De Vlaamse en Franstalige jeugdbewegingen slaan de handen in elkaar om te vermijden dat komende kampzomer even bewogen verloopt als die van vorig jaar. Toen waren er lokale alcoholverboden, klachten van overlast en moest in extremis zelfs een groep naar de Raad van State trekken om hun kamp te laten doorgaan.
Zo willen jeugdbewegingen een bewogen kampzomer als die van vorig jaar (met veel klachten rond overlast) vermijden
De kampzomer vorig jaar is niet zonder problemen verlopen: verschillende Waalse gemeenten hadden een alcoholverbod ingevoerd voor jeugdkampen, omdat enkele leiders zich in het verleden misdragen hadden. Elders waren er klachten wegens geluidsoverlast en rondslingerend afval. Eén scoutsgroep uit Wilrijk moest in een extreem voorbeeld zelfs een spoedprocedure starten voor de Raad van State om hun kamp in La Roche te laten doorgaan.
Dat scoutskamp heeft uiteindelijk kunnen plaatsvinden. En ook het alcoholverbod is na overleg op hoger politiek niveau niet strikt nageleefd.
Hoewel het maar om een beperkt aantal problemen ging en het overgrote merendeel van de 3.000 kampen vorige zomer probleemloos zijn verlopen, hebben die incidenten een schaduw over de kampzomer geworpen en was het een smet op de reputatie van de jeugdbewegingen.
Komende zomer wordt mogelijk nog een grotere uitdaging. Door de herschikking van de schoolvakantie in Franstalig België vinden steeds meer kampen op hetzelfde moment plaats. Tussen 16 en 23 juli gaat het om 66 procent van alle kampen, bij de Waalse federaties is dat zelfs 80 procent. In sommige slaperige Ardense dorpjes gaat een veelvoud van hun inwoneraantal aan kinderen en jongeren op kamp. Zonder goede afspraken kan dat alleen maar tot problemen leiden.
"Als er 400.000 kinderen en jongeren op kamp gaan, kan het bijna niet anders dan dat er ergens overlast is", legt Jan Van Reusel van Scouts en Gidsen Vlaanderen uit aan VRT NWS. Al benadrukt hij dat in de meeste gevallen de jeugdbewegingen graag geziene gasten blijven.
De Vlaamse en - opvallend - ook hun Franstalige zusterorganisaties hebben daarom een plan uitgewerkt om overlast te voorkomen. Het is een samenwerking van KLJ, Chiro, KSA, FOS Open Scouting, Scouts en Gidsen Vlaanderen, Les Scouts, Les Guides, Les Scouts et Guides Pluralistes, Le Patro en Les Faucons Rouges.
Charmeoffensief met uniformengids
Concreet zetten de jeugdbewegingen daarom in eerste instantie in op een soort charmeoffensief. Sinds begin deze maand hebben de koepelorganisaties samen een 25-tal populaire kampgemeenten bezocht en er overlegd met de lokale besturen. Dat gaat van Kasterlee en Pelt in Vlaanderen tot Houffalize en Marche-en-Famenne in de Ardennen.
Opmerkelijke afwezige in die lijst is overigens La Roche waar vorig jaar die aanvaring was tussen de gemeente en een scoutsgroep, met uiteindelijk een tussenkomst van de Raad van State. Volgens Van Reusel zijn er in de nasleep daarvan wel verschillende constructieve contacten geweest met de gemeente. La Roche was volgens hem eerder een uitzonderlijk geval en niet representatief voor de meeste overlast veroorzaakt door kampen.
"Als er overlast is, gaat het meestal slechts om één of twee individuele leiders die zich misdragen hebben", legt Van Reusel uit. "Door hen erop aan te spreken of met hen in gesprek te gaan, lossen we de meeste van die gevallen op zonder dat dit tot grote problemen leidt."
Als er overlast is, gaat het meestal slechts om één of twee individuele leiders
Door die overlegmomenten weten de gemeenten ook meteen bij wie ze terecht kunnen in geval van problemen. Als er klachten komen, weten die gastgemeenten nu vaak niet om welke jeugdbeweging het precies gaat: is het een scoutsgroep of een Chirogroep, zijn het KSA’ers of misschien jongeren van de Patro of les Guides?
De koepels hebben daarom een soort uniformengids uitgewerkt zodat ze aan de hand van het uniform kunnen te weten komen over welke jeugdbeweging het gaat. Zodat bij overlast die de groep zelf overstijgt, de juiste koepelorganisatie kan worden gecontacteerd. Die kan dan haar groep aanspreken of eventueel bemiddelen.
Voorbeeld van die uniformengids:
Nationaal kampcharter
Tegen volgende kampzomer wordt er werk gemaakt van een Belgisch kampcharter, dat is een soort engagement van de jeugdbewegingen (en andere organisatoren van jeugdactiviteiten met overnachtingen) dat ze hun activiteiten verantwoord organiseren. Op Vlaams niveau bestaat dat al, ook de andere gemeenschappen in ons land hebben hun eigen kampcharters.
In juni vorig jaar al kondigde Vlaams minister voor Jeugd Benjamin Dalle (CD&V) aan dat hij één charter voor heel België wilde. Het Belgische charter zou al grotendeels klaar zijn, maar er wordt nog op de feedback van zowel de jeugdbewegingen als de gemeenten van deze zomer gewacht om het definitief af te werken.
"Het kampcharter is een werk van lange adem en kan alleen maar tot stand komen na grondig overleg met alle betrokkenen", zegt Dalle daarover in een persbericht. "Het doel is het samenleven tussen de jeugdgroepen die op kamp zijn, de gastgemeente en de uitbaters te bevorderen. Veel problemen kunnen voorkomen worden door goed met elkaar af te spreken en ervoor te zorgen dat er goed contact is met de groepen."




