De Verenigde Staten willen vanaf juli terugkeren naar UNESCO, de organisatie van de Verenigde Naties die het best bekend is van de werelderfgoedlijsten. Voormalig president Donald Trump stapte in 2018 uit de organisatie, maar huidig president Joe Biden wil met zijn terugkeer een tegengewicht bieden aan de toenemende invloed van China.
Opgetogen kondigde Audrey Azoulay, directeur-generaal van UNESCO, de terugkeer van de Verenigde Staten naar haar organisatie aan. Die beslissing past binnen het buitenlandbeleid van president Biden, die daarmee opnieuw een prominente plaats voor Amerika binnen UNESCO wil verzekeren. In december 2022 keurde het Amerikaanse Congres al een wet goed om een achterstallige betaling van 600 miljoen dollar aan UNESCO te betalen. Omgerekend is dat zo’n 557 miljoen euro.
Wat is UNESCO?
UNESCO, voluit de Organisatie der Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur, is een internationale organisatie die zich inzet voor meerdere ontwikkelingsinitiatieven. Dat gaat over de strijd tegen ongeletterdheid en extremisme, maar ook voor de bescherming van de oceanen. Bij het brede publiek is de instelling vooral gekend voor haar werelderfgoedlijsten, die dienen om erfgoed van unieke en universele waarde te beschermen.
België heeft verschillende monumenten die de lijsten van UNESCO sieren. Denk maar aan onze belforten, stedelijke gebouwen uit de middeleeuwen die alleen in België, Nederland en Noord-Frankrijk voorkomen. Ook de Vlaamse Begijnhoven en de mijnsites in Wallonië behoren tot het werelderfgoed.
De relatie tussen de Verenigde Staten en UNESCO verliep lange tijd stroef. In 2011 viel de beslissing om Palestina mee op te nemen als lidstaat binnen de organisatie. Dat was niet naar de zin van Amerika en Israël, die datzelfde jaar de financiële steun aan de organisatie stopzetten. Lidstaten moeten echter geld bijdragen aan UNESCO en omdat de schulden onbetaald bleven, verloren beide landen in 2013 hun stemrecht.
Donald Trump vond verder lidmaatschap zinloos: in 2018 maakte hij bekend dat Amerika uit de organisatie stapte. De Amerikaanse drooglegging betekende een flinke hap uit het UNESCO-budget: de Verenigde Staten betaalden maar liefst zo'n 73,4 miljoen euro per jaar, goed voor 22 procent van het totale budget.
Trump was niet de eerste president die de Amerikaanse stekker eruit trok. In 1984 zette de Republikein Ronald Reagan de samenwerking met UNESCO ook al stop. Dat deed hij vanwege de “politieke zwaai naar links en de rampzalige financiën van UNESCO.” Uiteindelijk keerden de Amerikanen pas in 2003 terug, na 22 jaar afwezigheid.
“America is back”
Met zijn herintreding wil Biden de invloed van China binnen UNESCO beter onder controle houden. De Amerikanen maakten zich zorgen over het machtsvacuüm dat China na de Amerikaanse uittreding vulde. Zo bekleedde China een sleutelpositie om nieuwe normen vast te leggen op vlak van artificiële intelligentie en technologisch onderwijs.
Toch is niet iedereen ervan overtuigd dat Amerika "back" is. Een Republikeinse president zou zich opnieuw kunnen terugtrekken uit de organisatie. Die twijfels over de duur van de toetreding wuift UNESCO-directeur-generaal Azoulay weg. “De beslissing van de Amerikanen om terug te keren, is het resultaat van 5 jaar onderhandelen om alle plooien glad te strijken.” Door de onderhandelingen met zowel Democraten als Republikeinen gelooft ze in de toewijding van alle Amerikanen, ongeacht de winnaar van de volgende presidentsverkiezingen in 2024. “We willen gezamenlijk verder gaan met onze belangrijke initiatieven en de modernisering van UNESCO”, stelt Azouley vastberaden.

