De hulpverlening na de zware aardbeving in Marokko verloopt erg moeizaam. Nochtans staan heel wat landen klaar om hulp te bieden. Tot nu toe is enkel Spanje ter plaatse. Marokko laat slechts met mondjesmaat hulp toe. Volgens de regering om alles goed te kunnen coördineren. Politicoloog en kenner Fouad Gandoul vindt het ronduit ergerlijk. "Ze willen hun soevereiniteit beklemtonen, maar dit kost mensenlevens."
Waarom mogen maar 5 landen hulp bieden? Marokko-kenner Fouad Gandoul: "Autonomie benadrukken ten koste van mensenlevens"
Marokko aanvaardt voorlopig van vijf landen hulp: de Verenigde Arabische Emiraten, Qatar, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en Saudi-Arabië. Dat laatste land helpt met een luchtbrug om goederen te leveren. De Marokkaanse regering wil naar eigen zeggen alles goed kunnen coördineren. "Het is eigenaardig. Men is overdonderd door de situatie", zegt Fouad Gandoul in "Nieuwe feiten" (Radio 1). Gandoul is zelf verre schoonfamilie kwijt door de ramp. "De Marokkaanse overheid wil eerst de behoeften in kaart brengen. Ze willen niet automatisch ingaan op het aanbod." Maar de vraag om hulp is enorm en vooral dringend.
Gandoul ziet hierin een vorm van politieke communicatie. "Marokko zegt "we zijn een soeverein land, wij zullen wel beslissen welk land we efficiënt kunnen inzetten". Dat is een krankzinnige redenering. Het gaat om leven en dood en dan wordt beslist wat de politiek het beste uitkomt."
Marokko werkt zich echter intern in de nesten. Gandoul: "In Marokko zijn steden sterk ontwikkeld, ze halen de Europese normen en standaarden. Maar op de boerenbuiten leven ze nog in de middeleeuwen. Die kloof is groot. Als er dan iets gebeurt, kan de politiek zich niet organiseren. Waarom moet een verkozen regering wachten op een koning die terugkeert uit Frankrijk om een spoedvergadering op te zetten en te beslissen?" In Marokko houdt de koning de touwtjes strak in handen.
Eerst de levenden onder het puin
VRT NWS-journalist Inge Vrancken zit in Marrakesh en ziet de improvisatie op het terrein. "Het Marokkaanse leger doet het grootste werk. Gisteren zijn de Spanjaarden aangekomen. Dat viel op: zij schoten niet meteen in actie. Ik hoorde ze zeggen dat er geen hoop meer was in het dorp Moulay Brahim (53 kilometer van Marrakesh, red.)", zegt ze in het Radio 1-programma "De ochtend".
Een bikkelharde boodschap, maar niet geheel onlogisch. "De hulpverleners willen zich focussen op het vinden van overlevenden in het puin. De tijd tikt. Pas daarna ligt de focus op het bergen van lichamen."
Marokkanen zijn niet gewoon kritiek te uiten op hun koning en regering
journalist Inge Vrancken over de internationale hulp
Spanje is het eerste land dat een officiële hulpvraag kreeg van Marokko. Dat is een noodzakelijke voorwaarde. Ondertussen zijn er nog vier landen bijgekomen. Ook Vrancken vindt dat bijzonder opmerkelijk. "Slechts vijf landen, en dat terwijl zoveel landen klaarstaan. Letterlijk. Ze hoeven maar het vliegtuig op te stappen. De hulpvraag blijft uit van de Marokkaanse overheid."
Hoe komt dat? "Ik probeer hier een antwoord te krijgen van de lokale bevolking, maar de mensen zijn het niet gewoon kritiek te uiten op de koning en de regering", zegt Vrancken. De vijf landen die wel toegelaten zijn, zijn trouwens bevriende landen. Frankrijk mag dan weer géén hulp bieden. Bizar. "Koning Mohammed VI was in Parijs op het moment van de aardbeving. Hij is redelijk onzichtbaar gebleven en heeft pas het land zaterdagnamiddag toegesproken. In Marrakesh is ook iedereen op hem aan het wachten. Hier leeft al langer het gevoel dat de regering meer het land leidt dan de koning. Maar ook vanuit de regering zien we geen publieke verklaringen. Dit zal - denk ik - nog een staartje krijgen."
Frankrijk ziet het zelf niet als een "weigering" van hulp. Catherine Colonna, de minister van Buitenlandse Zaken, stelt dat het aan Marokko is om de hulp te organiseren. Ze waarschuwt voor het creëren van een "valse controverse".
Dorpen in gebergte onbereikbaar
Intussen blijft de dodentol en het aantal gewonden oplopen na de zware aardbeving van vrijdagnacht. Heel wat mensen brachten opnieuw de nacht door op straat. "Iedereen is doodsbang voor de naschokken. En die zijn er ook, zeker de eerste week na een aardbeving van deze schaal", aldus Vrancken. Gisteren was er nog een zware naschok in het Atlasgebergte met een kracht van 4.5. De hulp is ondertussen op gang, maar is een logistiek huzarenstukje. De bereikbaarheid in het Atlasgebergte is beperkt. Vooral zandwegen en ezelspaden zijn daar in gebruik. Maar in de nasleep van de aardbeving zijn nu ook heel wat wegen versperd door puin en rotsblokken.
"Je hebt bulldozers nodig om die enorme rotsblokken te verwijderen. Dat gaat dan over de beter bereikbare plekken. De dorpen dieper in het gebergte probeert men nu via de lucht te bereiken. Maar er zijn ongetwijfeld heel veel dorpen waar die verwoestende aardbeving impact heeft gehad en die we gewoon niet kunnen bereiken."
De VN meldt dat naar schatting 300.000 mensen getroffen zijn door de natuurramp.
Inge Vrancken in Marokko: "Opvallend welke landen wél en welke geen hulp mogen bieden"

