Belgische uitbaters van een kermisattractie moeten voldoen aan een reeks veiligheidsvereisten en verplichte nazichten. Bovendien voert de FOD Economie elk jaar controles uit van kermisattracties. Zware ongevallen met kermisattracties komen in ons land relatief zelden voor: vorig jaar werden er drie gemeld.
Na het ongeval in Wallonië: hoe worden kermisattracties gecontroleerd in ons land?
De V Maxx, de XXL, de G-Force of de Remix: je ziet ze steeds vaker op 's lands kermissen, extreme attracties waarin je meters de lucht in wordt gekatapulteerd of dooreen geschud. Maar hoe veilig zijn die nu eigenlijk? De vraag dringt zich op nadat er gisteren twee Waalse kermisgangers in kritieke toestand werden afgevoerd nadat een veiligheidsbeugel was losgekomen.
Als je in België een attractie wil uitbaten op een pretpark of een kermis, moet je aan een reeks veiligheidsvereisten voldoen. Naast de algemene vereisten voor alle toestellen zijn er ook specifieke voor kermistoestellen ("niet-permanente installaties, aangedreven door een niet-menselijke energiebron, voor het voortbewegen van personen ter vermaak en/of ontspanning van de consument", zoals de FOD Economie het net iets minder plezierig omschrijft ).
De uitbater moet aan een resem verplichtingen voldoen. Die moet bijvoorbeeld een risicoanalyse uitvoeren, voorzorgsmaatregelen instellen en minstens één keer per jaar een onderhoudsinspectie uitvoeren. Daar komt nog een verplicht nazicht bovenop om de drie of tien jaar, afhankelijk van het type toestel.
Die verplichte veiligheidscontroles kunnen uitgevoerd worden door de uitbater van het toestel zelf, of door een onafhankelijke autoriteit. Dat hangt (opnieuw) af van het type toestel.
Drie zware ongevallen vorig jaar
De FOD Economie voert ook jaarlijks controles uit op kermisattracties. Het gaat dan om steekproeven of controles op basis van meldingen. Vorig jaar waren het er 24, zo blijkt uit cijfers die onze redactie opvroeg. Daarbij werden twee attracties tijdelijk gesloten, vier uitbaters gewaarschuwd en twee PV's uitgedeeld.
Zware ongevallen met kermisattracties zijn in ons land zeldzaam. De cijfers tonen een lichte stijging van één ongeval in 2021 naar drie in 2022, en dat op een totaal van meer dan 2.500 kermissen. Volgens de FOD is die stijging vooral te verklaren doordat de uitbaters steeds beter op de hoogte zijn van de meldingsplicht voor zulke ongevallen. Elk van die ongevallen wordt onderzocht.
"We hebben geen reden om aan te nemen dat het reële aantal ongevallen is toegenomen", klinkt het nog bij de FOD Economie.



