De regering in Rome houdt vandaag crisisberaad over een kwestie die elke Italiaan bezighoudt: de sterk stijgende pastaprijs. Vergeleken met vorig jaar betalen de Italianen bijna 20 procent meer voor hun spaghetti, fusilli of tagliatelle. Hoe komt dat, en wat kan de regering doen?
Pastapaniek: Italiaanse regering houdt crisisberaad over sterk stijgende pastaprijs
Wie Italië zegt, zegt pasta. Spaghetti, fusilli, tagliatelle...: pasta is het basisbestanddeel van het Italiaanse menu. Zo'n 60 procent van de Italianen eet elke dag een bord pasta. Goed voor een verkoop van 23 kilo pasta per persoon per jaar.
Geen wonder dus dat veel gesprekken in Italië de laatste dagen worden beheerst door één kwestie: de sterk stijgende pastaprijzen. In Rome betaal je tegenwoordig 2,30 euro voor een kilo pasta - in heel wat andere steden, zoals Firenze of Modena, is het dat intussen méér.
Duur is het nog altijd niet: pasta blijft al bij al een relatief goedkoop product. Maar het is gemiddeld wel ruim 17 procent duurder dan in dezelfde periode vorig jaar. Bovendien is de prijs van pasta veel sterker gestegen dan die van andere producten. De stijging is dubbel zo hoog als het algemene inflatiecijfer, dat op 8 procent staat ten opzichte van vorig jaar.
Speculatie
Naast de geldontwaarding speelt ook de oorlog in Oekraïne een rol. Niet alleen graan was - door de Russische blokkades van Oekraïense havens - fors duurder geworden. Ook de energiekosten gingen de voorbije maanden sterk de hoogte in. De pasta die nu in de rekken ligt, is geproduceerd op het moment dat de kosten het zwaarst waren. En dus zullen ze binnenkort vanzelf weer gaan dalen, sussen de producenten.
Maar consumentenverenigingen nemen met die uitleg geen genoegen. Zij vermoeden dat er op de financiële markten gespeculeerd is op de stijgende prijzen van pasta. Om dat uit te sluiten heeft minister van Economische Ontwikkeling Adolfo Urso nu het crisisberaad georganiseerd.
Een van de zaken die op tafel liggen, is de mogelijkheid om de Guardia di Finanza, de financiële politie in Italië, controles te laten uitoefenen, hetzij bij de pastaproducenten, hetzij bij investeringsmaatschappijen, om te achterhalen of er daadwerkelijk sprake is van speculatie.
Afleidingsmanoeuvre
Dat de regering de kwestie zo hoog op de agenda zet, gebeurt om twee redenen. "Enerzijds is er de symbolische betekenis", duidt correspondente in Italië Heleen D'Haens in "De wereld vandaag".
"De regering van premier Giorgia Meloni is een uiterst rechtse, nationalistische regering, die heel veel trots haalt uit het nationalistische beeld van Italië. Gastro-nationalisme kun je dit noemen: ze nemen dit heel hoog op".
Anderzijds, zegt D'Haens, moet dit spoedoverleg ook worden gezien als een afleidingsmanoeuvre van een regering die op andere domeinen weinig gedaan krijgt. "De regering zit in woelig vaarwater: denk aan de migratiecrisis die maar niet opgelost raakt, aan een recessie die maar ternauwernood is vermeden, maar waarvan het gevaar nog niet is geweken. Het zijn problemen waarvoor de regering op dit moment niet echt antwoord heeft".
Dit pasta-overleg en deze pastapaniek moet volgens D'Haens dan ook deels in die context worden zien. "Als je niet veel gedaan krijgt, maar je maakt de prijs van pasta lager, dan zal geen enkele Italiaan daar tegen zijn."
Pastapaniek in Italië: "In Firenze is de pasta 50% duurder geworden"
