In de Britse Gebarentaal zijn 200 nieuwe gebaren officieel toegevoegd, allemaal specifiek over de klimaatverandering. Termen als "broeikasgas" of "ecologische voetafdruk" moesten via vingerspelling gespeld worden en daar komt nu verandering in. Maar hoe zit dat eigenlijk bij onze Vlaamse Gebarentaal?
Van "broeikasgas" tot "ecologische voetafdruk": 200 klimaattermen officieel toegevoegd aan Britse Gebarentaal, hoe zit dat bij ons?
Broeikasgas. Ecologische voetafdruk. Fotosynthese. Tot voor kort bestonden er voor deze termen geen gebaar in de Britse Gebarentaal, maar daar is nu verandering in gekomen. Dove wetenschappers en experten in Gebarentaal hebben 200 nieuwe gebaren toegevoegd aan BSL - British Sign Language, specifiek over de klimaatverandering.
Tot nu toe waren er in het thema weinig officiële gebaren, wat betekende dat leerkrachten, studenten en wetenschappers lange, complexe wetenschappelijke termen vaak letter voor letter moesten spellen met hun vingers - en dat neemt uiteraard veel meer tijd in beslag.
En dat wrong, vertelt Audrey Cameron, die verbonden is aan de Universiteit van Edinburgh. "Ik was 11 jaar lang betrokken bij onderzoek, ging naar tal van vergaderingen, maar was nooit echt betrokken omdat ik niet begreep wat mensen zeiden. Ik wilde met mensen communiceren over scheikunde en dat lukte gewoon niet."
In Groot-Brittannië loopt er al jaren een project om nieuwe gebaren toe te voegen aan de Britse Gebarentaal - speciaal bedoeld voor dove schoolkinderen. Daarvoor wordt er via de scholen een lijst met termen gemaakt, om zo een accuraat en visueel gebaar te creëren. Dat is nu dus gebeurd voor het - zeer actuele - klimaatthema en resulteerde in gebaren voor bijvoorbeeld broeikasgas en fotosynthese. "Het mooie van Gebarentaal, zeker als het over wetenschap gaat, is dat het een visuele taal is", legt biologieleraar Liam McMulkin uit aan BBC. "Sommige concepten zijn abstract, maar Gebarentaal kan kinderen helpen om de concepten te begrijpen."
Hoe zit dat bij ons?
"Binnen de dovengemeenschap leven veelal dezelfde trends als binnen de horende gemeenschap, dus wat er in het nieuws zit en actueel is, heeft een grote invloed", zegt Margot Janssens van het Expertisecentrum Vlaamse Gebarentaal (VGTC). "Specifiek over het klimaat zijn er wel al gebaren voor bepaalde concepten, maar er zullen ook concepten zijn zonder wijdverspreid gebaar. Als dove mensen het over die concepten hebben, zullen ze vermoedelijk vingerspellen of letterlijk gebaren."
Wie er dagelijks mee te maken krijgt, zijn Sven Verstraete, Patsy Van Den Bogaert en Inge Van der Haegen, zij tolken voor VRT "Het journaal" en "Karrewiet". "Als we goed nagaan hoeveel gebaren wij hebben voor bijvoorbeeld het klimaat, dan komen we ook al aan heel wat. Het woord biodiversiteit bijvoorbeeld: diversiteit bestond al en dan vingerspellen we "bio" ervoor. Soms is er ook een hele lange uitleg in het Nederlands en dan hebben wij genoeg aan één gebaar, of omgekeerd. Zo werkt taal."
Grofweg zijn er twee categorieën van gebaren: de iconische, waarbij het gebaar een link heeft met de vorm, en de arbitraire, waarbij er niet meteen een link is. Janssens geeft een voorbeeld: het gebaar voor "koffie" bijvoorbeeld verwijst naar het malen en is dus een iconisch gebaar. Het gebaar voor "wat?" heeft daarentegen geen enkele link en is volledig arbitrair gekozen.
Gebaren ontstaan altijd op een spontane, natuurlijke manier in de dovengemeenschap
Sven Verstraete - tolk gebarentaal voor VRT NWS
"Gebaren ontstaan altijd op een spontane, natuurlijke manier in de dovengemeenschap", verduidelijkt Janssens. "Denk maar aan het woord "corona", net als voor de horende gemeenschap was dat ook voor de dovengemeenschap een nieuw concept. Gebaren voor zulke nieuwe concepten verspreiden zich op een heel natuurlijke manier, worden veelal spontaan opgepikt en door de gemeenschap gebruikt. Het VGTC onderzoekt de bestaans- en gebruiksstatus van die gebaren en neemt ze - afhankelijk van het onderzoek - op in het woordenboek voor Vlaamse Gebarentaal.
"Er wordt altijd gekozen voor een natuurlijke evolutie" benadrukt ook Verstraete. "Een persoon gebruikt een nieuw gebaar, mensen vinden dat gemakkelijk en beginnen dat dan ook te gebruiken. Soms zijn er dus ook verschillende gebaren, en plots wordt er dan één gebaar overgenomen door iedereen. Regionaal zijn er ook heel wat verschillen. Iemand die goed getraind is, kan zien uit welke regio de tolk komt", lacht hij.
Nieuwe woorden zullen we steeds eerst vingerspellen en dan - als het veel gebruikt wordt - ontstaat er een gebaar
Sven Verstraete - tolk gebarentaal voor VRT NWS
Wat als ze bij "Het journaal" of "Karrewiet" stuiten op een woord waar nog geen gebaar voor is? "Dan spellen we het woord erbij, en beelden we de gebarenconstructie uit, waardoor het duidelijk wordt. Daar is ook tijd voor nodig, je kan niet zomaar een gebaar uitvinden. We nemen ook niet zomaar een gebaar over uit een andere taal, de Vlaamse gebarentaal is een specifieke, erkende taal. Een mooi voorbeeld is Hawaii, de steden daar vingerspellen we. Nieuwe woorden zullen we steeds eerst vingerspellen en dan - als het veel gebruikt wordt - ontstaat er een gebaar." Want, zo legt hij uit: "Veel mensen vingerspellen niet graag, het is ook niet mooi. Gebarentaal is veel mooier, dat is een echte taal. Ook voor het aflezen is dat veel mooier."
Dat er in Groot-Brittannië nu 200 woorden gebundeld zijn over het klimaat, juichen Verstraete en zijn collega's toe. "Maar je kan dat voor elk thema doen, alleen is daar tijd en personeel voor nodig."
Wat het VGTC wel doet, zijn zogenoemde hiatenprojecten: "Er zijn bepaalde termen in het Nederlands, waarvoor wij vanuit onze bronnen in de gemeenschap nog geen gebaren verzameld hebben. Dan brengen we verschillende dove, gebarentalige experten in dat domein samen om te bekijken of er al een specifiek gebaar voor is. Binnenkort hebben we bijvoorbeeld een project over medische jargon. Dat kan dan gaan over gebaren over specifieke ziektes of behandelingen, maar ook laboratoriumgerichte woorden. Maar ook over de natuur hebben we zo'n project, simpelweg omdat we bijvoorbeeld nog niet voor alle soorten vogels of planten hebben verzameld." Voor 2024 is "klimaat" alvast een potentiële kandidaat.

