De Belgische regering schort de ontwikkelingshulp met het West-Afrikaanse land Niger voorlopig niet op. Daar vond afgelopen woensdag een staatsgreep plaats. Zowel de Europese Unie als Frankrijk schorten alle financiële en militaire steun op, maar België doet dat niet, omdat het vooral de bevolking zelf steunt en niet het regime.
België schort ontwikkelingshulp aan Niger niet op na staatsgreep: "We steunen niet het regime, maar de lokale bevolking"
Net als de Europese Unie veroordeelt de Belgische regering de staatsgreep in Niger, geeft minister van Ontwikkelingssamenwerking Caroline Gennez (Vooruit) aan. Maar anders dan bijvoorbeeld de Europese Unie of Frankrijk wordt niet alle hulp aan Niger met onmiddellijke ingang opgeschort.
De reden daarvoor is dat de Belgische regering nooit regimes zelf steunt, legt Gennez uit in "De ochtend" op Radio 1. "Wij steunen de lokale bevolking op vlak van ontwikkelingssamenwerking. Onze projecten gaan over onderwijs voor meisjes, over duurzame landbouw, over gezondheidszorg, ..." En het geld daarvoor komt via een eigen ontwikkelingsagentschap bij de juiste mensen terecht, benadrukt de minister.
Dat is het verschil met landen als Frankrijk, zegt Gennez, "die het regime rechtstreeks budgettair steunen". De minister maakt zich sterk dat het Belgische geld niet in de handen van de coupplegers kan vallen. De investeringen lopen via ons ontwikkelingsagentschap en dat is een "belangrijke veiligheidscheck". Indien dat zou veranderen, wordt de hulp herbekeken.
België schort de ontwikkelingshulp dus niet op, maar zal "dag na dag proberen te monitoren hoe de situatie evolueert". "Afhankelijk daarvan gaan we onze projecten herbekijken of intensifiëren." België houdt daarbij ook rekening met de veiligheid van de eigen mensen in Niger. Die moet "absoluut gegarandeerd" blijven. "Maar we kijken ook of we nog impact hebben, want anders hebben de projecten geen zin meer."
België werkt daarnaast ook militair samen met Niger. In juni was Gennez nog in Niger, om de samenwerking op vlak van defensie, diplomatie en ontwikkeling te versterken. Zo was het Belgische leger onder meer van plan om een kazerne te bouwen in het land. De militaire samenwerking wordt wel opgeschort, benadrukt Gennez.



