In “Verhalen uit de volgwagen” zoomt sportjournalist Lidewey van Noord in op de wereld van de ploegleiders. Taalhistoricus Ewoud Sanders toont aan dat taal niet zwart-wit is in “Het N-woord”. De Italiaanse Rivièra vormt het decor in de feelgoodroman "De betovering van april" van Elizabeth von Arnim. Het levensverhaal van holocaustoverlevende Joseph Weissmann krijgt nu ook vorm in de graphic novel "Na de razzia". En Luc Van den Broeck en Sarah De Grauwe vertellen het verhaal van een Waalse activiste in "De amazone van de Franse Revolutie". Dit zijn de vijf boeken die VRT NWS deze week tipt.
De vijf boeken van de week: ploegleiders in de volgwagen, de geschiedenis van het N-woord en een zomerse feelgoodroman
De Nederlandse sportjournalist Lidewey van Noord biedt in “Verhalen uit de volgwagen. De wereld van de wielercoach” (uitgeverij Atlas Contact) de lezer een inkijk in de wereld van de ploegleiders.
Wat is een goede ploegleider?
Een van de hoofdpersonen uit het boek is oud-wielrenner en ploegleider José De Cauwer. Van Noord noemt hem “de sympathieke Vlaming”. De Cauwer las het boek en noemt het "goed leesmateriaal voor wie zich een beetje wil inleven in dat ingewikkelde wielrennen", vertelt hij op Radio 1.
Van Noord stelt in haar boek de vraag: wat is een goede ploegleider? Het antwoord is niet in één zin te vatten, het is een combinatie van vele talenten. "Inschatten van wedstrijdsituaties is één talent, iemand kunnen motiveren is dan weer een compleet ander talent. Je bent niet de coach van één renner maar van alle renners in het team", licht De Cauwer toe. "Het is een kwestie van heel veel zien en weten, en ervoor zorgen dat de renners naar je luisteren door vertrouwen. De renners boven zichzelf laten uitstijgen: dat is de rol van de ploegleider", aldus De Cauwer.
Ploegleider vroeger en nu: de oortjes
De rol van de ploegleider is enorm geëvolueerd. "Vroeger was het ook geen vak: toen was je "de chauffeur van de mecanicien”. Er waren ook maar twee renners belangrijk: de koprenners en de rest was bijzaak", vertelt De Cauwer.
Vroeger moest de ploegleider uit het autoraam hangen, nu geeft hij de renners instructies via oortjes. Door de radio- en tv-verslaggeving heeft de ploegleider vanuit de volgwagen een zicht op wat voor- en achteraan het peleton gebeurt.
En voor de nostalgische wielerfans: in "Verhalen uit de volgwagen" vind je ook heel wat anekdotes over legendarische ploegleiders zoals Briek Schotte en Lomme Driessens.
Taalhistoricus en journalist Ewoud Sanders gaat in "Het N-woord. De geschiedenis van een beladen begrip" (uitgeverij Prometheus) op zoek naar de historische achtergrond van het woord.
Link met slavernij
Uit bronnen blijkt dat de associatie van het N-woord met slavernij al heel snel opduikt. De oudste bron van het N-woord in het Nederlandse taalgebied is een 16de eeuws document uit Antwerpen, op dat moment een belangrijk handelscentrum. Het is een notariële akte waarin wordt vastgelegd dat een bepaalde slaaf, oftewel “een negro of moriaan” vrijheid van beweging heeft. In het officiële document worden beide woorden gebruikt."
Negro of moriaan
Negro is overgenomen uit het Portugees of het Spaans. Onder invloed van het Frans werd het omgevormd tot het intussen omstreden neger. Moriaan, bekend van het liedje "Moriaantje, zo zwart als roet", was heel lang een concurrerend woord, maar uiteindelijk krijgt het N-woord de bovenhand. En aan dat woord worden allerlei krankzinnige ideeën opgehangen", vertelt Sanders op Klara.
Sanders citeert uit een naslagwerk uit het einde van de 18de eeuw waarin het N-woord als definitie krijgt: "beestachtig, ongodsdienstig, onredelijk, ontrouw, schaamteloos, woest en wreed."
Schrappen of niet?
Sanders is geen voorstander van het schrappen van het N-woord: "Woorden zijn de sleutel tot het verleden. Ga je het schrappen, dan maak je het verleden onzichtbaar." Hij stelt voor die woorden net heel goed zichtbaar te maken omdat je dan de naweeën en de geschiedenis ervan ziet.
"Een écht vakantieboek!". Dat is de mening van Christophe Vekeman over "De betovering van april" (uitgeverij Signatuur). De roman, geschreven door de Australische Elizabeth von Arnim, dateert uit 1922 en verschijnt nu in een nieuwe Nederlandse vertaling.
Gezocht: reisgenoten
Het boek neemt de lezer mee naar de Italiaanse Rivièra, waar vier Britse vrouwen proberen te ontsnappen aan de sleur van het dagelijks leven in het grauwe Londen.
