In Boutersem is ex-wielrenner Georges Claes postuum ingehuldigd als ereburger. Claes won Parijs-Roubaix twee keer, in 1946 en 1947. "Daarvoor moet je echt van tropisch hardhout gesneden zijn."
Tweevoudig winnaar van Parijs-Roubaix Georges Claes ingehuldigd als ereburger van Boutersem
Een aangrijpend moment voor de familie van Georges Claes: 29 jaar na zijn dood wordt de tweevoudige winnaar van Parijs-Roubaix ingehuldigd als ereburger van Boutersem. "Eerst was ik verrast, maar hij verdient dit wel", vertelt zijn zoon Georges Claes junior. "Mijn vader is profwielrenner geworden in 1939, bij het begin van de Tweede Wereldoorlog. Hij was ook nog eens een jaar lang soldaat in Ierland. Daardoor is hij vijf van zijn beste jaren verloren. Hij heeft ook wel echt een indrukwekkend palmares, hij won elk jaar tien of twaalf wedstrijden bij de profs."
Ook wielercommentator Michel Wuyts bracht vandaag hulde aan de ex-wielrenner. "Ik ben een streekgenoot van Georges Claes", zo vertelt Wuyts. "Zijn ouders hadden vroeger een café in Lovenjoel, waar ik zelf lang heb gewoond. Mijn moeder sprak wel eens met vonkjes in haar ogen over de jonge Georges Claes, die de allures had van een filmster en haar ten dans had gevraagd op de kermis."
Georges Claes won Parijs-Roubaix twee jaar na elkaar, in 1946 en 1947. In 1948 werd hij derde. "Als je weet dat Tom Boonen en Roger De Vlaeminck vier keer gewonnen hebben, dan spreek je over absolute kanjers. Eigenlijk is Parijs-Roubaix een afbraakmodel, je moet daar een paar weken van herstellen. Om dat twee keer na elkaar te winnen, daarvoor moet je echt van tropisch hardhout gesneden zijn. Het is heel bijzonder dat je zo iemand in je eigen streek hebt."
Overlevingstocht
Zondag staat de 120e editie van Parijs-Roubaix op het programma. "Dan moet ik vaak weer aan mijn vader en zijn verhalen denken", vertelt Georges Claes junior. "In die tijd moesten ze zelf nog een hotel zoeken in Parijs en met hun fiets naar de inschrijving gaan. Dat was geen luxe en je verdiende er ook niet veel mee."
"Of hoe hij suiker bij zich had tijdens het fietsen", gaat hij verder. "Maar dan regende het de hele dag en was de helft van de suiker al weggesmolten."
"In 1946 werd Parijs-Roubaix gereden tussen de kraters", vertelt ook Michel Wuyts. "Frankrijk was een gigantisch oorlogsterrein, met honderdduizenden slachtoffers. Tussen de loopgraven en over verhakkelde wegen, daar moest het gebeuren. Nu rijden er ook maar 175 renners mee, toen waren dat er nog meer dan 200. En het ploegenspel bestond nog niet zoals nu. Iedereen reed voor zichzelf, het was een overlevingstocht van bij de start."
Na zijn wielercarrière opende Georges Claes een café in Kerkom, met de toepasselijke naam 'Parijs-Roubaix'. Hij overleed in 1994, op 74-jarige leeftijd.
Regionaal nieuws uit Brussel en Vlaams-Brabant


