Maar liefst 577 homeruns die sinds 2010 werden geslagen in de Amerikaanse Major League Baseball, zouden géén homerun zijn geworden in een wereld zonder klimaatverandering. Dat ontdekte een Amerikaans team van geografen, ecologen en klimaatfysici. Dat komt doordat de luchtdichtheid van warme lucht lager ligt, waardoor ballen verder vliegen. Tegen het einde van de eeuw zouden er op die manier elk seizoen tot 467 extra homeruns kunnen bijkomen.
We spoelen even elf jaar terug, naar het jaar 2012. Tijdens een baseballwedstrijd gooit de (intussen overleden) sportcommentator en ex-baseballer Tim McCarver een balletje op. "Volgens mij zal ooit bewezen worden dat de lucht nu dunner is door de klimaatverandering, en dat dat een van de redenen is waarom ballen veel verder vliegen dan ik mij herinner."
Vergezocht, zeg je? Toch was McCarver niet de eerste die die theorie lanceerde. Enkele jaren voor hem had een fysicaprofessor op rust van de universiteit van Yale al eens de rekensom gemaakt . Hij besloot dat er voor elke graad Celsius 1 foot (30 centimeter) bijkomt bij een slag van 400 feet ver (122 meter). Dat zou de kans op een homerun doen stijgen met 1,75 procent.
100.000 wedstrijden en 220.000 ballen
Terug naar vandaag. Al sinds de jaren tachtig stijgt het aantal homeruns per seizoen, en tussen 2015 en 2019 zelfs spectaculair. Waar dat aan kan liggen? Baseballfans en sportanalisten breken zich er het hoofd over. Want die stijging heeft grote gevolgen voor de sport, van de strategie die teams gebruiken tot de loonbriefjes van de vedetten die veel homeruns slaan.
Homeruns zijn nu eenmaal het meest populaire onderdeel van het spelletje. Mensen kopen een ticket om een baseballer de bal uit het stadion te zien slaan, en om hem toe te juichen terwijl hij nadien alle honken rondt.
Daarom besloot een team van geografen, ecologen en klimaatfysici de theorie van McCarver na te rekenen. Ze dachten dat er misschien wel iets van kon kloppen. De lucht in onze atmosfeer is nu eenmaal gas en hoe warmer een gas, hoe lager de dichtheid. Denk maar aan aardgas, dat we (omgekeerd dan) heel sterk afkoelen om er vloeibaar LNG van te maken. Bovendien loopt de stijging van het aantal homeruns opmerkelijk gelijk met de gemiddelde stijging van de temperatuur op de Amerikaanse baseballvelden de afgelopen jaren.
Maar correlatie is natuurlijk geen causaliteit. Het is niet omdat beide fenomenen tegelijk voorkomen, dat het ene per se het gevolg is van het andere. Daarom analyseerden de wetenschappers maar liefst 100.000 baseballwedstrijden tussen 1962 en 2019. En omdat ze niet hielden van half werk (of omdat ze net erg veel houden van baseball), bekeken ze ook nog eens 220.000 slagen tussen 2015 en 2019. Ze berekenden het aantal homeruns in functie van de temperatuur op het veld, corrigeerden die gegevens voor variaties door de seizoenen en de locatie van de stadions, en legden de resultaten vervolgens naast de klimaatmodellen.
Minder impact 's avonds
In het Bulletin of American Meteorological Society doen ze het resultaat van al dat werk uit de doeken. Wat blijkt: op wedstrijddagen komt 1 graad Celsius extra overeen met 1,96 procent méér kans op een homerun. Dat ligt dus dicht bij wat hun voorganger, de professor van Yale, in het begin van de jaren 2000 berekende.
De wetenschappers merken zelf op dat er ook andere factoren zouden kunnen spelen dan de luchtdichtheid. Misschien is die temperatuurstijging toeval, en trainen baseballers tegenwoordig gewoon beter, en spelen ze met beter materiaal dan in 1962? Of misschien hebben de werpers meer last van de warmte, waardoor ze gemakkelijkere balletjes werpen voor de slagman die een homerun slaat?
Oké, allemaal waar, maar dat verklaart enkele opmerkelijke vaststellingen niet. Zo worden er opvallend meer homeruns geslagen in de vroege namiddag, wanneer het het warmst wordt. Tijdens avondwedstrijden is het verschil minder groot. Het verschil deed zich voor bij alle wedstrijden in open lucht, maar bijna niet in gesloten stadions. Regen en luchtvochtigheid leken geen noemenswaardig effect te hebben, en zowel uit- als thuisploegen sloegen meer homeruns bij hogere temperaturen.
En wat de werpers betreft: de onderzoekers splitsten hun model nog eens op voor luchttemperatuur én luchtdichtheid. De warmte op zich bleek geen groot effect te hebben, de luchtdichtheid wél.
Tot 467 extra homeruns per jaar in 2100
Alles lijkt er dus op te wijzen dat het wel degelijk de lagere luchtdichtheid is die ervoor zorgt dat ballen verder vliegen naarmate de aarde opwarmt. De onderzoekers gaan zelfs zover dat ze 577 homeruns die sinds 2010 zijn geslagen, toewijzen aan de klimaatopwarming.
In de toekomst zullen er daar nog vele honderden bijkomen, zeggen ze. Afhankelijk van hoe goed we erin slagen de uitstoot van broeikasgassen te beperken, gaat het over 130 tot 467 homeruns extra per jaar tegen 2100. Dat zijn er véél. Ter vergelijking: de onverklaarbare surge tussen 2015 en 2019 komt op 350 extra homeruns per jaar.
Tenminste, als de Major League Baseball, de Amerikaanse baseballbond zeg maar, niets verandert aan de wedstrijdomstandigheden. Je zou bijvoorbeeld de stadions kunnen overkoepelen, of namiddagwedstrijden doorschuiven naar de avond. Dat zou de impact van de klimaatverandering op de sport verminderen.
Goed, erkennen de wetenschappers nog, de klimaatverandering is niet de enige factor die inwerkt op het baseball. De manier waarop de ballen gestikt zijn, heeft bijvoorbeeld een nog groter effect op het aantal homeruns.
Toch, zo besluiten ze, "tonen onze bevindingen de verschillende manieren aan waarop een opwarmende planeet onze levens zal veranderen. Aan sommige zullen we ons gemakkelijk kunnen aanpassen, zoals in dit geval, maar aan andere niet. (...) De opwarming van de aarde zal de armsten en meest kwetsbaren onder ons blijven treffen, maar onze resultaten tonen dat zelfs de industrie van de elitesport, met zijn miljarden dollars, kwetsbaar is".

