De regering hoopt voor volgend jaar op 13 miljoen euro aan opbrengst uit de Kaaimantaks, simpel gezegd een belasting op constructies in belastingparadijzen. Is dat veel of is dat weinig? Wij proberen het hier af te wegen. Spoiler alert: niemand weet het echt.
Daar is de Kaaimantaks weer in de begroting: wat levert die eigenlijk op?
De Kaaimantaks werd ingevoerd in 2015 (en in 2017 aangescherpt), door minister van Financiën Johan Van Overtveldt (N-VA). De bedoeling was belastingontwijking via landen met een lage belastingvoet, zoals de Kaaimaneilanden, tegen te gaan. Vermogende Belgen blijken namelijk hun kapitaal wel eens onder te brengen in trusts, stichtingen of offshore vennootschappen op plaatsen waar geen of nauwelijks belastingen worden geheven.
De Kaaimantaks is een zogenaamde doorkijkbelasting. Dat betekent dat het de achterliggende personen in België belast alsof ze die inkomsten zelf rechtstreeks hadden verkregen. De fiscus kijkt als het ware door de constructie die werd opgezet. De taks kwam er trouwens kort na een andere belangrijke maatregel: sinds 2013 is het verplicht een buitenlandse juridische constructie aan te geven. Het zal u niet verbazen dat niet iedereen dat deed.
Bijna niet te becijferen
Door de Kaaimantaks werden bepaalde inkomsten die voorheen niet werden belast, dat nu wel. Daarnaast had de Kaaimantaks ook een belangrijk ontradend effect: de wetgever wou het opzetten van dergelijke buitenlandse constructies als het ware overbodig maken. Want belast werd je toch. Maar dit maakt het wel moeilijk de opbrengst van de taks in te schatten: hoe bewijs je dat bepaalde constructies nu niet werden opgezet, door de wijziging van de wet?
Dit brengt ons op een cruciaal punt. Eigenlijk is het bijna onmogelijk te ramen wat de Kaaimantaks precies in het laatje brengt. Want, zoals fiscaal expert Gerd D. Goyvaerts (kantoor Tiberghien) opmerkt: "Er bestaan geen aparte codes voor inkomsten die aangifteplichtig zijn door de Kaaimantaks. De taks voorziet namelijk in een transparante belasting van àlle types van inkomsten. Als je hiervoor codes zou toepassen, zouden er mogelijks meer dan 250 codes moeten bijkomen. Voor alles samen een heel klein aantal belastingplichtigen. Het gaat hooguit om enkele duizenden dossiers."
Cijfers van het Rekenhof
Toch heeft het Rekenhof een poging gedaan de opbrengsten van de Kaaimantaks te becijferen. Het wijst er eerst ook wel op dat dat heel moeilijk is. Want er zijn nog andere factoren die een rol spelen: de al gemelde plicht om buitenlandse constructies te melden (merkbaar in de aangiften vanaf 2014) en ook de internationale uitwisseling van gegevens tussen belastingdiensten (merkbaar vanaf 2019).
Voor wie wat technische uitleg wil: het Rekenhof heeft in de aangiftes van de personenbelasting en de rechtspersonenbelasting (dat zijn de twee soorten aangiftes waarop de Kaaimantaks van toepassing is) de codes voor roerende voorheffing gekruist met die van de aanwezigheid van buitenlandse constructies. En het heeft de situatie voor en na de wijziging van de wet bekeken.
Op basis van die berekening raamt het Rekenhof de opbrengst van de Kaaimantaks sinds 2015 op ruim 188 miljoen euro, op datum van eind juni van dit jaar. In die som zitten, behalve de toegenomen roerende voorheffing (veruit de grootste inkomstenbron), ook de bedragen die geïnd zijn na controles van de Bijzondere Belasting Inspectie, de boetes die geheven zijn na het niet melden van een juridische constructie en ook bedragen die geïnd werden na de publicatie van verschillende Leaks dossiers in de pers (Panama Leaks, Pandora Leaks, Dubai Leaks...) We zeiden het al: het Kaaiman-geld komt langs verschillende kanalen binnen.
Kaaiman in de begroting
Het Rekenhof is ook in de begrotingen van het verleden gedoken, sinds de invoering van de Kaaimantaks. Het stelt in zijn verslag letterlijk dat "de gerealiseerde opbrengst lager is dan de geraamde opbrengsten van de Kaaimantaks in de begrotingen (...) In 2015 werd 50 miljoen euro geraamd, in 2016 460 miljoen euro." Ruim een half miljard werd dus ingeschreven in de begrotingen van twee jaar, terwijl de geschatte reële opbrengst (voor wat die schatting waard is) ruim 188 miljoen euro bedraagt in zeven of acht jaar...
In het verslag van het Rekenhof staat ook: "Vanaf het begrotingsjaar 2017 werden de geraamde opbrengsten van de Kaaimantaks niet langer apart vermeld in de begroting." Tot dit jaar dus: 13 miljoen euro. Tenminste, zo stond het in de begrotingstabel die de kabinetten naar de journalisten stonden, op of rond het moment dat de premier zijn beleidsverklaring voorlas.
Of niet in de begroting?
Een woordvoerder van het Rekenhof meldt ons intussen: "De tabel die je ons toonde, weerspiegelt niet de structuur van de eigenlijke begroting waarin dus geen apart "ontvangstenartikel" zit voor de Kaaimantaks." De opbrengst van de taks staat dus niet in de eigenlijke begroting, wel in de communicatie van de regering over de begroting.
Hoe dan ook is het bedrag van 13 miljoen euro bescheiden, in vergelijking met de 460 miljoen euro uit 2016. Is de regering tot inkeer gekomen? We krijgen hier geen duidelijk antwoord op.
We eindigen met een commentaar van fiscaal expert Michel Maus: "Het is mij een raadsel hoe men dergelijke belastingopbrengsten begroot. Mij lijkt dit dan ook grotendeels nattevingerwerk te zijn. Dit doet geen afbreuk aan het systeem zelf van de Kaaimantaks, alleen lijkt het mij gevaarlijk om zich hierop budgettair te gaan vastpinnen." Waarvan akte.

