Op 28 februari, exact zes maanden geleden, botsten een passagierstrein en een goederentrein frontaal op elkaar ter hoogte van Tempi in Griekenland. Dat ongeval kostte het leven aan 57 mensen, onder wie veel studenten uit Thessaloniki. Het Griekse gerecht voert een onderzoek naar oorzaken, nalatigheden en schuldigen. Het Europees parket houdt een deel van de voorgeschiedenis tegen het licht. En nabestaanden van de slachtoffers proberen intussen ook zelf antwoorden te vinden op tal van vragen. Allemaal draaien die, op de één of andere manier, om die éne cruciale vraag: hoe kon die botsing ooit gebeuren?
Zes maanden na de treinramp in het Griekse Tempi blijven sommige vragen onbeantwoord
De passagierstrein kwam uit Athene en had 342 reizigers en 10 medewerkers van de spoorwegen aan boord. Daar waren veel studenten bij van de universiteit in Thessaloniki die terugkwamen van een weekendje carnaval vieren in Athene. De trein reed in noordelijke richting en had rond halftwaalf in Thessaloniki moeten aankomen.
De goederentrein reed in de tegenovergestelde zuidelijke richting en was vooraan geladen met plaatstaal en achteraan met containers. Beide treinen reden op hetzelfde spoor, het spoor dat voor het zuidwaartse verkeer was bedoeld, toen ze rond twintig over elf frontaal met elkaar in botsing kwamen. Dat gebeurde net voorbij een tunnel onder de snelweg, tussen Tempi en Evangelismos, ten noorden van Larisa. De botsing veroorzaakte een brand in de voorste wagons van de passagierstrein. Uiteindelijk kwamen 57 inzittenden om en raakten er 180 gewond.
Geen gewoon "dom ongeval"
In de dagen en weken na de ramp kwamen er overal in Griekenland boze demonstranten op straat. Vooral scholieren en studenten lieten zich horen, uit solidariteit met de vele jongeren die op de trein waren omgekomen. Er werden spandoeken meegedragen met teksten als 'moordenaars'. Want voor veel Grieken was dit geen dom toevallig ongeval, maar het resultaat van schuldig verzuim, nalatigheid, wanbeheer en slecht bestuur.
Een commissie van deskundigen, aangewezen door de regering, bevestigde dat vermoeden min of meer in een rapport dat gepubliceerd werd in april. Die commissie wees geen verantwoordelijken aan (want dat is de opdracht van het gerecht), maar wees wel op heel wat tekortkomingen in het beheer van de spoorwegen op meerdere niveaus, van personeelsbeleid tot infrastructuur. De ramp was volgens de experts het resultaat van een toevallige maar dramatische opeenstapeling van factoren. Toch laat dat rapport, 228 pagina's dik, in de ogen van een aantal nabestaanden nog steeds een aantal vragen onbeantwoord.
De trein op het verkeerde spoor: menselijke fout?
Waarom reed de passagierstrein naar het noorden op het spoor voor het zuiden? Daarvoor wordt enerzijds in de richting gekeken van een menselijke fout en anderzijds naar falende en ontbrekende veiligheidssystemen.
De menselijke fout werd (vermoedelijk) begaan door de stationschef van het station van Larisa, waar de passagierstrein gestopt was. Hij liet de trein daar vertrekken op het zuidspoor en zou het bevel hebben gegeven om tot in Neos Poros (het volgende station) rode stopsignalen te negeren. De stationschef, die nog niet lang in dienst was in Larisa, is aangehouden en zit in voorarrest.
De trein op het verkeerde spoor: systeemfout?
Maar tegelijk wordt de fatale botsing ook toegeschreven aan de afwezigheid van performante veiligheidssystemen. Om te beginnen beschikte het station van Larisa sinds een bosbrand in 2019 niet langer over de technologie om de bewegingen van de treinen in de regio in real time op een scherm te kunnen volgen. Op een ruimer niveau was er op de belangrijke lijn Athene-Thessaloniki-Promachonas nog steeds geen volledig systeem voor automatische seingeving voorzien, hoewel daarvoor al in 2014 een contract was gesloten ("contract 717") met een consortium van het Griekse bedrijf Aktor en de Franse onderneming Alstom.
Onlangs raakte bekend dat het Europees Openbaar Ministerie sinds enige tijd een onderzoek voert naar het drentelen en dralen bij de realisatie van dat contract. Het project werd voor 85% door Europa gefinancierd, en de kosten werden intussen - na herhaaldelijke verlengingen van de uitvoeringstermijn - geraamd op meer dan 50 miljoen euro.
Zo'n Europees onderzoek komt er alleen wanneer de Europese aanklagers corruptie of fraude vermoeden met Europees geld. De aanklagers hebben in dit dossier in totaal 26 personen in het vizier. Zij zullen uitleg moeten verschaffen over de niet-uitvoering van contract 717, of anders gezegd: waarom er nog steeds geen behoorlijk signalisatiesysteem in gebruik was, waardoor de botsing wellicht vermeden had kunnen worden.
Vragen over de brand na de crash
De botsing van de treinen ging gepaard met een brand. Videobeelden tonen een heuse vuurbal, als bij een enorme en plotse explosie. Volgens de deskundigen die door de staat werden aangesteld, werd die brand veroorzaakt door siliconenolie in de transformatoren van de locomotieven.
Een aantal ouders en familieleden van slachtoffers van de ramp, die we in mei konden ontmoeten in Thessaloniki en waarmee we in contact bleven, hebben vragen bij die uitleg voor de brand. Zij organiseerden zich en namen een eigen panel van experts onder de arm. Die bestudeerden de resultaten van chemische analyses van grondstalen die na de ramp waren verzameld en stelden vast dat er sporen van het erg ontvlambare xyleen waren gevonden. Ze willen weten waar dat xyleen vandaan kwam en waar het voor diende. De staatsdeskundigen zeggen dat het uit het plaatwerk van de goederentrein kwam, maar met die verklaring nemen de deskundigen van de families geen genoegen.
Forensisch onderzoek heeft uitgewezen dat een aantal overlijdens mogelijk te wijten was aan de brand en niet aan de botsing. Juist daarom is de vraag hoe de brand ontstaan is, en of die vermeden had kunnen worden, voor een aantal nabestaanden van groot belang.
Griekenland is een land waar samenzweringstheorieën welig tieren: telkens er iets misloopt, worden er soms vergezochte complotten of doofpotoperaties bij vermoed. En hoe meer leemtes er blijven in het onderzoek achteraf, hoe makkelijker die met hypotheses worden ingevuld. Tegelijk is Griekenland wel degelijk ook een land waar de autoriteiten niet altijd volledig open kaart spelen.
De familieleden die aansturen op verder onderzoek zijn ervan overtuigd dat essentiële informatie wordt achtergehouden of toegedekt. Letterlijk soms: de grond op de site van de crash was nog geen twee weken later verwijderd en afgevoerd, de plaats werd onder een laag ruw asfalt bedekt. Daardoor zou - volgens de families - belangrijk bewijsmateriaal verloren zijn gegaan.
Het Griekse gerecht zal opheldering moeten verschaffen. Wanneer er echt een proces voor de rechtbank van start kan gaan, is nog onduidelijk. Hoe dan ook zal het onderzoek gedetailleerd, grondig en volledig moeten zijn en zal het gerecht de conclusies transparant en eerlijk moeten communiceren om de nabestaanden tegemoet te komen. Zes maanden na de crash is het onderzoek nog steeds niet in die fase beland en blijven de familieleden kampen met pijnlijk knagende vragen.
