht werpt op de badstad in de periode van 1870 tot 1914.

Het zwierige tijdperk van Ensor

Toen Leopold I in 1865 besliste om Oostende als oorlogshaven op te geven, ontpopte het vissersdorp zich tot een mondaine stad met de mooiste dijk van Europa, sterrenhotels en eclectische gebouwen. De elite kwam uit alle hoeken van de wereld per trein aangewaaid. "Je kwam er terecht in een soort Dubai”, vertelt Van Eeghem in "De Afspraak". 

Het toenmalige Kursaal, dat afgebroken werd in 1940, organiseerde tijdens de zomermaanden van 1891 tot 1914 meer dan 10.000 symfonische concerten met de grootste componisten en vedetten: Enrico Caruso trad er 16 keer op. Er gold een dresscode: zijde, veren of satijn voor de dames en smoking of jacquet voor de heren. Ensor, die zijn hele leven in Oostende is blijven wonen, maakte er vrienden. Stefan Zweig schreef in 1902  in zijn dagboek: "Wat ik hier zie in Oostende is onvoorstelbaar. Je kan hier evenveel beleven als in de winter in Wenen." 

Einde van een tijdperk

Op 4 augustus 1914, de dag waarop Duitse troepen België binnenvielen, sloeg de elite op de vlucht en daarna is Oostende ingeslapen, vertelt Van Eeghem. Een andere verklaring waarom een einde kwam aan de glorie van Oostende vindt de auteur in de modewereld. “In 1920 zei Coco Channel in Vogue dat je bruin mag worden: dat is de echte doodsteek geweest, want ervoor was alleen het werkvolk bruin. De elite ging dan niet meer naar Oostende, maar naar de Riviera.” 

BEKIJK

In "Waarom het beste nog moet komen" (uitgeverij Pelckmans) maakt premier Alexander De Croo niet alleen het rapport op van zijn beleid maar maar deelt hij ook zijn toekomstvisie voor het land. 

Goed werk geleverd

In zijn boek staat Alexander De Croo stil bij de thema's die zijn periode als eerste minister gekenmerkt hebben. “We hebben vaak de neiging om enkel te spreken over wat slecht gaat. Er zijn nochtans veel domeinen waarover ik zonder blozen kan zeggen dat ons land een goede job verricht”, klinkt het op Radio 1  en hij verwijst naar België als één van de meest innovatieve en rijkste landen in Europa, de aanpak van de COVID-crisis en de inspanningen om de kloof tussen rijk en arm te verkleinen. “In mijn boek spreek ik op een eerlijke manier over mijn rol. Wat ik goed gedaan heb, maar ook waar ik meer stappen had kunnen zetten.” 

Samenwerken voor betere resultaten

Verder kijkt De Croo ook naar de toekomst: hij is voorstander van een nationale kieskring en vindt het confederalisme een politiek experiment. 

“Ik heb geen schroom om te zeggen dat het budgettair beter moet in de toekomst. Wat we gezien hebben zijn periodes van stilstand. Die zijn er vaak gekomen omdat nationalistische partijen oneindige discussies voerden om ons land uit elkaar te halen.” In plaats van zich te focussen op staatshervormingen, is het volgens de premier van belang om met mensen rond de tafel te zitten die kunnen samenwerken. “Samenwerken is geen flowerpoweridee. Het is moeilijk, neemt tijd en leidt soms tot knetterende ruzie. Maar het leidt wel tot betere resultaten.”         

De Croo geeft in het boek toe dat de politiek hem gehard heeft:  “Ik heb een muur rond mij gebouwd. Je leeft nu eenmaal in een omgeving waar je geraakt moet kunnen worden zonder dat je een emotioneel wrak wordt. Dat heb ik niet uit zelfbeklag geschreven. Ik mag bovenal richting geven aan een fantastisch land.”                

BEKIJK

Nele Marian is een van de eerste schrijvers van Afrikaanse afkomst in Europa. Nadia Nsayi brengt in "Congolina. De erfenis van Nele Marian" (uitgeverij De Geus) het verhaal van Nele Marian, pseudoniem voor Mathilde Huysmans, dochter van een Belgische officier en een Congolese moeder.

Mathilde Huysmans: een vergeten vrouw

Nsayi, die al tien jaar onderzoek voert naar de bijdrages van auteurs van Congolese afkomst aan de Belgische literatuur, kende Mathilde Huysmans tot haar eigen verbazing niet. Het was uitgeverij De Geus die haar contacteerde met de vraag haar verhaal te schrijven. 

