Het verhoor van de beschuldigden op het terrorismeproces in Brussel gaat vandaag over de aanslag op Zaventem, waarbij 16 doden vielen. De meeste vragen zijn voor de overlevende terrorist, Mohamed Abrini.
Mohamed Abrini: "Toen ik vrouwen en kinderen zag op de luchthaven, heb ik me omgedraaid en ben ik weggegaan"
Op 22 maart 2016 zijn de terroristen al vroeg wakker in hun appartement in de Max Roosstraat in Schaarbeek. Rond halfzeven bellen ze een taxi om hen naar de luchthaven te brengen. "Het moest een grote taxi zijn, om de drie tassen met explosieven te vervoeren", vertelt Mohamed Abrini. De "man met het hoedje", zegt dat hij dan al weet dat hij zich niet zal opblazen op de luchthaven.
"Mensen denken dat het er rustig aan toe ging zo net voor een aanslag, maar het ging allemaal heel snel. Het oorspronkelijke plan was om een aanslag te plegen in Parijs. Maar toen Salah Abdeslam en Sofien Ayari gearresteerd werden op 18 maart, moest het snel gaan. Ik wist al dat ik niet wilde deelnemen aan een aanslag in Parijs, en ik wist die ochtend van 22 maart ook dat ik me niet zou opblazen."
"Burgers doden is anders dan doden in oorlogsgebied"
Abrini vertelde tijdens het proces in Parijs al dat het oorspronkelijk de bedoeling was dat hij ook zou deelnemen aan de aanslagen op terrassen in het centrum van Parijs, maar dat hij uiteindelijk weigerde, omdat hij geen burgers wilde doden. Dat herhaalde hij vanmorgen: "Ik heb er geen probleem mee om te doden in oorlogsgebied. De strijd van IS om een kalifaat op te richten, vond ik gerechtvaardigd. Maar burgers zijn twee keer slachtoffer: van de politiek van de westerse landen in het Midden-Oosten, en van de politiek van IS in Europa. Er zijn ook andere veteranen van de jihad, die jarenlang gevochten hebben in oorlogsgebied, maar die zullen weigeren om een aanslag te plegen in Europa." Abrini zei dat hij al sinds de aanslagen in Parijs, op 13 november 2015, wilde terugkeren naar Syrië.
In de taxi op weg naar de luchthaven was Abrini naar eigen zeggen behoorlijk bang. "We reden geregeld door een put, en werden door elkaar geschud. We wisten hoe instabiel de TATP-springstof was, en dat die bij elke schok kon ontploffen. Intussen zat hij na te denken hoe hij tegen zijn medeterroristen Najim Laachraoui en Ibrahim El Bakraoui moest zeggen dat hij zich niet wilde opblazen. Rond halfacht kwamen ze aan op Zaventem. Daar gingen ze eerst nog een koffie en twee flesjes water kopen bij broodjeszaak Délifrance. "Waarom bliezen jullie je niet meteen op?" wilde de voorzitster weten. "Er stonden nog niet genoeg mensen aan te schuiven in de rijen waar we ons zouden opblazen."
Misschien moest ik me als eerste opblazen, omdat ze voelden dat ik aarzelde
Mohamed Abrini, beschuldigde
Volgens Abrini kreeg hij de opdracht om zich als eerste op te blazen, aan de rij mensen die stond aan te schuiven om naar de Verenigde Staten te vliegen. De anderen zouden daarna volgen. "Misschien moest ik als eerste, omdat ze voelden dat ik aarzelde. Maar toen zag ik vanuit de verte dat er vrouwen en kinderen stonden aan te schuiven. En toen heb ik me omgedraaid, en hen gezegd dat ik het niet zou doen."
Daarop neemt Ibrahim El Bakraoui zijn plaats in bij de rij naar de Verenigde Staten. Op camerabeelden is te zien hoe Najim Laachraoui nog even met Abrini spreekt. "Ik weet niet meer precies wat hij toen zei. Hij probeerde me nog te overtuigen om het toch te doen."
Hoe wisten de terroristen welke rijen ze moesten uitkiezen? Volgens het parket kregen ze informatie van Ali El Haddad Asufi, die op de luchthaven werkte en enkele terroristen kende. Hijzelf werd vanmorgen ook verhoord, maar ontkende elke betrokkenheid. Al moest hij wel toegeven dat hij tegen de politie verzweeg dat hij twee onderduikadressen van de groep kende. Maar hij zag dat niet als een teken dat hij op de hoogte was van de aanslagen: "Ibrahim El Bakraoui had me die adressen misschien gegeven, net omdat ik niets van de terreurgroep afwist." Hij gaf ook toe dat hij een USB-stick met daarop het testament van Ibrahim El Bakraoui voor de politie probeerde te verbergen.
Salah Abdeslam herhaalde dan weer dat hij niets afwist van de plannen om aanslagen te plegen in Brussel en Zaventem.
Geen drie, maar vier bommen
Wat ook te zien is op de camerabeelden, is dat Ibrahim El Bakraoui behalve de sportzak met explosieven ook een rugzak bij zich heeft. Waarvoor was dat, wil de voorzitster weten. "Daar zat nog een tweede bom in", legt Abrini uit. "We hadden allemaal een sporttas met 30 kilogram TATP, en Ibrahim had nog een hogedrukkookpot met 20 kilogram TATP in zijn rugzak."
Om 7.58u blaast niet Mohamed Abrini, maar Ibrahim El Bakraoui zich dus op. "Wat dacht u toen?" "Ik voelde de schokgolf en de hitte van de explosie. Mijn linkerbeen begon te trillen, omdat ik met mijn linkerkant naar de explosie gericht stond. Het was heel krachtig. Ook in mijn oren was de impact groot. Natuurlijk was ik ook bang." "Was u bang voor de tweede explosie, of bang om gepakt te worden?" Daarop antwoordt Abrini niet echt. Hij schuilt naast een lage afsluiting en houdt zijn handen op zijn oren, tot de tweede explosie. Dan vlucht hij weg.
"Waarom hebt u eigenlijk uw eigen bom niet onschadelijk gemaakt voor u wegvluchtte?" "Najim Laachraoui had me uitgelegd hoe instabiel de springstof was. Als ik de sportzak openmaakte, bestond het risico dat de bom meteen zou ontploffen." Uiteindelijk maakte ontmijningsdienst DOVO de bom van Abrini na de middag onschadelijk.
Bom in Maalbeek per ongeluk ontploft?
Omdat de springstof zo instabiel was, en makkelijk kon ontploffen, denkt Abrini dat de bom die in de metro ontplofte, niet voor station Maalbeek bedoeld was. "Op de bewakingsbeelden is te zien dat Khalid El Bakraoui er moeite mee heeft dat de zak zo zwaar is. Hij beweegt voortdurend. Ik denk niet dat hij op de knop duwde. De ontploffing moet het gevolg zijn van een foute beweging. Het is bizar dat de ontploffing toen gebeurde, vlak na het vertrek." Al blijft dat natuurlijk speculeren, want Abrini was er niet bij en weet niet zeker wat er in Maalbeek gebeurd is.
Regionaal nieuws uit Brussel en Vlaams-Brabant



