Er zit te veel bisfenol A in ons lichaam. Dat blijkt uit een Europese studie bij bijna 3.000 volwassenen uit 11 EU-landen. Bisfenol A is een synthetische, chemische stof die gebruikt wordt in onder meer plastic flessen en drankblikjes, en schadelijk kan zijn voor de gezondheid. Meer dan 9 op de 10 proefpersonen had te veel bisfenol A in de urine, tot zelfs 1.000 keer meer dan de Europese norm. Maar wat betekent dat?
Europeanen hebben te veel bisfenol A in het lichaam: "Tot 1.000 keer meer dan Europese norm die onlangs verstrengd is"
Ons lichaam wordt bijna voortdurend blootgesteld aan bisfenol A. En dus wilde het Europese Milieuagentschap laten onderzoeken hoeveel de chemische stof precies voorkomt in ons lichaam.
Bij 2.765 volwassen proefpersonen uit 11 landen, waaronder Duitsland, Frankrijk en Luxemburg werden tussen 2014 en 2020 urinestalen afgenomen. Bij 92 procent van de deelnemers werd te veel bisfenol A gevonden in de urine en steeds ver boven de veilige norm. "In sommige gevallen tot zelfs 1.000 keer meer dan de Europese norm", zegt toxicoloog Greet Schoeters (UAntwerpen) die heeft meegewerkt aan de studie.
Wat is bisfenol A?
Bisfenol A is een zogenoemde weekmaker, een synthetische stof die wordt toegevoegd aan kunststoffen om ze minder hard te maken. Ze worden gebruikt in zowat alles wat van plastic is gemaakt.
Voor de gezondheid wordt vooral gekeken naar onder meer plastic flessen, drinkbekers en verpakkingen voor drank en voeding. Bisfenol A zit ook in epoxyharsen, die bijvoorbeeld als coating worden gebruikt voor metalen drankblikjes en in medisch materiaal zoals tubes en spuiten.
Onrealistische normen?
Er is wel een grote maar: "Europa heeft de norm voor de aanvaardbare dagelijkse inname van bisfenol A in april sterk verstrengd", zegt professor Schoeters. "De drempelwaarde ligt nu 20.000 keer lager dan voordien. Dat is lager dan wat we nog kunnen meten en het is dus geen verrassing dat we daar nu ver boven zitten."
"Die veel strengere norm is er gekomen, omdat uit dierenproeven bleek dat bisfenol A schadelijker is dan eerst werd gedacht. Zelfs bij heel lage niveaus zien we al effecten aan het afweersysteem, al gaat het wel om kleine veranderingen."
"Je moet altijd opletten met de interpretatie van die waarden", benadrukt ook toxicoloog Jan Tytgat (KU Leuven). "We weten dat bisfenol A bij bepaalde concentraties hormoonverstorend kan werken, met vruchtbaarheidsproblemen tot gevolg. Er zijn ook negatieve gevolgen voor het immuunsysteem, maar dat betekent nog niet dat je er ziek van wordt."
Nu al minder bisfenol A in de urine dan vroeger, maatregelen werken wel
Greet Schoeters, toxicoloog UAntwerpen
Bisfenol A is sinds 2011 al verboden in papflessen voor baby's. Sinds 2018 is er ook een verbod op het gebruik van bisfenol A in plastic flessen en in voedingsverpakkingen voor kinderen jonger dan 3 jaar. Er zijn sindsdien ook strengere regels voor speelgoed voor kinderen jonger dan 3.
"De urinestalen zijn afgenomen tussen 2014 en 2020 en we zien dat in die periode de hoeveelheid bisfenol A in het lichaam al is afgenomen", zegt professor Schoeters. "De regelgeving werkt dus wel."
"Maar als je echt de Europese norm wil halen, dan zou je bisfenol A volledig moeten weren", zegt Schoeters. "Het is aan Europa om te beslissen in hoeverre men dat wil doen. De stof heeft ook nuttige eigenschappen voor de industrie, maar misschien moet het niet in alles zitten."
De KU Leuven laat nog weten dat ze werkt aan een alternatieve molecule voor bisfenol A, zonder negatieve impact op de gezondheid en het milieu. Het onderzoek gebeurt momenteel nog op laboschaal.

