Naar hoofdinhoud

Chinese economie sputtert na vette jaren: dreigt het Japanse recessiescenario van de jaren 90?

Net op het punt dat het de wereldeconomie zou gaan aanvoeren, lijkt er dan toch een voorlopig einde te komen aan de sterke Chinese opmars. De export kromp de voorbije maanden, er heerst meer jeugdwerkloosheid en het land kampt met deflatie. Gaat China het Japan van de jaren negentig achterna? "Er zijn gelijkenissen, maar het land heeft nog altijd het potentieel om tegen 2040 de grootste te worden", zegt docente Chinese economie Dorien Emmers (KU Leuven).

Jef Cauwenberghs
Gepubliceerd:

"Made in China", het prijkt op tal van onze kledingticketjes, huishoudtoestellen of speelgoed. Er leek de laatste decennia haast geen rem te staan op de sterke Chinese groei. Zelfs de VS, al jaar en dag wereldleider in de economische tabellen, voelde de hete adem van de volksrepubliek in zijn nek. 

Maar de groeiwoede lijkt de laatste weken wel te stokken. De exportcijfers dalen, de jeugdwerkloosheid scheert hoge toppen en de Chinees koopt over het algemeen minder aan dan vroeger waardoor ook de binnenlandse productie wat terugloopt en de prijzen dalen (deflatie). Is het einde van een sprookje in zicht?

Japan van de jaren negentig

Zover zijn we nog lang niet, denkt docente Chinese economie Dorien Emmers (KU Leuven). "Het land heeft zelf zijn groeiverwachtingen bijgesteld", zegt ze in De Ochtend op Radio 1. "Normaal zou het tegen 2030 al de grootste economie ter wereld worden. Door de terugval zal dat "pas" in 2040 zijn." 

Emmers durft daardoor ook nog niet helemaal een parallel te trekken met het Japan uit de jaren negentig. Daar leek de technologisering en innovatie in de computer- en automarkt, denk aan Nintendo, Sega of Toyota, het land naar een oneindige groei te katapulteren.

Tot de bubbel barstte en het land van de rijzende zon in een recessie terecht kwam. "Ook toen was er sprake van deflatie, hoge jeugdwerkloosheid en problemen in de vastgoedsector", zegt Emmers. "Achteraf gezien zou Japan nooit de grootste economie zijn geworden. Dat ligt voor China wel anders."

Minder vraag, meer werkloosheid

Dat China zijn leiderschapsambities door een terugval iets langer in de kast moet laten, heeft volgens de docente meerdere redenen. "Allereerst lijkt er voor het eerst sinds de pandemie een daling in vraag naar goederen. Mensen gaan weer meer op reis, maken uitstappen en zitten minder achter hun computer om spullen te bestellen. Spullen die vaak in China worden gemaakt."

"Bovendien zet de Bidenadministratie in de VS het ontkoppelingsbeleid dat onder Trump ook al gold verder. Amerika wil zich onafhankelijker van China opstellen, hetzelfde zien we in mildere vorm ook bij de EU."

Veel mensen willen geen extra kind meer door de hoge opvoedkosten

Dorien Emmers, docente Chinese Economie aan de KU Leuven

En dan is er nog het populatieprobleem. Zo was de jeugdwerkloosheid met 21 procent zelden zo hoog. "Een mismatch tussen veel hoogopgeleide Chinese jongeren en de arbeidsmarkt", verklaart Emmers.

"Bedrijven werven in een onzekere economie bovendien liever laagopgeleide arbeiders aan. Veel afgestudeerden laten weten dat ze door de coronapandemie ook cruciale stages hebben misgelopen."

Ook al zet de overheid al even de éénkindpolitiek niet meer verder, jongeren kiezen zelf minder vaak voor kroostrijke gezinnen door hoge opvoedkosten en toekomstplannen

Een stagnerend bevolkingsaantal stuwt de economie ook niet langer naar groei. Ooit explodeerde de Chinese bevolking, toen greep de overheid in met eenkindpolitiek, nu lijken de Chinezen zelf ook de buik vol, of juist niet, te hebben van meer kinderen. "Veel mensen willen geen extra kind meer door de hoge opvoedkosten", legt Emmers uit. "Jongeren begrijpen ook dat een kind weegt op hun eigen toekomstplannen. Fertiliteit wordt stilaan een probleem zodat zelfs de overheid begint te vragen om meer geboortes."

Miezer in Brussel

Regent het in Peking, dan zou het ook wel eens kunnen miezeren in Brussel. De Chinese terugval is niet noodzakelijk goed nieuws voor de Westerse concurrentie, denkt Emmers. "China blijft een belangrijke handelspartner voor de EU. Hun problemen kunnen ook de onze worden. Zeker op langere termijn kunnen we het voelen als we meer zelf moeten gaan produceren. Al valt het op dit punt gewoon af te wachten. In een ander scenario kopen we binnenkort gewoon nog goedkopere Chinese producten." 

Meer weten over

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Maak van VRT NWS jouw voorkeursbron op Google

Google heeft een nieuwe functie gelanceerd waarmee je zelf kunt kiezen welke bronnen je eerst ziet wanneer je zoekt. Zo mis je nooit meer het laatste nieuws van VRT NWS.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"