Om uit het windmolenpark Kristalpark in Lommel méér groene energie te krijgen, werden acht windmolens vervangen door twaalf nieuwe, grotere exemplaren. Maar de acht oudjes vonden een nieuw leven: ze zullen opnieuw elektriciteit opwekken in Groot-Brittannië en Oekraïne. Windmolens voor een prikje, op de tweedehandsmarkt.
Lommelse windmolens op de tweedehandsmarkt: "We laten ze nog 20 jaar langer draaien"
Het vernieuwde windpark is officieel in gebruik genomen door Vlaams minister voor Energie Zuhal Demir (N-VA). De Vlaamse regering vraagt aan elke uitbater van een windpark te bekijken of en hoe ze hun groenstroomopbrengst kunnen optrekken.
Gewoon meer molens plaatsen is vaak moeilijk door vergunningen en de beperkte ruimte. Afbreken en vervangen is dan soms de oplossing. "We hebben het hele plaatje gelegd en doorgerekend en kwamen tot de conclusie: we breken de acht windmolens af en komen er met twaalf performantere terug", zegt Ann Schaubroeck van Aspiravi, de uitbater van het windpark. Zo gaat Kristalpark van 48.000 MWh per jaar naar 115.000 MWh per jaar, goed voor het jaarlijks elektriciteitsverbruik van 33.400 gezinnen.
Afbreken, maar niet voor de schroothoop
Afbreken dus. Al zijn molens van 15 jaar oud nog niet klaar voor de schroothoop. Het zijn molens die nog perfect kunnen dienen en dat gaan ze ook doen. "We geven ze, met garantie, nog 20 levensjaren bij", zegt Wim Robbertsen van het Nederlandse bedrijf Business in Wind, dat de molens uit Lommel op de tweedehandsmarkt heeft gebracht.
Per jaar breekt Business in Wind zo’n 60 windturbines af met de bedoeling ze elders terug op te bouwen. Goed voor een omzet van tegen de 20 miljoen euro per jaar. Het aantal windmolens dat in Vlaanderen zo al is afgebroken, is eerder beperkt, maar het groeit. "In Vlaanderen verwachten we pas binnen twee jaar de start van de grote golf aan vernieuwingen in het windmolenpark. Pas dan bereiken de meeste molens de leeftijd van 15 of 20 jaar en heeft het echt zin ze te vervangen", zegt Maarten Dedeyne van de Vlaamse Windenergie Associatie. In Lanaken zijn al enkele windmolens vervangen door de Brusselse Antrogroup. Het Litouwse bedrijf Inikti brak onder andere in Hoogstraten molens af om ze in Duitsland terug op te bouwen.
Delen van vier windturbines uit Lommel liggen ondertussen al in Dorset in het Verenigd Koninkrijk. De turbines zelf worden momenteel nagekeken bij Business in Wind om na de zomer te worden geïnstalleerd. De vier andere hebben hun weg naar Oekraïne gevonden.
Tweedehands is goedkoper
De nieuwe molens brengen in Lommel tweeënhalve keer zoveel groene stroom op. Maar toch is het in sommige gevallen interessanter om voor tweedehands te kiezen. Tweedehands is natuurlijk goedkoper. Een tweedehandse kost ongeveer de helft van een nieuwe. Maar vaak is het ook een kwestie van wat de vergunning toelaat. "Groot-Brittannië is nogal gehecht aan zijn landschap. Nieuwe modellen zijn gewoon te groot voor de vergunningsvoorwaarden." volgens Robbertsen. "En met kleinere molens kan je ook eenvoudiger overal komen, op de Schotse eilanden bijvoorbeeld of in delen van Italië. Daar zijn we dus ook actief."
Ook Vlaanderen wil tweedehands kopen
Ook in Vlaanderen is er vraag naar tweedehands windmolens. Robbertsen praat momenteel met een mogelijke klant, maar hij wil nog niet kwijt wie. ‘Het is pas rond als het contract getekend is, dan kan ik er pas iets over kwijt.’
De komende jaren zullen steeds meer windmolens worden afgebroken om plaats te ruimen voor nieuwere, grotere types. Er zullen dus veel windmolens beschikbaar worden voor de tweedehandsmarkt. "Maar", zegt Rebecca Verhaeghe, project manager Blue Energy aan de Provinciale Ontwikkelingsmaatschappij West-Vlaanderen, "wij schatten dat volgende jaar de tweedehandsmarkt van windmolens verzadigd zal zijn." Pas afgebroken windmolens zullen dus moeilijker een tweedehandskoper vinden. "Die markt staat inderdaad op kantelen," zegt ook Wim Robbertsen van Business in Wind. "Vandaag krijgen 80% van de windmolens die we afbreken een tweede leven. Maar we gaan niet alle molens die worden afgebroken een tweede leven kunnen geven, daar is gewoon geen plaats voor. In de toekomst zal maar 20% opnieuw draaien en zal 80% gedemonteerd en gerecycleerd worden."
Sterk en slijtvast materiaal
Vooral het composietmateriaal van de wieken is een probleem bij recyclage. Dat is een bijzonder licht, maar slijtvast en sterk materiaal.
Een paar jaar geleden circuleerde online een foto (zie onder) van netjes bijeen gepakte wieken die door een bulldozer onder het zand werden gewerkt. Dat gebeurt in Lommel dus niet, maar het toont wel de moeilijkheid aan. Composiet is hoogwaardig materiaal waar we nog geen tweede leven voor gevonden hebben. "Momenteel wordt het vooral in betonstructuren verwerkt en dat is jammer", vertelt Linde de Vriese, composiet-expert en projectleider circulaire economie bij Sirris, het innovatie-ondersteuningsplatform voor Belgische bedrijven. Het wordt gebruikt in de bouw en daarnaast worden er ook al geluidsschermen of fietsenstallingen van de wieken gemaakt, maar toch: "We willen het materiaal zoveel mogelijk hergebruiken vanwege zijn oorspronkelijke eigenschappen - licht maar oersterk - en niet gewoon verwerken." Daarom leidt De Vriese momenteel een project met verschillende Belgische bedrijven om samen hoogwaardige toepassingen te vinden voor afgeschreven wieken.
Windmolens op zee sterven staande
De windmolens op zee hoeven niet te rekenen op een tweede leven. "Die molens krijgen heel wat te verduren, maar ze zijn er ook op gebouwd om langer mee te gaan. Nee, die zal je moeilijk vinden op de tweedehands markt", zegt Rebecca Verhaeghe. "Dat geldt ook voor de nieuwe generatie landwindmolens", volgens Wim Robbertsen. "We hebben het over gigantische afmetingen en daarom kost alleen het transport al, van bijvoorbeeld Vlaanderen naar Italië, rond het miljoen euro."
Mocht u nog een windmolen op de kop willen tikken, het is het moment.