Het verhaal vangt aan in februari 1922. Mevrouw Lotty Wilkins, echtgenoot van een advocaat, leest een advertentie waarin een klein Italiaans kasteel aan de Italiaanse Rivière te huur wordt aangeboden. Even later leest een vage kennis van Wilkins, mevrouw Arbuthnot, dezelfde advertentie. Het zet hen samen aan het dromen. In de hoop de kosten te kunnen delen, gaan ze op zoek naar meer medereizigers. De twee dertigers krijgen zo het gezelschap van de achtentwintigjarige lady Caroline en de vijfenzestig jaar oude mevrouw Fisher. Het grijze, regenachtige Londen wordt een maand lang geruild voor het zonnige San Salvatore in Italië.
Feelgoodroman
"Naarmate de dagen en weken voorbijgaan, ontpoppen alle personages zich tot betere versies van zichzelf", schrijft Vekeman in zijn recensie.
"De oude Fisher krijgt iets viefs en zelfs ruimdenkends over zich, Lotty wordt zelfverzekerd en werelds, de bigotte mevrouw Arbuthnot verlangt naar haar man of anders naar "een" man om aan haar boezem te drukken. En de blasé, vrij cynische en liefdesmoede lady Caroline, op de vlucht voor iedereen die ze ooit had gekend, begint te merken dat er ook sociale lústen, niet enkel lásten bestaan."
Volgens Vekeman wordt "De betovering van april" uit 1922 wel hét zomerboek van 2023.
"Kinderen, aanvaard het onaanvaardbare niet", is wat Joseph Weissmann kinderen opdraagt als hij leerlingen toespreekt op scholen. Zijn eigen verhaal tart dan ook alle verbeelding. Hij is nu 92 jaar oud en samen met tekenaar Laurent Bidot en scenarist Arnaud Delalande tekent hij voor de graphic novel "Na de razzia" (uitgeverij Lauwert).
16 juli 1942 - Vélodrome d’Hiver - Parijs
Als 11-jarige jongen wordt Weissmann met zijn familie opgepakt tijdens een razzia in Parijs. Het is 16 juli 1942, en de Franse politie heeft van de Duitsers het bevel gekregen om Joodse gezinnen te verzamelen. 9000 Franse politieagenten en gendarmes vallen de Parijse huizen binnen en drijven meer dan 13.000 gezinnen bijeen in het wielerstadion Vélodrome d' Hiver .
De horrortocht die volgt, bekend uit de geschiedenisboeken, wordt in de strip in detail getekend: dagen zonder hygiëne, water of voedsel in sportarena’s, het transport in de beestenwagons naar concentratiekampen, de zelfmoorden en mishandelingen. Joseph moet met zijn gezin naar Beaune-La-Rolande, een sterk beveiligd kamp. Hij wordt gescheiden van zijn familie en afgezonderd met andere kinderen. Samen met een andere jongen besluit hij te ontsnappen.
Een strip buiten categorie
Saskia De Schutter, VRT NWS-journalist en stripkenner, vertelt over "Na de razzia": "Dit is een strip buiten categorie. Het verhaal is zo beklijvend, de stripvorm leent zich geweldig goed om gevoelens over te brengen. Want naast de horror van razzia’s en opsluiting is er ook de terugkeer in de Franse maatschappij. Waar naartoe als je net aan het ergste bent ontsnapt? De oorlog was nog niet voorbij, veel Fransen haatten Joden. De auteurs nemen je mee in het antisemitisme, de angst en onzekerheid, maar ook de redding die soms uit zeer onverwachte hoek komt."
Vrouwen op de barricades van de Franse Revolutie: ze zijn weinig bekend. De Waalse Anne-Josèphe Théroigne de Méricourt was één van hen. In 1817 stierf ze roemloos in de psychiatrische instelling Salpêtrière in Parijs. Luc Van den Broeck en Sarah De Grauwe schetsen het leven van deze vooruitstrevende vrouw in de biografie "De amazone van de Franse Revolutie. Het verhaal van Théroigne de Méricourt" (uitgeverij Vrijdag).
Operazangeres
Anne-Josèphe Théroigne de Méricourt wordt geboren in het Waalse dorpje Marcourt. “Volgens de overlevering zou Théroigne een mannenverslindster zijn, maar onderzoek wijst erop dat dat helemaal niet het geval was,” vertelt Van den Broeck op Klara. “Théroigne wilde aanvankelijk operazangeres worden. Ze probeerde in Genua carrière maken, maar dat mislukte.”
In 1789 las ze in de kranten over de samenroeping van de Staten-Generaal door Lodewijk XVI. Hij wilde de politieke onrust doen terugkeren na protesten tegen nieuwe belastingen. "Dat deed een vlammetje aanwakkeren bij haar,” gaat Van den Broeck verder. “Ze las over de politieke situatie en bezocht allerlei vergaderingen. Doordat ze elke dag aanwezig was in de tribunes in haar eigen amazoneoutfit, is ze snel beroemd geworden.”
Vrouwenbataljons
In 1792 spreekt ze haar bekendste redevoering uit. “Ze schoof in de eerste plaats haar patriotisme naar voor, maar richtte zich ook op het mannenbastion dat vrouwen zeer onrechtvaardig bejegende. Ze riep op om vrouwenbataljons te vormen om het vaderland te verdedigen wanneer de mannen naar het front waren.”
Uiteindelijk zou Théroigne verguisd worden door de Franse roddelpers. In 1817 stierf ze roemloos in het psychiatrisch centrum Hôpital de la Salpêtrière in Parijs.
Meer zomerboekentips worden vanaf 30 juni wekelijks geserveerd op vrijdag in "Vakantie geboekt".
