Afgelopen vrijdag zagen meerdere mensen in de Amerikaanse staat Californië heldere, snel voorbij zoevende lichtstrepen aan de nachtelijke hemel. Voer voor speculatie, maar het mysterie werd snel opgelost. Het ging om een stuk ruimte-afval dat in onze atmosfeer was beland en opbrandde. En hoewel dat spectaculair oogt, is het niet helemaal onschuldig.
"Mysterieuze lichtstrepen" aan de hemel: een mooi plaatje, maar ook een probleem
Inwoners van Sacramento, in de Amerikaanse staat Californië, keken afgelopen vrijdagnacht vreemd op. Letterlijk. Aan de nachtelijke hemel vlogen heldere lichtstrepen voorbij. Op sociale media werden beelden ervan gedeeld, uiteraard met de nodige commentaar. Jaime Hernandez, medewerker van King Cong Brewing Company in Sacramento, postte een filmpje op Instagram. "Wat denken jullie jongens, ufo's?". Maar ook "Transformers", asteroïden en buitenaardse wezens passeerden de revue.
Wie kan het raadsel oplossen, vroeg Hernandez zich af. Het antwoord kwam van Jonathan McDowell. Hij is astronoom (sterrenkundige) aan het Harvard Smithsonian Center for Astrophysics in Cambridge, Massachusetts. Hij is er "99,9 procent" zeker van dat het om opgebrand ruimte-afval gaat.
Duizelingwekkende snelheid
McDowell weet zelfs over welk stuk ruimte-afval het gaat: een Japans communicatiesysteem dat vroeger deel was van het Internationaal Ruimtestation (ISS). Het systeem stuurde signalen naar een satelliet en vervolgens naar de aarde. In 2017 werd die satelliet buiten werking gesteld, het communicatiesysteem had geen nut meer. In 2020 koppelde het ISS het systeem los omdat het kostbare plaats innam. En het zou toch volledig opbranden eens het terug in de atmosfeer zou belanden.
Sindsdien zweefde het systeem, 310 kilogram zwaar, als afval door de ruimte. Zijn baan werd de voorbije drie jaar steeds kleiner, tot het systeem laag genoeg kwam om uiteindelijk in kleinere stukken te breken en op te branden. En dat is wat veel mensen vrijdag volgens McDowell zagen.
McDowell schat dat het object op een hoogte van ongeveer 60 kilometer vloog, aan een duizelingwekkende snelheid van ruim 27.300 kilometer per uur. "Wat je ziet zijn eigenlijk heel kleine objectjes die zich zeer snel bewegen en zeer veel energie vrijgeven, heel hoog in de lucht", zegt hij in de krant The New York Times .
Ongecontroleerd
De apparatuur kwam ongecontroleerd naar beneden, wat betekent dat experts niet exact kunnen voorspellen waar het zal terechtkomen. Er bestaat ook zoiets als een gecontroleerde terugkeer naar de aarde, en dan is dat wel mogelijk. Hier dus niet. McDowell vermoedt dat de brokstukken ergens in de buurt van Yosemite National Park terechtgekomen zijn.
De U.S. Space Force, het onderdeel van het Amerikaanse leger dat zich bezighoudt met defensie in de ruimte, heeft intussen bevestigd dat het communicatiesysteem weer in de atmosfeer beland is. De timing komt overeen met wat mensen vrijdag in de lucht zagen.
Pact ter bescherming van de ruimte
In het heelal zweeft onnoemelijk veel ruimte-afval rond. Kleine en grote brokstukken van kapotte en buiten werking gestelde satellieten, afval dat vrijkomt bij lanceringen, materiaal dat wordt achtergelaten na missies of onderzoek... Ze zweven rond tot ze geleidelijk aan uit elkaar vallen en kunnen opbranden in de atmosfeer.
Ruimte-afval kan mooie plaatjes opleveren, maar ook grote problemen. Denk aan botsingen met andere ruimte-objecten en verstoring van signalen tussen satellieten en de aarde. Maar er is meer. Bij de terugkeer naar de aarde worden de bovenste lagen van de atmosfeer vervuild. Bovendien vervuilt het ook oceanen en land en kan het zelfs mensen verwonden, hoewel dat laatste weinig gebeurt.
Vorige week werd een internationaal pact voor de bescherming van oceanen afgesloten. Ruimte- en oceaanwetenschappers riepen in navolging daarvan op tot een internationaal pact voor de bescherming van de ruimte. In een open brief in het wetenschappelijke tijdschrift Science vragen ze bindende afspraken om ervoor te zorgen dat de baan rond de aarde gevrijwaard blijft van een groeiende berg ruimte-afval.
"De voorspelde groei van de ruimte-industrie kan grote delen van de lage baan om de aarde (de LEO, de Low Earth Orbit, tussen 60 en 1.000 kilometer boven de aarde, red) onbruikbaar maken. Wie satellieten lanceert, moet verantwoordelijk worden gehouden voor het afval dat ze creëren", klinkt het.
"Gemiddeld meer dan 12 satellieten per week"
Moriba Jah, professor en ingenieur in ruimtewetenschap en mechanica aan de University of Texas in Austin, is een van de initiatiefnemers. Hij volgt met zijn systemen 48.000 van de grotere door mensen gemaakte objecten in het heelal. Gaande van objecten ter grootte van een gsm tot het ISS. Geschat wordt dat er zowat een miljoen objecten groter dan een centimeter rondzwerven, naast zo'n 128 miljoen kleinere objecten.
Slechts 10 procent van de objecten die Jah volgt, is functioneel, de rest is rommel.
"We doen het niet rustiger aan met het lanceren van objecten naar de ruimte", zegt hij in The New York Times . "Ik herinner me dat een druk jaar vroeger een lancering per maand betekende. Gemiddeld lanceren we nu meer dan 12 satellieten per week."


