Optreden tegen de illegale wapenhandel is in ons land wel een prioriteit, "maar het is gewoon heel moeilijk". Dat zegt federaal procureur Frédéric Van Leeuw. De dader van de terreuraanslag maandag schoot met een oorlogswapen. "Iedere keer dat we te maken krijgen met een wapen, proberen we na te gaan wie het wapen verkocht heeft."
Federaal procureur Frédéric Van Leeuw: "Onderzoek naar illegale wapenhandel is gewoon heel moeilijk"
De feiten kent iedereen intussen wel: maandag schoot een man met de naam Abdesalem Lassoued twee Zweedse voetbalsupporters dood. Dat deed hij met een oorlogswapen dat hij vermoedelijk illegaal wist aan te schaffen.
Volgens federaal procureur Frédéric Van Leeuw is het moeilijk werken voor de politie als de dader in het bezit is van een oorlogswapen. "Als iemand een oorlogswapen bij zich heeft, kan er enorm veel collateral damage (er kunnen onschuldige slachtoffers vallen, red.) ontstaan. Het is ook heel gevaarlijk voor de speciale eenheden zelf."
"Mensen vragen zich vaak af waarom er zoveel tijd nodig is om bijvoorbeeld een gebouw binnen te dringen. Als het om een gebouw met 20 bewoonde appartementen gaat en je weet dat een kalasjnikov door 2 of 3 verdiepingen kan schieten, dan besef je dat dit extra moeilijk is voor de politie."
Er circuleren veel van die oorlogswapens in ons land. Een exact cijfer is er niet, wat wel zeker is: de strijd ertegen is moeilijk. "Het is in België geen prioriteit", zei Nils Duquet, directeur van het Vlaams Vredesinstituut en wapenexpert, dinsdagavond in "VRT NWS Laat".
Federaal procureur Frédéric Van Leeuw ontkent dat. "Het is niet dat dit geen prioriteit is, het is gewoon heel moeilijk", vertelt hij in "Terzake". "Er zijn heel veel wapens. Je kan het vergelijken met drugs. Dat is ook een prioriteit om aan te pakken, maar er blijven drugs komen."
Zoektocht naar verkoper
Volgens cijfers in de krant De Tijd werken er op dit moment 3 à 4 voltijdse medewerkers op de centrale dienst wapens bij de federale politie. 10 jaar geleden waren dat er nog 11. Kan je zo de strijd met de illegale wapenhandel wel aangaan?
"Het aantal medewerkers is een politieke beslissing, daarover ga ik me niet uitspreken. Wat ik wel kan zeggen: iedere keer dat we te maken krijgen met een wapen, proberen we na te gaan wie het wapen verkocht heeft."
"Al weet je natuurlijk niet of de verkoper wist dat het wapen gebruikt zou worden voor terroristische doeleinden. Als u een kalasjnikov koopt, is dat natuurlijk niet om muggen te doden. De meeste mensen die een wapen verkopen, vragen niet waarvoor het wapen zal dienen."
Uitlokking
Infiltreren in het illegale wapencircuit, is volgens Van Leeuw lastig. "Het wordt heel snel uitlokking als een politieman vraagt om een wapen. En uitlokking is verboden door het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens."
Van Leeuw verwijst naar de wet op bijzondere opsporingsmethoden tot de wapenhandel. Die stelt dat undercoveragenten niet zelf op zoek mogen gaan naar wapens. Ze moeten wachten tot hen wapens worden aangeboden. "Dat gebeurt maar zelden."
Toch kon de politie ook al successen boeken. "Na de operatie die wij gedaan hebben na de aanslagen van 13 november (de aanslagen in Parijs in 2015, red.) hebben we gezien dat terroristen geen wapens meer konden krijgen. Het crimineel milieu had afstand van hen genomen."



