Ecuador gaat meer dan 3 miljoen euro investeren om 12 diersoorten te herintroduceren die zijn uitgestorven op Floreana, een van de bekendste eilanden van de Galapagos-archipel. Floreana was het eiland dat de Britse wetenschapper Charles Darwin inspireerde tot zijn evolutietheorie. De vinken die hij daar bestudeerde behoren tot de soorten die moeten terugkeren naar Floreana.
Reuzenschildpadden en boomvinken die Charles Darwin inspireerden, keren terug op Galapagoseiland
Vegetarische boomvinken, heksenvogels, lavameeuwen, galapagosbuizerds en reuzenschildpadden: het zijn enkele van de 12 soorten die binnenkort hopelijk terugkeren op Floreana.
Endemische soorten worden ze genoemd: soorten die uitsluitend voorkomen in één geografisch afgegrensd gebied. De Galapagos-eilanden vormen het leefgebied van tal van dieren en planten die nergens anders voorkomen.
Maar op Floreana, het eiland van de archipel dat het sterkst is beïnvloed door menselijke aanwezigheid, zijn sommige soorten ernstig bedreigd of zelfs verdwenen.
Daar gaat de regering van Ecuador, waar de Galapagos-eilanden staatskundig deel van uitmaken nu iets aan doen. Ze gaat meer dan 3 miljoen euro investeren in een programma om 12 soorten te herintroduceren op het eiland.
Het programma moet verlopen in twee fases. Eerst zullen ratten en katten - roofdieren die met de mens zijn meegekomen - van het eiland worden verwijderd. In een tweede fase, vanaf januari volgend jaar, moet het eiland worden klaargemaakt voor de herintroducties van de verdwenen soorten.
Eerder dit jaar werd de internationale schuldenlast van Ecuador met ongeveer een miljard dollar (ruim 930 miljoen euro) verminderd, in ruil voor het engagement om 450 miljoen dollar (bijna 420 miljoen euro) te investeren in het beschermen van de Galapagos-eilanden.
Kwetsbaar ecosysteem
De Galapagos-archipel bestaat uit 13 grote en 115 kleinere eilanden zo'n 1.000 kilometer voor de kust van Ecuador, in de Stille Oceaan. De eilandengroep heeft een van de meest kwetsbare ecosystemen ter wereld.
Zowat halfweg de negentiende eeuw legde de Britse wetenschapper Charles Darwin op deze eilandengroep de basis voor zijn evolutietheorie. Toen hij er vinken observeerde, ontdekte dat hij dat de vogels op het ene eiland botte snavels hadden, waarmee ze de daar aanwezige noten konden kraken. Op het andere eiland hadden de vinken dan weer scherpe snavels, waarmee ze makkelijk aan insecten konden, die daar juist vaak voorkwamen. De vogels hadden zich aangepast aan de omstandigheden op het eiland waar ze leefden, concludeerde Darwin - waarbij de evolutietheorie het licht zag.
De Galapagos-eilanden vormen samen een nationaal park, terwijl de zee errond is benoemd tot zeereservaat. Vorig jaar nog werd dat beschermde gebied met 60.000 vierkante kilometer uitgebreid. Sinds eind jaren 70 staat de Galapagos-archipel op de Unesco-werelderfgoedlijst.



