Halfweg juni bevestigde minister van Justitie Vincent Van Quickenborne (Open VLD) dat er sporen gevonden waren van spionagesoftware op de telefoons van leden van de politie en magistraten. Maar na een bijkomende analyse, blijkt dat niet te kloppen. "Deze resultaten mogen geen vals gevoel van veiligheid geven", waarschuwt de minister.
Na bijkomende controle: telefoons van politie en magistraten dan toch niet besmet met spionagesoftware
Het is de cel voor computercriminaliteit van de federale politie die eerder "sporen" van spionagesoftware had gevonden op gsm's van politiemensen en magistraten. Onder meer de gsm van onderzoeksrechter Michel Claise - gespecialiseerd in financiële fraude - kwam "positief" uit die test. "Ik wil zo’n praktijken absoluut veroordelen, die komen van vreemde mogendheden, omdat ze de veiligheid van ons land bedreigen", reageerde minister van Justitie Vincent Van Quickenborne (Open VLD) halfweg juni.
Maar na een "bijkomende grondige analyse bleken de aanvankelijke hits uiteindelijk alle neer te komen op zogenoemde valse positieven", laat Van Quickenborne nu weten in een antwoord op een parlementaire vraag van oppositielid Michael Freilich (N-VA). "De analyse kon de hits terugleiden naar legitieme processen op de smartphones", klinkt het nu.
Waarover gaat dit?
De dienst computercriminaliteit van de federale politie (FCCU) voerde een aantal controles uit op smartphones van magistraten en politiemensen die betrokken zijn bij gevoelige dossiers. Uit die screening kwamen een aantal mogelijke besmettingen met spyware naar boven. Die analyse bleek nu fout te zijn en de telefoons blijken dus niet besmet.
Spyware kan getroffen gsm overnemen, berichten, foto's of contacten inkijken en de microfoon en camera ongemerkt inschakelen. Het bekendste voorbeeld van zo'n software is "Pegasus", software van het Israëlische bedrijf NSO Group, waar het federaal parket nog steeds een onderzoek naar voert.
"Voorzichtigheid blijft geboden"
Voor Kamerlid Michael Freilich (N-VA) is dit een teken dat de minister "voor zijn beurt heeft gesproken". "De minister had zich beter onthouden van enig commentaar", aldus Freilich. "Nu staan we niet alleen voor aap, ook de betrouwbaarheid van toekomstige communicatie over cyberaanvallen wordt hiermee aangetast."
Van Quickenborne waarschuwt echter voor een "vals gevoel van veiligheid". Wie werkt op dossiers die gevoelig zijn voor groepen die spyware gebruiken, gaat er best vanuit dat die software ook effectief wordt ingezet, meent de Justitieminister. "Voorzichtigheid blijft geboden", klinkt het.



