De verplichte taaltest die anderstalige nieuwkomers vanaf 1 september moeten afleggen tijdens het inburgeringstraject, is volgens wetenschappers en het onderwijsveld niet betrouwbaar. "We moeten voorkomen dat de test een loterij wordt die bepaalt wie hier een leven mag opbouwen", zegt Vlaams Parlementslid Loes Vandromme (CD&V) in "De ochtend" op Radio 1, maar Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) laat zich niet van de wijs brengen. De taaltest bepaalt mee of iemand in aanmerking komt voor een sociale huurwoning.
Verplichte taaltest voor nieuwkomers nog niet betrouwbaar? Vlaams minister Weyts (N-VA) wil resoluut doorzetten
Anderstalige nieuwkomers zouden vanaf 1 september een gestandaardiseerde NT2-taaltest moeten afleggen, die zal uitmaken of iemand voldoende ingeburgerd is. Maar wetenschappers en leerkrachten zijn bezorgd omdat de test nog niet op punt zou staan.
"De testen zijn nog niet betrouwbaar", zegt Vlaams Parlementslid Loes Vandromme (CD&V) in "De ochtend" op Radio 1, "en dat is problematisch want ze zijn het toegangsticket tot de Vlaamse samenleving." Zo bepaalt de taaltest mee of iemand een sociale huurwoning krijgt of niet. "We moeten voorkomen dat de test een loterij wordt", benadrukt Vandromme.
Niet betrouwbaar?
Op de taaltest moeten nieuwkomers aantonen dat ze minimum het niveau A2 behalen. "Daarmee kunnen ze zichzelf voorstellen, een babbeltje slaan over een gekend onderwerp en simpele teksten begrijpen", licht Vandromme toe.
Het Centrum voor Taal en Onderwijs (CTO), verbonden aan de KU Leuven, moet die taaltest wetenschappelijk valideren. Uit een eerste pilootonderzoek blijkt dat het CTO niet kan garanderen dat de test meet wat hij hoort te meten en dus kan aantonen of iemand effectief het A2-niveau heeft gehaald.
"Onderzoekers kunnen niet garanderen dat de taaltest in het inburgeringstraject meet wat hij moet meten"
Volgens verschillende experten van het CTO zou september niet langer haalbaar zijn, en zou er ten vroegste in maart of april volgend jaar een betrouwbare toets samengesteld kunnen worden.
"Daarom vragen wij om geen juridische gevolgen te koppelen aan de resultaten van de test of de lancering van de test uit te stellen", zegt Vandromme. "Het is een test met zware juridische consequenties voor mensen, dus als de kwaliteit ervan niet gegarandeerd kan worden, kunnen we het niet maken om hem in te voeren."
Praktische bezwaren
Volgens Vandromme zijn er ook praktische bezwaren. Zo zou het ongeveer zes uur duren om de test af te nemen, terwijl er aanvankelijk maar twee uur voorzien werd. "Dat is organisatorisch een hele uitdaging", zegt Vandromme.
Ook zijn er strenge voorschriften voor de centra die de testen moeten afnemen, zoals vaste data en vaste plekken waarop de testen afgenomen dienen te worden. En hoe minder mensen slagen voor de test, hoe minder kwalificatiebonussen de centra krijgen. "De centra riskeren zo de dupe te worden en dat is niet de bedoeling", zegt Vandromme.
"Resoluut doorzetten"
"De mensen die verantwoordelijk zijn om de test op tijd af te krijgen, klagen nu aan dat ze de test niet op tijd af gaan krijgen", reageert Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA). "De invoering van deze test ligt al langer heel moeilijk, maar er mogen geen stokken in de wielen worden gestoken. Deze test is absoluut nodig als we inburgeraars overal hetzelfde opleidingsniveau willen garanderen en als we een attest willen met waarde en geloofwaardigheid bij werkgevers."
"De tegenstanders vinden misschien een bereidwillig oor, soms zelfs binnen de Vlaamse meerderheid, maar wij willen hiermee resoluut doorzetten."

