Colombia wil koste wat het kost het scheepswrak San José - dat een schat van vele miljarden herbergt - bovenhalen. En liefst nog voor 2026. Dat heeft de regering gezegd. Het verhaal van een eeuwenoud schip, dat al sinds jaar en dag het voorwerp is van een juridische strijd.
Colombia wil schat van eeuwenoud scheepswrak (dringend) bovenhalen: het verhaal achter de vele miljarden op de zeebodem
Kanonnen, theekopjes, servies, zwaarden, vazen, maar ook goudstaven, honderden munten, smaragden en juwelen: het eeuwenoude scheepswrak San José herbergt een schat die vele miljarden euro waard is. Niemand kent de precieze waarde, maar schattingen lopen uiteen van 3,5 tot 18 miljard euro (op basis van gegevens van het tweelingschip van de San José).
Niet verwonderlijk dus dat Colombia zijn zinnen gezet heeft om de schat boven te halen. President Gustavo Petro wil zelfs dat dat gebeurt voor zijn ambtstermijn afloopt in 2026. "Het is een van de prioriteiten van zijn regering", beaamt minister van Cultuur David Correa tegenover Bloomberg. "De president heeft ons gezegd dat we er vaart achter moeten zetten." Of het een haalbare kaart is, is een ander verhaal.
Om zijn doel van 2026 te bewerkstelligen, kijkt hij (onder meer) naar de privésector. Zo wil hij een publiek-privaat partnerschap oprichten, en als dat niet mogelijk blijkt wil hij dat een privébedrijf de opdracht krijgt.
Het verhaal van de San José
Voor het verhaal van de San José moeten we meer dan driehonderd jaar terug in de tijd, naar 1708. Het schip had net een lading goud, edelstenen en zilver ingeslagen om zo de Spaanse Successieoorlog te financieren. Maar al snel kwam het schip terecht in een zwaar gevecht met de Britten. Toen de Engelsen de San José wilden enteren, ontplofte het schip. Van de 600 bemanningsleden overleefden er amper 11.
Het galjoen - en de bijhorende buit - zonk naar de bodem van de oceaan, waar het na al die eeuwen nog steeds ligt.
Meer kapers op de kust
Heel lang was de precieze locatie van het scheepswrak een mysterie, en even lang werd het schip dan ook gedoopt tot "de heilige graal van de scheepswrakken". Tot op de dag van vandaag is de exacte plek staatsgeheim. En eigenlijk wordt er tot op de dag van vandaag over gebakkeleid.
Dat zit zo. Het Amerikaanse bergingsbedrijf Sea Search Armada zegt dat het in de jaren '80 al met succes de locatie van het wrak achterhaald heeft. Het bedrijf zou vervolgens een deal gesloten hebben met Colombia: in ruil voor de coördinaten zou het de helft van de lading krijgen.
Maar volgens Colombia heeft de Colombiaanse marine het wrak in 2015 gevonden, op een andere locatie (met de hulp van een kaart uit 1729). Iets dat de Amerikanen dan weer betwisten: volgens hen gaat het om dezelfde locatie, maar liggen de restanten over de zeebodem verspreid.
En ook Spanje, Bolivia en Peru vinden dat ze aanspraak maken op de schat. Allemaal halen ze andere argumenten aan: het schip behoorde in 1708 toe aan de Spaanse koning, maar de schatten zouden gestolen zijn in Peru en Bolivia.
Hoe dan ook maakt de schat voorwerp uit van verschillende rechtszaken. Zo besliste het Colombiaanse Hooggerechtshof dat de schatten gelijk verdeeld moesten worden tussen Colombia en Sea Search Armada. In de Verenigde Staten werden dan weer twee rechtszaken van Sea Search Armada afgewezen, en werd bekrachtigd dat het galjoen toebehoort aan Colombia. Op dit moment loopt er nog een zaak in Londen, SSA vraagt 10 miljard dollar, wat ongeveer de helft van de waarde van de schat is. De Colombiaanse minister van Cultuur heeft al benadrukt dat het land zich aan de uitspraak zal houden, maar dat de zaak geen enkele waarde heeft.
Mocht de schat de komende jaren bovengehaald worden, wil Colombia alles schoonmaken, bestuderen en inventariseren om de schat vervolgens tentoon te stellen in een museum. We zullen zien of dat nog lukt voor 2026.


