Steeds meer leerlingen krijgen onderwijs thuis. Dat blijkt uit cijfers opgevraagd door CD&V-parlementslid Loes Vandromme. Bij kinderen in het middelbaar onderwijs gaat het om een verdubbeling in vijf jaar tijd. In het basisonderwijs is er zelfs sprake van bijna een verdrievoudiging. "De meeste ouders geven thuisonderwijs omdat hun kind zijn of haar plaats niet vindt op een gewone school", zegt Liesje Vanhoeck, voorzitter van de koepel van thuisonderwijzers.
Thuisonderwijs is steeds populairder: aantal leerlingen in vijf jaar tijd bijna verdrievoudigd
In ons land bestaat er geen schoolplicht, maar wel een leerplicht, en steeds meer ouders kiezen er ook voor om hun kind thuis onderwijs aan te bieden. Ze moeten dat dan melden aan het Loket Huisonderwijs.
Thuisonderwijs kan via een privéleerkracht of zelf. Het is een trend die voor het eerst werd opgemerkt tijdens de coronacrisis. Toen werden veel klassen en scholen verplicht gesloten of waren kinderen verplicht een mondmasker te dragen. Ouders kozen er dan voor om hun kind thuisonderwijs te geven.
Een trend die zich in anno 2023 nog steeds voortzet, blijkt uit recente cijfers. In het basisonderwijs krijgen 1.148 kinderen thuisonderwijs. Dat is een stijging van 177 procent in vergelijking met vijf jaar geleden. In het middelbaar onderwijs gaat het dan weer om 1.400 leerlingen, een verdubbeling in vergelijking met vijf jaar geleden. Uit de cijfers blijkt ook dat de opmars zich vooral voordoet in landelijk Vlaanderen, minder in de centrumsteden.
Voor een deel is die stijging te verklaren door de verlaging van de leerplicht van 6 naar 5 jaar, maar dat kan volgens CD&V-parlementslid Loes Vandromme niet de enige verklaring zijn. Ze roept dan ook op tot meer onderzoek, want het "is zeer leerrijk om te zien wat verschillende pijnpunten zijn in ons huidig onderwijssysteem. Waarom kiezen ouders ervoor hun kinderen huisonderwijs te geven?"
De meeste ouders beginnen eraan omdat hun kind zijn of haar plaats niet vindt op een reguliere school
Liesje Vanhoeck, voorzitter koepel van thuisonderwijzers
Vandromme heeft tijdens de coronacrisis zelf gesproken met enkele ouders die hun kinderen thuisonderwijs geven. "Toen was het vaak omdat hun kinderen op school te veel prikkels kregen. Sommige zaken verliepen ook niet altijd al te vlot. Het was vaak vanuit de intentie om hun kind net goed onderwijs te bieden."
Ook vanuit de koepel voor thuisonderwijzers, die 280 gezinnen als lid heeft, zien ze dat als grootste reden van ouders om hun kind thuis te onderwijzen. "De meeste mensen beginnen eraan omdat hun kind een diagnose heeft gekregen van hoogbegaafdheid of ASS en zijn of haar plaats niet vindt op een reguliere school", zegt voorzitter Liesje Vanhoeck.
Vanhoeck geeft ook zelf thuis les aan haar twee kinderen, Oscar (13) en Otis (9). Ze is ermee gestart toen het gezin even naar het buitenland verhuisde voor het werk. Bij terugkomst hebben ze het thuisonderwijs gewoon voortgezet. "Voor ons gezin werkt dit goed. Thuisonderwijs is momenteel voor ons de beste optie, maar wie weet denk ik daar volgend jaar anders over en vind ik een school de beste optie."
Controles en slaagcijfers
Thuisonderwijs vergt heel wat voorbereiding, zegt Vanhoeck. "Je moet je echt inlezen in alles, in de eindtermen. Je moet de handleidingen van methodes doornemen. Je bent constant bij hen en in het weekend bereid je ook nog de lessen voor."
Je bent de hele dag bezig met de kinderen en in het weekend moet je nog eens de lessen voorbereiden
De kwaliteit moet dan ook goed genoeg zijn en de vastgelegde leerdoelen moeten behaald worden, meent parlementslid Vandromme. Er worden dan ook steeds meer inspecties gehouden. Vorig jaar waren dat er 739, een verdubbeling van het jaar voordien (301). "Goed onderwijs vind ik uiteraard belangrijk", aldus Vandromme. "Het is dan ook belangrijk dat de nodige inspecties worden uitgevoerd."
Die doelstellingen moeten zich dan ook omzetten in examenresultaten. Kinderen die thuisonderwijs volgen, moeten zich op bepaalde momenten aanbieden bij de Vlaamse Examencommissie. "We zien dat in het schooljaar 2021-2022 73 procent van de leerlingen in het basisonderwijs slaagt", zegt Vandromme.
Bij de kinderen van Vanhoeck loopt dat naar eigen zeggen alleszins vlot. "Mijn zoon heeft vlot zijn getuigschrift lagere school gehaald. En nu doet hij examens van de examencommissie. Maandelijks gaan wij dan naar Brussel om een examen af te leggen en dat gaat eigenlijk ook heel vlot."



