Waar mensen zijn, zijn er ratten, en ook: hoe meer mensen, hoe meer ratten. Volgens sommigen telt Brussel één rat per inwoner, maar het kan ook meer of minder zijn. Maar een miljoen Brusselse ratten zal dicht bij de waarheid liggen. Sommige beestjes leven ondergronds in de riolen, andere dan weer bovengronds.
Jouw vraag over Brussel: Kan onze hoofdstad zonder ratten?
BRUZZ beantwoordt elke week een interessante lezersvraag over onze hoofdstad Brussel in de reeks Big City.
Oorspronkelijk waren er de zwarte rat en de muskusrat, maar zij zijn grotendeels verdrongen naar het platteland. In de stad is de bruine rat – ook wel rioolrat genoemd – intussen dominant. Die komen uit Oost-Azië en werden in de dertiende eeuw meegevoerd via handelsroutes uit India.
"Bruine ratten zijn alleseters. De dieren die bovengronds leven eten vooral granen, maar ook huishoudelijk afval, delen van planten, fruit en in mindere mate ook dierlijk voedsel zoals jonge vogels en konijnen, eieren, amfibieën en muizen", vertelt Olivier Beck, bioloog bij Leefmilieu Brussel. De ondergrondse ratten halen hun voedsel vooral uit het riool. “Hierdoor speelt de rat in Brussel een zeer belangrijke rol in de afvalverwerking", zegt Beck. Omdat ze van vochtige plekjes houden, vormen de Brusselse riolen een perfecte omgeving. Ze vinden er eten, maar ook beschutting tegen de koude in de winter en de grote hitte in de zomer. Bijkomend voordeel: doordat ze heel wat voedselafval uit het water eten, voorkomen ze mee dat de riolen verstopt raken. Zo zouden in een jaar tijd tonnen afval uit het afvalwater opeten.
Meer ratten in lockdown
De ratten in het riool zijn niet per se dezelfde als diegene die wij in ons straatbeeld zien. Ze zouden nauwelijks in contact komen met elkaar omdat ze in groepen leven en in hun gebied blijven. Het zijn vooral de ratten die bovengronds leven die overlast veroorzaken. “Met hen komen we in contact wanneer ze voedsel zoeken in huizen en horecazaken, op stortplaatsen maar vooral in groene ruimten”, zegt Beck. “Dat is ook de reden waarom er plots veel meer oproepen kwamen van ratten tijdens de lockdown, omdat mensen vaker thuis waren en de ratten hen meer opvielen.” Brusselse hotspots zijn onder meer het Josaphatpark of het Park van Vorst.
Door hun geknaag veroorzaken ze heel wat schade. Om hun tanden scherp te houden – hun snijtanden blijven heel hun leven doorgroeien – knagen de bovengrondse exemplaren aan bijvoorbeeld karton of de hulzen van elektrische kabels. De rioolratten graven dan weer gangenstelsels in de ondergrond, en dat zou op termijn op sommige plekken kunnen leiden tot instortingsgevaar.
Behalve hun knaaghonger is er ook de vrees voor de ziekten die ratten kunnen overdragen. Nochtans is de rat op zich een proper dier, dat zich meerdere malen per dag wast, maar omdat ze vaak in vuile omgevingen vertoeven, kunnen ze drager zijn van tal van ziekten. Bijvoorbeeld via vlooien in hun vacht of door aantasting van voedsel door hun uitwerpselen.
Onder controle
Wil je het rattenaantal onder controle houden, is het heel belangrijk om een grote zone op hetzelfde moment aan te pakken. Als je ratten in de ene gemeente bestrijdt, kunnen ze zich verplaatsen naar een andere gemeente. Vivaqua, dat voor een groot deel de riolen beheert in Brussel, laat twee keer per jaar de riolen in alle gemeenten behandelen tegen ratten door een externe firma. Voor de ratten bovengronds moeten ook particulieren en bedrijven momenteel een externe firma inschakelen om een plaag te bestrijden.
Dit artikel is gemaakt door de redactie van BRUZZ. Meer artikels over Brussel vind je op www.bruzz.be.
Regionaal nieuws uit Brussel en Vlaams-Brabant