Wat weten we over haar? Vader Huysmans is een Belgische officier die ten tijde van Koning Leopold II in Congo verblijft en daar een Congolese vrouw leert kennen. Samen krijgen ze in 1906 een dochter: Mathilde Huysmans. Op tweejarige leeftijd neemt haar vader Mathilde mee naar België waar ze terechtkomt in een internaat in Wallonië. Wanneer Mathilde tien is, sterft haar vader en komt ze onder voogdijschap van de zussen van haar vader, met wie de relatie moeilijk is. 

Wanneer Mathilde op haar 18de het internaat verlaat, kent ze een paar moeilijke jaren: ze is een gekleurde, alleenstaande vrouw in de jaren 30 in Brussel waar er slechts een heel kleine Congolese gemeenschap is die vooral uit mannen bestaat. Mathilde slaagt erin contact te nemen met een paar invloedrijke kolonialen en oud-kolonialen die haar helpen als schrijver bekend te worden.  

Het gaat haar voor de wind tot de oorlog uitbreekt en ze in de collaboratie verzeilt. Nsayi vermoedt dat ze op dat moment al een relatie heeft met René Franssen, een veroordeelde collaborateur met wie ze na de oorlog gaat samenwonen in Brussel.  

Literaire erfenis

In 1935 publiceert Nele Marian haar opmerkelijke dichtbundel "Poèmes et chansons". Volgens Nyasi schuilt het belang van dit literaire werk in de subtiele manier waarop Marian, in tijden van koloniale propaganda, de onderdrukking van de Congolesen aankaart en dit vanuit een Congolees perspectief. Ze schrijft in de wij-vorm waardoor ze zich in die gemeenschap plaatst, licht Nsayi toe.

In het boek staan naast originele gedichten in het Frans, ook de Nederlandse vertaling.   

De Ierse schrijver Paul Lynch wint met "Prophet Song" (Oneworld Publications) de Booker Prize 2023 , één van de de belangrijkste prijzen in de Engelstalige letteren.  Lynch treedt hiermee in het voetspoor van o.a. Damon Galgut en Douglas Stuart. 

Een oefening in empathie

"Prophet Song" is een dystopische roman waarin de schrijver het conflict in Syrië overplaatst naar Dublin. Volgens Elke D'hoker, professor Engelse literatuur aan de KU Leuven, is het een beklemmend boek dat de gevolgen van zo'n conflict op een persoonlijk niveau heel tastbaar maakt.

De roman verbeeldt wat er zou kunnen gebeuren als Dublin en heel Ierland in de greep komen van een totalitair regime waarin de noodtoestand wordt uitgeroepen, de regeringspartij alle macht krijgt, de geheime politie willekeurig mensen arresteert en laat verdwijnen. Het verhaal wordt verteld vanuit het perspectief van Eilish Stack die er alleen komt voor te staan nadat haar man is opgepakt tijdens een vreedzame betoging. Ze probeert alles rond te krijgen: haar werk, de zorg voor haar vier kinderen en voor haar dementerende vader die aan de andere kant van de stad woont en dit allemaal in een klimaat van wantrouwen en angst. Ze krijgt van niemand uit de buurt hulp want het hele gezin is na de arrestatie van de vader verdacht. Alles gaat van kwaad naar erger: er breekt ook nog een burgeroorlog uit en Dublin verandert in oorlogsgebied. Zo vat D'hoker het verhaal samen op Klara. 

Een moedig boek dat niet wegkijkt

Lynch schreef vier jaar lang aan het boek, vanuit een verontwaardiging over het feit dat er in het Westen zo weinig aandacht en empathie is voor de situatie in Syrië. Het was geen gemakkelijk boek om te schrijven, vertelde Lynch in zijn dankwoord, maar het is ook geen gemakkelijk boek om te lezen, vindt D'hoker.

"Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat dit boek een soort oefening in empathie is. Hij wil ons echt doen voelen wat het is om te leven in oorlogsgebied, om alles wat je hebt achter te laten en te vluchten", vertelt D'hoker.  "Een moedig boek dat niet wegkijkt", was het oordeel van de Booker Prize-jury. 

De Nederlandse vertaling van "Prophet Song" wordt in het voorjaar van 2024 verwacht en zal verschijnen bij uitgeverij Prometheus.

LUISTER

"Een moedig boek, dat niet wegkijkt"

KlaraEspresso
6min

Meer weten over

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Maak van VRT NWS jouw voorkeursbron op Google

Google heeft een nieuwe functie gelanceerd waarmee je zelf kunt kiezen welke bronnen je eerst ziet wanneer je zoekt. Zo mis je nooit meer het laatste nieuws van VRT NWS.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"