In West-Vlaanderen krijgen opvallend meer mannen te horen dat ze prostaatkanker hebben dan in andere provincies. In de stad Luik zijn dan weer opvallend minder diagnoses. Dat blijkt uit cijfers van de Stichting Kankerregister, die vandaag ook in het wetenschapsmagazine Eos verschijnen. Wat is er aan de hand?
Opvallend meer prostaatkankers vastgesteld in West-Vlaanderen: wat is er aan de hand?
Volgens de meest recente cijfers kregen in 2020 9.706 mannen te horen dat ze prostaatkanker hebben. Het is daarmee de meest voorkomende kanker bij mannen in ons land. De belangrijkste risicofactor is leeftijd. Maar speelt ook de woonplaats een rol?
Stichting Kankerregister verwerkte de cijfers van alle nieuwe kankerdiagnoses tussen 2016 en 2020 en maakte ook kaartjes waarop te zien is waar welk type kanker het meest voorkomt. Daarop is te zien dat er opvallend meer prostaatkanker wordt vastgesteld in West-Vlaanderen.
De meest voor de hand liggende verklaring zou zijn dat de inwoners van West-Vlaanderen gemiddeld wat ouder zijn en dus meer risico lopen op (prostaat)kanker. Maar de kaarten zijn gestandaardiseerd voor leeftijd. Het effect van leeftijdsverschillen is dus weggenomen.
"Vermoedelijk is er in West-Vlaanderen wat meer bewustzijn rond prostaatkanker, waardoor er meer naar gezocht wordt bij patiënten", zegt uroloog Wouter Everaerts (UZ Leuven).
"Er zijn wat meer mediacampagnes rond prostaatkanker in West-Vlaanderen, er is ook een actieve patiëntenvereniging... Dat kan ertoe leiden dat artsen sneller geneigd zijn om een screeningsonderzoek aan te bieden en dat patiënten daar meer op ingaan of dat patiënten er sneller zelf om vragen."
Uroloog Wim Van Haute van het AZ Delta ziet nog een andere mogelijke verklaring. "Misschien zijn er in West-Vlaanderen wat meer inwoners bij wie prostaatkanker in de familie zit. Want naast leeftijd speelt ook erfelijkheid een belangrijke rol. In elk geval: er zijn voor prostaatkanker geen omgevingsfactoren gekend die het risico kunnen verhogen."
Volgens de Stichting Kankerregister werden er tot enkele jaren geleden effectief duidelijk meer PSA-tests uitgevoerd in West-Vlaanderen. Een PSA-test is een bloedtest die prostaatkanker kan opsporen. "Maar door wijzigingen in de terugbetaling van deze tests zijn meer actuele cijfers over terugbetaalde PSA-tests niet betrouwbaar", zegt onderzoeker Bart Van Gool van Stichting Kankerregister.
Meer screenen lijkt dus de meest aannemelijke verklaring te zijn voor meer diagnoses. Het zegt niet noodzakelijk iets over het echte risico op prostaatkanker.
In Luik en in de linkse cirkel in Brussel worden dan weer veel minder prostaatkankers vastgesteld. Dat kan volgens professor Everaerts te maken hebben met een lagere sociaal-economische status van de inwoners.
"Hoe lager de socio-economische status, hoe minder snel patiënten naar de huisarts stappen en hoe minder snel men in aanraking komt met preventieve opsporingstests. Maar we kunnen niet uitsluiten dat er nog andere verklaringen zijn die we vandaag nog niet kennen."
De prostaat en prostaatkanker?
De prostaat is een klier van de mannelijke geslachtsorganen die het vocht produceert waar de zaadcellen in zwemmen. Bij prostaatkanker vormen zich kwaadaardige cellen in het weefsel van de prostaat.
Prostaatkanker ontstaat bijna altijd na de leeftijd van 60 jaar. De overgrote meerderheid van de mannen met prostaatkanker heeft geen klachten. Meestal blijft de ziekte jarenlang volledig onopgemerkt. Prostaatkankercellen kunnen zich wel verspreiden via het lymfestelsel of via het bloed en zo uitzaaien, bijvoorbeeld in de lymfeklieren en het bot.
Bij oudere mannen kan de prostaat ook goedaardig vergroot zijn en klachten geven, zoals problemen met het plassen.
Is het zinvol om prostaatkanker op te sporen?
Het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) beveelt geen systematische screening op prostaatkanker aan in ons land. Eén van de argumenten is dat de PSA-testen niet 100 procent betrouwbaar zijn. Een positieve bloedtest betekent niet automatisch dat er een tumor is. En omgekeerd betekent een negatieve uitslag niet dat er geen prostaatkanker is.
Uit studies blijkt dat als 1.000 mannen zich geregeld zouden laten screenen er vermoedelijk 2 zijn die binnen de 15 jaar een overlijden door prostaatkanker vermijden. Er zijn dus mogelijk meer nadelen dan voordelen, redeneert het KCE.
"Prostaatkanker evolueert meestal zeer traag. Uit autopsieën blijkt dat vele oudere mannen deze aandoening hebben tot het einde van hun dagen, zonder dit te weten en zonder er enige hinder van te ondervinden", zo staat te lezen op de website van het KCE.
"Zo hebben van de 80-plussers meer dan 4 mannen op 10 prostaatkanker, zonder enig symptoom. Bij actieve opsporing waren deze mannen nodeloos behandeld geweest, met alle hinderlijke bijwerkingen zoals incontinentie en impotentie (urineverlies en erectiestoornissen, red.)."
Ook professor Van Haute is geen voorstander van systematisch screenen op prostaatkanker. Maar hij ziet wel voordelen voor sommige patiënten. "Bij mannen waar prostaatkanker in de familie zit, is er geen enkele twijfel. Zij lopen 2 tot 3 keer meer kans op prostaatkanker. Voor hen is het absoluut zinvol om zich te laten onderzoeken. Screening heeft wel zeker nut, maar dan enkel bij goed geïnformeerde patiënten."
Professor Everaerts sluit zich daarbij aan: "Vroegtijdig prostaatkanker opsporen heeft beperkte voordelen, want je kan uitzaaiingen voorkomen, maar er zijn ook bijwerkingen. De verschillende voor- en nadelen zullen met elke patiënt moeten worden besproken."
Meer lezen? Wetenschapsmagazine Eos gaat dieper in op verschillende andere kankers, zoals longkanker, dikkedarmkanker en huidkanker, waar in ons land die meer of minder voorkomen en hoe dat komt. Lees het artikel hier .
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen


